Vragen
Vraag 1
Wat is een voorbeeld van een positieve feedback loop? (meerdere antwoorden mogelijk)
A. Actiepotentiaal.
B. Ademhaling.
C. Bloeddrukregulatie.
D. Bloedstolling.
Vraag 2
Veel organen ontvangen input van zowel de sympathicus als de parasympathicus.
Van welke zal een verandering in de input sneller aankomen? Een verandering in de input van…
A. Alleen de parasympathicus.
B. Alleen de sympathicus.
C. Zowel de parasympathicus als sympathicus.
De parasympathicus heeft een langer pad (preganglionaire neuron). Deze loopt tot vlak bij het orgaan en is
gemyeliniseerd. Bij het orgaan begint het postganglionaire neuron en deze heeft geen myeline. Bij de sympathicus is
het precies andersom.
Vraag 3
Welk effect heeft een toename in thyroid releasing hormone (TRH) op de hoeveelheid afgegeven thyroid stimulating
hormone (TSH) in een gezonde volwassene? Door een toename in TRH…
A. Blijft TSH gelijk.
B. Neemt TSH af.
C. Neemt TSH toe.
Vraag 4
Welke verandering in het bloed zal leiden tot een toename in de afgifte (en productie) van insuline aan het bloed?
Een toename in…
A. Adrenalineconcentratie.
B. Glucagonconcentratie.
C. Glucoseconcentratie.
D. Kaliumconcentratie.
Aminozuren in het bloed zorgen ook voor de afgifte van insuline. Adrenaline en noradrenaline remt insuline.
Somatostatine (groeihormoon/inhiberend hormoon) remt ook de afgifte van insuline.
Vraag 5
Een neuron heeft een rustpotentiaal van -70 mV. De extracellulaire concentratie van natrium stijgt.
Wat gebeurt er met de rustmembraanpotentiaal van het neuron? Deze membraanpotentiaal…
A. Verandert niet.
B. Wordt meer negatief.
C. Wordt minder negatief.
Vraag 6
Bij welk type cel wordt de snelle depolarisatiefase veroorzaakt door de instroom van calcium?
A. Hartspiercel.
B. Pacemakercel.
C. Neuron.
D. Skeletspiercel.
Depolarisatie begint met de opening van Na+. Bij pacemakercellen wordt de snelle depolarisatie veroorzaakt door de
instroom van calcium.