Kunstgeschiedenis:
Stof: Hoofdstuk 5, paragraaf 5,1. 5,5 t/m 5,11 en dan alles na 5.13
- Expressionisme, kubisme en futurisme overslaan
- Laatste tips: Goed het verschil in voorstelling en vormgeving snappen,
uitgangspunten functionalistische architectuur snappen (Bauhaus, Stijl, nieuwe
bouwen vallen daar allemaal onder), en die 65 t/m 70 qua tekst goed snappen (pak
het hoofdstuk uit het boek er anders even bij).
De (Westerse) kunstgeschiedenis in chronologische volgorde
- Klassieke oudheid (Prehistorie, Grieken, Romeinen).
- Middeleeuwen ( Byzantijnse kunst, Romaans, Gotiek).
- Renaissance (Maniërisme, Barok, Rococo, Neoclassicisme).
- Negentiende eeuw ( (Romantiek, Realisme, Jugendstil, Impressionisme,
Postimpressionisme)
- Modernisme ( (Expressionisme, Kubisme, Futurisme, Constructivisme, De Stijl,
Bauhaus, Functionalistische architectuur, Art deco, Dadaïsme, Surrealisme, Soc.
realisme)
- Postmodernisme ( (Abstract expressionisme, Cobra, Popart, Hyperrealisme,
Opart, Minimalisme, Conceptkunst, Happening, performance en bodyart,
Environments, Landart, Arte povera, Kinetische kunst, Lichtkunst, Graffiti en
streetart, Neo-expressionisme, Fotografie en videokunst)
5.1: Modernisme ( 1900-1945)
Modernisme:
- Modern: iets van nu (dagelijkse betekenis).
- Kunst: alle stromingen 1ste helft 20ste eeuw.
- Kunstenaars willen breken met tradities.
- Vooruitstrevende ideeën: avant-garde (voorhoede).
- Er worden veel Manifesten en pamfletten geschreven.
- Geen eenheidsstijl maar meerder avant-gardistische bewegingen.
Modernisme
- Verdere industrialisatie, steden drukker, voller en viezer.
- Mensen worden ouder, technologische vooruitgang: telefoon, radio, film, Kunstlicht,
sneller reizen maar ook mitrailleurs en tanks en gifgasaanvallen).
- WOI vastgelegd met fotografie.
,Antikunst en propaganda
- WOI heeft grote gevolgen voor het wereldbeeld.
- Grenzen worden letterlijk en figuurlijk verlegd.
- Kunstenaars twijfelen aan waarde van
traditionele kunst.
- Samenwerkingen met revolutionairen in Rusland.
- Werk staat in dienst van de communistische staat.
- Stalin verbiedt dit soort propaganda na
Oktoberrevolutie (einde macht tsaren,1917)
Anti Kunst en propaganda
- In Duitsland wordt kunst ook ingezet als propaganda (jaren 30 en 40).
- Fotografie en film hierbij belangrijke middelen.
- De nationaalsocialistische (nazi) Adolf Hilter zit hierachter.
- Hij gebruikt de economische crisis om de joden als schuldigen aan te wijzen.
- Hij probeert de Duitsers ervan te overtuigen dat hij betere tijden zal brengen.
- Onder de nazi’s is alles, dus ook kunst, aan regels onderworpen.
- Moderne kunst en kunst van niet-ariërs werd verboden en vernietigd.
- Kunstenaars zijn niet vrij en ontvluchten Europa: naar Amerika waar het modernisme
wel verder gaat.
5.5: Constructivisme (1917-1924)
Constructivisme:
- In Moskou begin 20ste eeuw veel kunstenaars en kunstverzamelaars actief.
- Veel tentoonstellingen voor moderne Westerse kunst in grote Russische steden.
- In Rusland ook avant gardistische bewegingen als constructivisme.
- Constructivisme: kunst met sociaal nut en kunst die aansluit bij dagelijks leven van
gewone mens.
- Kunst die vrij is van persoonlijke emoties en voorkeuren.
- Waar de West-Europese modernistische stromingen zich afzetten tegen gevestigde
orde en machthebbers, werken de constructivisten in lijn met het communistische
gedachtegoed.
Constructivistische beeldhouwkunst
- Constructivistische beeldhouwkunst wordt steeds abstracter.
- Eerst verwijst de voorstelling nog naar bijv. een mensfiguur (weliswaar sterk
gestileerd) maar later zijn beelden volledig abstract.
- Traditionele beeldhouwtechnieken (zoals houtsnedes waarbij hout wordt weggehaald
om de gewenste vorm te krijgen) construeren de constructivisten een beeld van bijv.
gezaagde losse onderdelen.
- Ook zie je de tijdsgeest terug in dergelijke beeldhouwwerken. Er is aandacht voor de
industriële techniek
- Russische revolutie van 1917 creëerde een sfeer van optimisme en versterkte het
geloof in een nieuwe toekomst. De nieuwe politiek-maatschappelijke idealen vroegen
, om nieuwe artistieke uitgangspunten. Kunst moest het karakter hebben van een
‘machinetaal’.
- Kunstenaars hanteren vormen die overeen kwamen met industriële technieken.
Russische avant-garde kunstenaars trekken naar het Westen
- In de loop van de jaren 20 werd het steeds moeilijker om de constructivistische
experimenten voort te zetten. De Russische staat eiste van de kunstenaars dat zij
hun werk ondergeschikt maakten aan de wensen van de overheid. Kunstenaars
dienden praktisch bezig te zijn, dan wel voor hun vrije kunst uit te gaan van
traditionele academische kunstvormen.
- In het Rusland van de jaren 20 was er een groot gebrek aan alles. In het westen
waren de nieuwe materialen en technische procedés die de kunstenaars voor hun
experimenten nodig hadden wèl voorhanden.
Constructivisme
Stof: Hoofdstuk 5, paragraaf 5,1. 5,5 t/m 5,11 en dan alles na 5.13
- Expressionisme, kubisme en futurisme overslaan
- Laatste tips: Goed het verschil in voorstelling en vormgeving snappen,
uitgangspunten functionalistische architectuur snappen (Bauhaus, Stijl, nieuwe
bouwen vallen daar allemaal onder), en die 65 t/m 70 qua tekst goed snappen (pak
het hoofdstuk uit het boek er anders even bij).
De (Westerse) kunstgeschiedenis in chronologische volgorde
- Klassieke oudheid (Prehistorie, Grieken, Romeinen).
- Middeleeuwen ( Byzantijnse kunst, Romaans, Gotiek).
- Renaissance (Maniërisme, Barok, Rococo, Neoclassicisme).
- Negentiende eeuw ( (Romantiek, Realisme, Jugendstil, Impressionisme,
Postimpressionisme)
- Modernisme ( (Expressionisme, Kubisme, Futurisme, Constructivisme, De Stijl,
Bauhaus, Functionalistische architectuur, Art deco, Dadaïsme, Surrealisme, Soc.
realisme)
- Postmodernisme ( (Abstract expressionisme, Cobra, Popart, Hyperrealisme,
Opart, Minimalisme, Conceptkunst, Happening, performance en bodyart,
Environments, Landart, Arte povera, Kinetische kunst, Lichtkunst, Graffiti en
streetart, Neo-expressionisme, Fotografie en videokunst)
5.1: Modernisme ( 1900-1945)
Modernisme:
- Modern: iets van nu (dagelijkse betekenis).
- Kunst: alle stromingen 1ste helft 20ste eeuw.
- Kunstenaars willen breken met tradities.
- Vooruitstrevende ideeën: avant-garde (voorhoede).
- Er worden veel Manifesten en pamfletten geschreven.
- Geen eenheidsstijl maar meerder avant-gardistische bewegingen.
Modernisme
- Verdere industrialisatie, steden drukker, voller en viezer.
- Mensen worden ouder, technologische vooruitgang: telefoon, radio, film, Kunstlicht,
sneller reizen maar ook mitrailleurs en tanks en gifgasaanvallen).
- WOI vastgelegd met fotografie.
,Antikunst en propaganda
- WOI heeft grote gevolgen voor het wereldbeeld.
- Grenzen worden letterlijk en figuurlijk verlegd.
- Kunstenaars twijfelen aan waarde van
traditionele kunst.
- Samenwerkingen met revolutionairen in Rusland.
- Werk staat in dienst van de communistische staat.
- Stalin verbiedt dit soort propaganda na
Oktoberrevolutie (einde macht tsaren,1917)
Anti Kunst en propaganda
- In Duitsland wordt kunst ook ingezet als propaganda (jaren 30 en 40).
- Fotografie en film hierbij belangrijke middelen.
- De nationaalsocialistische (nazi) Adolf Hilter zit hierachter.
- Hij gebruikt de economische crisis om de joden als schuldigen aan te wijzen.
- Hij probeert de Duitsers ervan te overtuigen dat hij betere tijden zal brengen.
- Onder de nazi’s is alles, dus ook kunst, aan regels onderworpen.
- Moderne kunst en kunst van niet-ariërs werd verboden en vernietigd.
- Kunstenaars zijn niet vrij en ontvluchten Europa: naar Amerika waar het modernisme
wel verder gaat.
5.5: Constructivisme (1917-1924)
Constructivisme:
- In Moskou begin 20ste eeuw veel kunstenaars en kunstverzamelaars actief.
- Veel tentoonstellingen voor moderne Westerse kunst in grote Russische steden.
- In Rusland ook avant gardistische bewegingen als constructivisme.
- Constructivisme: kunst met sociaal nut en kunst die aansluit bij dagelijks leven van
gewone mens.
- Kunst die vrij is van persoonlijke emoties en voorkeuren.
- Waar de West-Europese modernistische stromingen zich afzetten tegen gevestigde
orde en machthebbers, werken de constructivisten in lijn met het communistische
gedachtegoed.
Constructivistische beeldhouwkunst
- Constructivistische beeldhouwkunst wordt steeds abstracter.
- Eerst verwijst de voorstelling nog naar bijv. een mensfiguur (weliswaar sterk
gestileerd) maar later zijn beelden volledig abstract.
- Traditionele beeldhouwtechnieken (zoals houtsnedes waarbij hout wordt weggehaald
om de gewenste vorm te krijgen) construeren de constructivisten een beeld van bijv.
gezaagde losse onderdelen.
- Ook zie je de tijdsgeest terug in dergelijke beeldhouwwerken. Er is aandacht voor de
industriële techniek
- Russische revolutie van 1917 creëerde een sfeer van optimisme en versterkte het
geloof in een nieuwe toekomst. De nieuwe politiek-maatschappelijke idealen vroegen
, om nieuwe artistieke uitgangspunten. Kunst moest het karakter hebben van een
‘machinetaal’.
- Kunstenaars hanteren vormen die overeen kwamen met industriële technieken.
Russische avant-garde kunstenaars trekken naar het Westen
- In de loop van de jaren 20 werd het steeds moeilijker om de constructivistische
experimenten voort te zetten. De Russische staat eiste van de kunstenaars dat zij
hun werk ondergeschikt maakten aan de wensen van de overheid. Kunstenaars
dienden praktisch bezig te zijn, dan wel voor hun vrije kunst uit te gaan van
traditionele academische kunstvormen.
- In het Rusland van de jaren 20 was er een groot gebrek aan alles. In het westen
waren de nieuwe materialen en technische procedés die de kunstenaars voor hun
experimenten nodig hadden wèl voorhanden.
Constructivisme