1
ZELFSTUDTIEOPDRACHT 16: DE HOGERE CEREBRALE FUNCTIES
DEEL 1: De geheugenfunctie
Hoofdstuk 1: Verschillende types van geheugen
Leren: Verwerven van nieuwe informatie/kennis
Geheugen: Herinneringsvermogen
Behouden van geleerde informatie
We leren en onthouden vele verschillende dingen
-> Deze verschillende dingen worden niet verwerkt en opgeslagen door dezelfde neurale hardware.
-> Geen enkele hersenstructuur/cellulair mechanisme zorgt voor al het leren
-> De manier waarop een bepaalde soort info w opgeslagen kan verschillen in de tijd
1.1 Verklarend en Non-verklarende geheugen
Verklarend of decleratief geheugen
Geheugen van fieten en events
-> Wat we verstaan onder het gewone woord ‘geheugen’
Expliciet geheugen: Resulteert van meer bewuste inspanningen
-> Decleratieve herinneringen: Makkelijk te vormen en te vergeten
o Episodische geheugen
Voor autobiografische levens ervaringen
o Semantisch geheugen
Voor geheugen van feiten
Non-verklarend of nondecleratief geheugen
Het impliciet geheugen: Het resultaat van directe ervaringen
Nondecleratieve herinneringen: Moeilijk te vormen
=> Vereisen herhaling en oefening gedurende een lange periode
Moeilijk te vergeten
=> Never forget how to ride a bike
OPM. Je vergeet de specifieke dag waarop je voor het
eerst alleen reed (Decleratief)
Mr je vergeet nooit hoe het moet (Nondecleratief)
o Procedureel geheugen
Geheugen voor vaardigheden, gewoontes en gedragingen
-> De vorming van procedureel geheugen gebeurt via twee categorieën van leerproces
Nonassociatief leren
Beschrijft een verandering in gedragingen die voorkomen als resultaat op een type
stimulus
-> Twee types
Habituation of gewenning
Leren een stimulus te negeren die toch geen betekenis heeft
VB. Wanneer de telefoon gaat ren je voor hem op te nemen
Wanneer elke keer als je de telefoon opneemt het voor iemand
anders is bedoeld ga je de volgende keer het gewoon negeren en
zelfs niet meer door hebben dat hij af gaat
ZELFSTUDTIEOPDRACHT 16: DE HOGERE CEREBRALE FUNCTIES
DEEL 1: De geheugenfunctie
Hoofdstuk 1: Verschillende types van geheugen
Leren: Verwerven van nieuwe informatie/kennis
Geheugen: Herinneringsvermogen
Behouden van geleerde informatie
We leren en onthouden vele verschillende dingen
-> Deze verschillende dingen worden niet verwerkt en opgeslagen door dezelfde neurale hardware.
-> Geen enkele hersenstructuur/cellulair mechanisme zorgt voor al het leren
-> De manier waarop een bepaalde soort info w opgeslagen kan verschillen in de tijd
1.1 Verklarend en Non-verklarende geheugen
Verklarend of decleratief geheugen
Geheugen van fieten en events
-> Wat we verstaan onder het gewone woord ‘geheugen’
Expliciet geheugen: Resulteert van meer bewuste inspanningen
-> Decleratieve herinneringen: Makkelijk te vormen en te vergeten
o Episodische geheugen
Voor autobiografische levens ervaringen
o Semantisch geheugen
Voor geheugen van feiten
Non-verklarend of nondecleratief geheugen
Het impliciet geheugen: Het resultaat van directe ervaringen
Nondecleratieve herinneringen: Moeilijk te vormen
=> Vereisen herhaling en oefening gedurende een lange periode
Moeilijk te vergeten
=> Never forget how to ride a bike
OPM. Je vergeet de specifieke dag waarop je voor het
eerst alleen reed (Decleratief)
Mr je vergeet nooit hoe het moet (Nondecleratief)
o Procedureel geheugen
Geheugen voor vaardigheden, gewoontes en gedragingen
-> De vorming van procedureel geheugen gebeurt via twee categorieën van leerproces
Nonassociatief leren
Beschrijft een verandering in gedragingen die voorkomen als resultaat op een type
stimulus
-> Twee types
Habituation of gewenning
Leren een stimulus te negeren die toch geen betekenis heeft
VB. Wanneer de telefoon gaat ren je voor hem op te nemen
Wanneer elke keer als je de telefoon opneemt het voor iemand
anders is bedoeld ga je de volgende keer het gewoon negeren en
zelfs niet meer door hebben dat hij af gaat