Zorgethiek
Waarden in dialoog (Liégeois)
Geweten = vermogen om ethisch te evalueren
innerlijke besef van verplichting het goede te doen en kwade te vermijden
Moreel aanvoelen of morele intuïtie = subjectief = beïnvloed door onze cultuur, opvoeding en vorming
Ethiek = kritische reflectie op morele intuïtie
reflectie gebeurt bij voorkeur in groep, met elkaar, in dialoog
Betrokkenen in zorgrelatie:
1. Micro-niveau
a. Zorgontvanger eigen verantwoordelijkheid
b. Zorgverleners (team en professioneel netwerk)
professionele verantwoordelijkheid
c. Naastbetrokkenen (familie en sociaal netwerk)
sociale verantwoordelijkheid
2. Meso-niveau
a. Visie en missie van voorziening professionele verantwoordelijkheid
3. Macro-niveau
a. Gemeenschap en beleid maatschappelijke verantwoordelijkheid
Visies op zorgrelatie:
Traditionele visie: medisch paradigma en religieus paradigma
2 waarden allen leiden tot paternalisme = hulpverlener bepaalt wat goed is voor hulpbehoevende
Moderne visie: emancipatorisch paradigma en maatschappelijk paradigma
individualistisch, nadruk op individu als onafhankelijk op zichzelf staand wezn
Relationele visie: relationeel paradigma
belang van relatie, wederzijdse verbondenheid, betrokkenheid en afhankelijkheid
5 paradigma’s binnen hulpverlening met telkens 2 waarden die belangrijke functie hebben binnen zorgrelatie:
Medische paradigma = eed van Hippocrates (“bescherm het leven, wat er ook van is”)
centrale waarde = zorgverlening, zorg goed voor je patiënt
Religieuze paradigma = naastenliefde (caritas)(“heb u naaste lief, zoals jezelf”)
centrale waarde = beschermwaardigheid mens is waardevol en moet beschermd worden
Emancipatorisch paradigma = focus op zelfstandigheid en autonomie
reactie op paternalisme van traditionele visie zorgbehoevende zelf inspraak in zorgproces
elke mens recht op zelfbepaling = noodzakelijke voorwaarde om gelukkig te (kunnen) zijn
centrale waarden = privacy en autonomie
Maatschappelijk paradigma = participatie in maatschappelijk leven
centrale waarden = participatie, rechtvaardigheid, levenskwaliteit en duurzaamheid
o Vermaatschappelijking van de zorg = zorgontvanger is volwaardig burger in samenleving
o Economisering van de zorg = duurzaamheid en rechtvaardigheid
o Regulering van de zorg = evidence based practice
Relationeel paradigma = relatie belangrijk
centrale waarden = solidariteit en vertrouwen
Waarden in dialoog (Liégeois)
Geweten = vermogen om ethisch te evalueren
innerlijke besef van verplichting het goede te doen en kwade te vermijden
Moreel aanvoelen of morele intuïtie = subjectief = beïnvloed door onze cultuur, opvoeding en vorming
Ethiek = kritische reflectie op morele intuïtie
reflectie gebeurt bij voorkeur in groep, met elkaar, in dialoog
Betrokkenen in zorgrelatie:
1. Micro-niveau
a. Zorgontvanger eigen verantwoordelijkheid
b. Zorgverleners (team en professioneel netwerk)
professionele verantwoordelijkheid
c. Naastbetrokkenen (familie en sociaal netwerk)
sociale verantwoordelijkheid
2. Meso-niveau
a. Visie en missie van voorziening professionele verantwoordelijkheid
3. Macro-niveau
a. Gemeenschap en beleid maatschappelijke verantwoordelijkheid
Visies op zorgrelatie:
Traditionele visie: medisch paradigma en religieus paradigma
2 waarden allen leiden tot paternalisme = hulpverlener bepaalt wat goed is voor hulpbehoevende
Moderne visie: emancipatorisch paradigma en maatschappelijk paradigma
individualistisch, nadruk op individu als onafhankelijk op zichzelf staand wezn
Relationele visie: relationeel paradigma
belang van relatie, wederzijdse verbondenheid, betrokkenheid en afhankelijkheid
5 paradigma’s binnen hulpverlening met telkens 2 waarden die belangrijke functie hebben binnen zorgrelatie:
Medische paradigma = eed van Hippocrates (“bescherm het leven, wat er ook van is”)
centrale waarde = zorgverlening, zorg goed voor je patiënt
Religieuze paradigma = naastenliefde (caritas)(“heb u naaste lief, zoals jezelf”)
centrale waarde = beschermwaardigheid mens is waardevol en moet beschermd worden
Emancipatorisch paradigma = focus op zelfstandigheid en autonomie
reactie op paternalisme van traditionele visie zorgbehoevende zelf inspraak in zorgproces
elke mens recht op zelfbepaling = noodzakelijke voorwaarde om gelukkig te (kunnen) zijn
centrale waarden = privacy en autonomie
Maatschappelijk paradigma = participatie in maatschappelijk leven
centrale waarden = participatie, rechtvaardigheid, levenskwaliteit en duurzaamheid
o Vermaatschappelijking van de zorg = zorgontvanger is volwaardig burger in samenleving
o Economisering van de zorg = duurzaamheid en rechtvaardigheid
o Regulering van de zorg = evidence based practice
Relationeel paradigma = relatie belangrijk
centrale waarden = solidariteit en vertrouwen