4 Verbintenissen
Tussen personen kunnen er wederzijds rechten en plichten ontstaan, die betrekking
hebben op een prestatie. Een verbintenis is een rechtsband waarbij 1 of meer personen
jegens 1 of meer personen gehouden zijn iet te geven, doen of laten. (vorderingsrecht)
De personen die recht hebben op een prestatie van anderen (schuldeiser) en personen
die een plicht hebben een prestatie tegenover anderen te leveren (schuldenaar). Derden
zijn personen die buiten de juridische relatie staan. Terwijl het aantal zakelijke rechten
limitatief beperkt is, kunnen de vorderingsrechten en verbintenisrechten in beginsel in
een onbeperkte variëteit ontstaan en voorkomen.
4.1 Soorten verbintenissen
4.1.1 Voorwaardelijke verbintenissen
De uitvoering of de uitdoving van verbintenissen kan afhankelijk zijn een voorwaarde.
Een voorwaarde is een toekomstige en onzekere gebeurtenis.
A. Opschortende voorwaarde
- de uitvoering van verbintenissen wordt afhankelijk gesteld van een toekomstige en
onzekere gebeurtenis
B. Ontbindende voorwaarde
- de verbintenis gaat teniet bij haar vervulling en de verbintenis verdwijnt met
terugwerkende kracht.
C. Potestatieve voorwaarde
- de realisatie van de toekomstige en onzekere gebeurtenis is afhankelijk van de
wil van de schuldenaar.
- gemengd potestatieve voorwaarde: als de uitvoering van een verbintenis afhankelijk
is van de wilstuiting van de schuldenaar, gekoppeld aan een gebeurtenis.
4.1.2 Verbintenissen met tijdsbepaling
een verbintenis waarvan de uitvoering of de uitdoving afhankelijk is van een
toekomstige en zekere gebeurtenis. Niet het ogenblik van de gebeurtenis moet
vaststaan maar wel de verwezenlijking van de gebeurtenis.
bij opschortende tijdsbepaling dient de verbintenis pas te worden uitgevoerd na een
zekere termijn of gebeurtenis.
bij ontbindende tijdsbepaling dooft de verbintenis uit na een zekere termijn of
gebeurtenis.
4.1.3 Verbintenissen gebonden aan de persoon (inuitu personae)
- de persoon zelf en diens hoedanigheden zijn van doorslaggevend belang voor de
andere partij om de overeenkomst te sluiten.
- verbintenis dooft uit bij het overlijden van de persoon
4.1.4 Splitbare verbintenissen
- in sommige gevallen zijn verschillende personen schuldeiser of schuldenaar
van eenzelfde verbintenis en is de schuld splitsbaar.
4.1.5 Hoofdelijke verbintenissen
- hierbij kan elke schuldeiser de totale uitvoering van de verbintenissen eisen elke
schuldenaar afzonderlijk. De schuldenaar zal dan zelf moeten zorgen voor de
terugvordering jegens zijn medeschuldenaars.
- nevengevolgen: het stuiten van de verjaring tegenover 1 schuldenaar doet de
verjaring ook stuiten tegenover de andere hoofdelijke medeschuldenaars, de
aanmaning van 1 schuldenaar geldt tegenover de andere hoofdelijke medeschulde-
Tussen personen kunnen er wederzijds rechten en plichten ontstaan, die betrekking
hebben op een prestatie. Een verbintenis is een rechtsband waarbij 1 of meer personen
jegens 1 of meer personen gehouden zijn iet te geven, doen of laten. (vorderingsrecht)
De personen die recht hebben op een prestatie van anderen (schuldeiser) en personen
die een plicht hebben een prestatie tegenover anderen te leveren (schuldenaar). Derden
zijn personen die buiten de juridische relatie staan. Terwijl het aantal zakelijke rechten
limitatief beperkt is, kunnen de vorderingsrechten en verbintenisrechten in beginsel in
een onbeperkte variëteit ontstaan en voorkomen.
4.1 Soorten verbintenissen
4.1.1 Voorwaardelijke verbintenissen
De uitvoering of de uitdoving van verbintenissen kan afhankelijk zijn een voorwaarde.
Een voorwaarde is een toekomstige en onzekere gebeurtenis.
A. Opschortende voorwaarde
- de uitvoering van verbintenissen wordt afhankelijk gesteld van een toekomstige en
onzekere gebeurtenis
B. Ontbindende voorwaarde
- de verbintenis gaat teniet bij haar vervulling en de verbintenis verdwijnt met
terugwerkende kracht.
C. Potestatieve voorwaarde
- de realisatie van de toekomstige en onzekere gebeurtenis is afhankelijk van de
wil van de schuldenaar.
- gemengd potestatieve voorwaarde: als de uitvoering van een verbintenis afhankelijk
is van de wilstuiting van de schuldenaar, gekoppeld aan een gebeurtenis.
4.1.2 Verbintenissen met tijdsbepaling
een verbintenis waarvan de uitvoering of de uitdoving afhankelijk is van een
toekomstige en zekere gebeurtenis. Niet het ogenblik van de gebeurtenis moet
vaststaan maar wel de verwezenlijking van de gebeurtenis.
bij opschortende tijdsbepaling dient de verbintenis pas te worden uitgevoerd na een
zekere termijn of gebeurtenis.
bij ontbindende tijdsbepaling dooft de verbintenis uit na een zekere termijn of
gebeurtenis.
4.1.3 Verbintenissen gebonden aan de persoon (inuitu personae)
- de persoon zelf en diens hoedanigheden zijn van doorslaggevend belang voor de
andere partij om de overeenkomst te sluiten.
- verbintenis dooft uit bij het overlijden van de persoon
4.1.4 Splitbare verbintenissen
- in sommige gevallen zijn verschillende personen schuldeiser of schuldenaar
van eenzelfde verbintenis en is de schuld splitsbaar.
4.1.5 Hoofdelijke verbintenissen
- hierbij kan elke schuldeiser de totale uitvoering van de verbintenissen eisen elke
schuldenaar afzonderlijk. De schuldenaar zal dan zelf moeten zorgen voor de
terugvordering jegens zijn medeschuldenaars.
- nevengevolgen: het stuiten van de verjaring tegenover 1 schuldenaar doet de
verjaring ook stuiten tegenover de andere hoofdelijke medeschuldenaars, de
aanmaning van 1 schuldenaar geldt tegenover de andere hoofdelijke medeschulde-