Werkcollege 1, De student kan:
Bij een overmatige inname van eiwitten worden deze eiwitten omgezet in vet.
Het lichaam kan de eiwitten dan omzetten in glucose en in energie.
De gluconeogenese.
De volgende begrippen uitleggen en voorbeelden geven van:
Eiwitturnover, katabool- en anabool proces, vertakte keten aminozuren, zwavelhoudende
aminozuren, essentiële- en semi-essentiële aminozuren, exogeen, endogeen, ketogene en
glucogene aminozuren.
- Eiwitturnover: de opbouw en afbraak van eiwitten.
De eiwitturnover bedraagt 200 – 300 gram per dag. De eiwitturnover vind plaats in de lever,
spieren en een heel klein beetje in de darmen.
- Katabool proces: Afbraak van weefsels.
- Anabool proces: Opbouw van weefsel.
Er zijn verschillende groepen aminozuren. De groepsnamen zijn: zwavelhoudende
aminozuren, basis aminozuren, zure aminozuren, BCAA-aminozuren (vertakte keten
aminozuren).
- Vertakte keten aminozuren: Leucine, isoleucine en valine.
- Zwavelhoudende aminozuren: Cysteïne en methionine.
- Essentiële aminozuren: Essentiële aminozuren zijn aminozuren die je via de voeding binnen
moet krijgen omdat het lichaam ze niet zelf kan maken. Dit zijn:
- Histidine, isoleucine, leucine, valine, lysine, methionine, phenylalanine, threonine,
tryptophan en selenocysteine.
- Semi-essentiële aminozuren: Semi-essentiële aminozuren zijn aminozuren die door het
lichaam zelf gemaakt kunnen worden uit essentiële aminozuren mits de essentiële
aminozuren aanwezig zijn.
- Arginine, asparagine, cysteine, glutamine, glycine, proline en serine.
- Exogene aminozuren: Dit zijn aminozuren die via de voeding binnen komen.
- Endogene aminozuren: Dit zijn aminozuren die door het lichaam worden gemaakt.
- Ketogene aminozuren: Ketogene aminozuren moeten eerst worden omgezet in AcetylCoA
en gaan dan de citroenzuurcyclus in.
Aminozuren de volledig ketogeen zijn: Leucine en Lycine.
- Glucogene aminozuren: Glucogene aminozuren kunnen via omzetting in pyrovaat of
meteen de citroenzuurcyclus in.
De volgende processen omschrijven: decarboxylering, transaminering en deaminering,
ureumcyclus.
- Decarboxylering
Verwijderen van de carboxylgroep (COOH) in de vorm van CO2. Bijvoorbeeld histamine dat
uit histidine wordt gemaakt, vaak bij een ontsteking.
- Transaminering
Het verplaatsen van de aminogroep. De NH2 groep wordt overgezet naar een ander
aminozuur. Zo kan het lichaam het ene niet-essentiële aminozuur om zetten in het andere
niet-essentiële aminozuur of het semi-essentiele aminozuur.
Bijvoorbeeld asparaginezuur wordt omgezet in glutamine.
- De(s)aminering
Het verwijderen van de aminogroep (NH2-groep). Deze wordt uitgescheiden via de
ureumcyclus nadat het is omgezet in ammoniak en ureum in de lever.
Het koolstofskelet wordt verbrandt of omgezet worden naar vet of glucose.
Van bovenstaande processen uitleggen waar ze plaatsvinden.
In de lever.
1