Begeleidt bij dagelijkse activiteiten
Examen: Begeleidt bij dagelijkse activiteiten
Werkproces: mz-p2-k1-w2-vz-p1-k1-w4
Student:
Herkansing
1
, Beginsituatie:
Activiteitenplan:
Doelgroep:
Actieve bewoners, die houden van handenarbeid
Aantal deelnemers: 5 dames (iedereen was welkom)
Alle deelnemers zitten op zelfde niveau: vroege fase van dementie. Dat houdt in:
Dezelfde vraag of zin herhalen
1. Recente gebeurtenissen of gesprekken vergeten
2. Trager begrip van nieuwe dingen
3. Draad van verhaal kwijtraken
4. In de war zijn
5. Moeite met beslissingen nemen
6. Weinig belangstelling voor andere mensen en activiteiten.
In vier fasen van ik -beleving bij dementie bevinden deze deelnemers zich in fase:
Het bedreigde ik: Dat houdt in dat client wordt geconfronteerd met verlies van mogelijkheden als
gevolg van cognitieve stoornissen (met name geheugen- en oriëntatie stoornissen.)
Reden van de activiteit:
Ik heb voor deze opdracht gekeken naar de medische achtergrond van de bewoners waarmee ik deze
activiteit ga doen. Hiervoor heb ik goed in het dossier gekeken. Ik heb samen met mijn begeleider dit
besproken waar ik naar moet kijken en wat ik wil bereiken met deze activiteit.
Beroep doen op vaardigheden die niet achteruit zijn gegaan, door activiteit aan te bieden die
deelnemers redelijk gedaan kunnen krijgen en zo zelfvertrouwen vergroten en eigenwaarde
terugvinden. (Begeleidingsmethodiek – uitgaan van eigen kracht van de client)
Om te stimuleren prettige herinneringen op te halen en te praten over zaken waar deelnemers altijd
trots op zijn geweest, om eigen identiteit te bewaren. (Begeleidingsmethodiek- reminiscentie)
Ik heb hiervoor gekozen om met de activiteit op een feestdag te doen dat leek me leuk en voor de
mensen ook leuk om herinneringen op te halen ik heb gekozen voor de 2 e paasdag
Doel:
Wat wil ik bereiken?
Behouden fijne motoriek
Verrijken dag beleving
Herinneringen ophalen van vroeger
Sociaal emotionele aspecten: samen werken, rekening houden met andere, band opbouwen met
andere.
2
Examen: Begeleidt bij dagelijkse activiteiten
Werkproces: mz-p2-k1-w2-vz-p1-k1-w4
Student:
Herkansing
1
, Beginsituatie:
Activiteitenplan:
Doelgroep:
Actieve bewoners, die houden van handenarbeid
Aantal deelnemers: 5 dames (iedereen was welkom)
Alle deelnemers zitten op zelfde niveau: vroege fase van dementie. Dat houdt in:
Dezelfde vraag of zin herhalen
1. Recente gebeurtenissen of gesprekken vergeten
2. Trager begrip van nieuwe dingen
3. Draad van verhaal kwijtraken
4. In de war zijn
5. Moeite met beslissingen nemen
6. Weinig belangstelling voor andere mensen en activiteiten.
In vier fasen van ik -beleving bij dementie bevinden deze deelnemers zich in fase:
Het bedreigde ik: Dat houdt in dat client wordt geconfronteerd met verlies van mogelijkheden als
gevolg van cognitieve stoornissen (met name geheugen- en oriëntatie stoornissen.)
Reden van de activiteit:
Ik heb voor deze opdracht gekeken naar de medische achtergrond van de bewoners waarmee ik deze
activiteit ga doen. Hiervoor heb ik goed in het dossier gekeken. Ik heb samen met mijn begeleider dit
besproken waar ik naar moet kijken en wat ik wil bereiken met deze activiteit.
Beroep doen op vaardigheden die niet achteruit zijn gegaan, door activiteit aan te bieden die
deelnemers redelijk gedaan kunnen krijgen en zo zelfvertrouwen vergroten en eigenwaarde
terugvinden. (Begeleidingsmethodiek – uitgaan van eigen kracht van de client)
Om te stimuleren prettige herinneringen op te halen en te praten over zaken waar deelnemers altijd
trots op zijn geweest, om eigen identiteit te bewaren. (Begeleidingsmethodiek- reminiscentie)
Ik heb hiervoor gekozen om met de activiteit op een feestdag te doen dat leek me leuk en voor de
mensen ook leuk om herinneringen op te halen ik heb gekozen voor de 2 e paasdag
Doel:
Wat wil ik bereiken?
Behouden fijne motoriek
Verrijken dag beleving
Herinneringen ophalen van vroeger
Sociaal emotionele aspecten: samen werken, rekening houden met andere, band opbouwen met
andere.
2