PSYCHOLOGIE
HC8 – SOCIALE PSYCHOLOGIE
H16 SOCIALE PSYCHOLOGIE
16.1 Sociale beïnvloeding
Conformisme
- Beïnvloed door wat andere zeggen
o Exp: naar welke kant beweegt stip (stip staat eigenlijk stil)
o Exp Asch: welke lijn van de 3 is even lang als lijn A
Verklaring conformisme
- Accuraatheid => ben ik wel zeker van mijn antwoord?
- Aanvaarding door groep
Gehoorzaamheid (wat beïnvloedt gehoorzaamheid)
- Situatie bepaald of men orders gehoorzaamd of niet
o Exp Milgram: personen krijgen schok die steeds harder worden als ze fout zijn
§ Geen toezicht in gebouw => minder gehoorzaamheid
§ Leider moest hand van leerling op schok plaat leggen
§ Orders werden via telefoon gegeven
§ Persoon ging tegen experiment in
o Stanford prison exp => bewakers en gevangenen (bewakers werden wreed)
Verklaring gehoorzaamheid => Agentic Shift
- Ik werd verplicht op dit te doen => het is niet mijn fout
Deïndividuetie (oorzaken) => men doet meer als men in groep is
- Verhoogde opwinding
- Anonimiteit
- Verminderde individuele persoonlijkheid
- Omstaanderseffect
o Exp: omstaanderseffect => als men in grote groep is gaat men minder snel helpen
o Vb: je kan beter leren wanneer er andere personen ook aan het leren zijn
Verklaring deïndividuatie = sociale facilitatie
- Optimaal niveau van opwinding
- Presteren omdat andere personen ook aan het presteren zijn
- Balans tussen te veel afleiding en te weinig afleiding (verveling)
, Sociaal lijntrekken
- Hoe meer mensen helpen hoe minder hard men gaat meerwerken
- Profiteren
o Touwtrekken met meer personen zorgt dat elk individu minder hard trekt
16.3 Gedrag van anderen beïnvloeden
- Attitude beïnvloedt door:
o Ervaring
o Conditionering
o Wat andere hun mening is
o Wat de omgeving heeft / doet
Wanneer overtuigd een boodschap?
- Geloofwaardigheid => expertise
- Gelijkheid => promoten door iemand met zelfde profiel als doelgroep
- Aantrekkelijkheid => beroemdheden
Kenmerken van een boodschap
- Beeld vs woorden
- Emoties opwekken
- Herhaling => in geheugen blijven zitten
Kenmerken van ontvanger
- Attitude => mening zit al in de juiste richting
- Discrepantie => enkel belang hechten waar je achter staat
- Betrokkenheid
- Persoonlijkheid
Wanneer komen attituden tot uiting in het gedrag?
- Directe ervaring
- Eigenbelang
- Expliciet verband tussen attitude en gedrag
- Specifieke attituden en gedragingen
- Zelfeffectiviteit
- Individuele verschillen
HC8 – SOCIALE PSYCHOLOGIE
H16 SOCIALE PSYCHOLOGIE
16.1 Sociale beïnvloeding
Conformisme
- Beïnvloed door wat andere zeggen
o Exp: naar welke kant beweegt stip (stip staat eigenlijk stil)
o Exp Asch: welke lijn van de 3 is even lang als lijn A
Verklaring conformisme
- Accuraatheid => ben ik wel zeker van mijn antwoord?
- Aanvaarding door groep
Gehoorzaamheid (wat beïnvloedt gehoorzaamheid)
- Situatie bepaald of men orders gehoorzaamd of niet
o Exp Milgram: personen krijgen schok die steeds harder worden als ze fout zijn
§ Geen toezicht in gebouw => minder gehoorzaamheid
§ Leider moest hand van leerling op schok plaat leggen
§ Orders werden via telefoon gegeven
§ Persoon ging tegen experiment in
o Stanford prison exp => bewakers en gevangenen (bewakers werden wreed)
Verklaring gehoorzaamheid => Agentic Shift
- Ik werd verplicht op dit te doen => het is niet mijn fout
Deïndividuetie (oorzaken) => men doet meer als men in groep is
- Verhoogde opwinding
- Anonimiteit
- Verminderde individuele persoonlijkheid
- Omstaanderseffect
o Exp: omstaanderseffect => als men in grote groep is gaat men minder snel helpen
o Vb: je kan beter leren wanneer er andere personen ook aan het leren zijn
Verklaring deïndividuatie = sociale facilitatie
- Optimaal niveau van opwinding
- Presteren omdat andere personen ook aan het presteren zijn
- Balans tussen te veel afleiding en te weinig afleiding (verveling)
, Sociaal lijntrekken
- Hoe meer mensen helpen hoe minder hard men gaat meerwerken
- Profiteren
o Touwtrekken met meer personen zorgt dat elk individu minder hard trekt
16.3 Gedrag van anderen beïnvloeden
- Attitude beïnvloedt door:
o Ervaring
o Conditionering
o Wat andere hun mening is
o Wat de omgeving heeft / doet
Wanneer overtuigd een boodschap?
- Geloofwaardigheid => expertise
- Gelijkheid => promoten door iemand met zelfde profiel als doelgroep
- Aantrekkelijkheid => beroemdheden
Kenmerken van een boodschap
- Beeld vs woorden
- Emoties opwekken
- Herhaling => in geheugen blijven zitten
Kenmerken van ontvanger
- Attitude => mening zit al in de juiste richting
- Discrepantie => enkel belang hechten waar je achter staat
- Betrokkenheid
- Persoonlijkheid
Wanneer komen attituden tot uiting in het gedrag?
- Directe ervaring
- Eigenbelang
- Expliciet verband tussen attitude en gedrag
- Specifieke attituden en gedragingen
- Zelfeffectiviteit
- Individuele verschillen