Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 4 out of 71 pages
Summary

Personenbelasting samenvatting ACF2 (semester 1)

Document preview thumbnail
Preview 4 out of 71 pages

Een uitgebreide samenvatting van Personenbelasting met veel voorbeelden en toepassingen.

Content preview

PERSONENBELASTING
HERHALING

Algemeen schema PB:

Het bepalen van het belastbare inkomen

PERSOON 1 PERSOON 2
Beroepsinkomsten Beroepsinkomsten
+ onroerende inkomsten + onroerende inkomsten
+ roerende inkomsten + roerende inkomsten
+ diverse inkomsten + diverse inkomsten
= totale netto inkomen = totale netto inkomen
- Aftrekbare uitgaven - Aftrekbare uitgaven
= totaal netto gezamenlijk belastbaar = totaal netto gezamenlijk belastbaar
inkomen (A) inkomen (B)


Berekenen van de verschuldigde personenbelasting

PERSOON 1 PERSOON 2
PB op A PB op B
- PB op BVS - PB op BVS
= verschuldigde PB = verschuldigde PB
= verschuldigde PB
+ eventueel PB op de afzonderlijke belastbare inkomsten
= totale verschuldigde PB


De totale verschuldigde PB

Federale belasting Gewestelijke belasting
- Federale belastingverminderingen - Gewestelijke belastingverminderingen
= federale PB = gewestelijke PB
+/- vermeerderingen/ bonificaties
-verrekenbare bestanddelen
+ gemeentebelasting
= resultaat (terugkrijgen of bijbetalen)


Belastingplichtige = rijksinwoner + de inwoner van een bepaald gewest



Woonplaats

➢ Fiscale woonplaats
➢ Zetel van fortuin
➢ Wettelijk vermoeden

,Categorieën belastingplichtigen

➢ Alleenstaanden: individuele aangifte
➢ Gehuwden/ wettelijk samenwonenden: gemeenschappelijke aangifte
Elk wordt op zijn eigen inkomen belast; MAAR 2 uitzonderingen
o Beroepsinkomsten: soms huwelijksquotiënt
o Onroerende/ roerende inkomsten: op basis van het vermogensrecht en/ of
huwelijkscontract



Annaliteit = jaarlijkse belasting

Belastbaar tijdperk = inkomstenjaar

Aanslagjaar = jaar van de aangifte



De aangifte

VAK I: bankrekeningnummer en telefoonnummer

VAK II: persoonlijke gegevens en gezinslasten

Personen ten laste

➢ Wie komt hiervoor in aanmerking
o De kinderen van beide belastingplichtigen
o De ascendenten van beide belastingplichtigen
o Broers, zussen, schoonbroers en schoonzussen
o De pleegouders
➢ Voorwaarden
o Inwonen op 1 januari van het aanslagjaar
o Financiële afhankelijkheid Netto-bestaansmiddelen < …… euro per jaar
o Oorsprong bezoldigingen: bezoldigingen geen aftrekbare beroepskosten
➢ Belang
o Verhoging BVS

VAK III: inkomsten van onroerende goederen

KI en OV

KI = het gemiddeld normaal netto-inkomen van een onroerend goed voor de periode van één jaar.
Het (nieuwe) K.I. wordt geacht te bestaan vanaf de dag van de eerste ingebruikname (van een nieuw
onroerend goed) of de voltooiing van de verbouwingswerken.

Van belang voor:

- Berekening OV
- Berekening OI in de PB

OV = Onroerende voorheffing is verschuldigd door diegene die eigenaar (vruchtgebruiker,…) is op 1/1
van het jaar waarvoor de O.V. verschuldigd is en wordt berekend op basis van het K.I. dat bestaat aan
het begin van dat jaar

,Voor de eerste maal verschuldigd bij:

- Nieuwbouw: jaar na ingebruikname
- Aankoop: jaar na aankoop



Bij de onroerende inkomsten → 2 vragen

1. Hoe vullen we de aangifte in
2. Hoe wordt het OI berekend



DIA 13 TEM 18



OEFENINGEN

Oefeningen IJ 2021, AJ 2022

Oefening 1: wat wordt ingevuld in vak II van de aangifte
a) Man en vrouw zijn gehuwd in het wettelijk stelsel (2013) en hebben twee kinderen (7 en 2
jaar (geen kinderopvangkosten)).
➔ II A 1002: x
B 1030: 2
1038: 1
b) Man en vrouw zijn gehuwd in het stelsel scheiding van goederen (2021) en hebben nog
geen kinderen. De vrouw studeert nog en heeft bijgevolg geen inkomsten.
➔ Getrouwd in IJ, dus voor laatste keer apart een aangifte invullen
MAN: II A 1002: x
1003: x
1004: x
VROUW: II A 1002: x
1003: x
c) Man en vrouw zijn uit de echt gescheiden (2014) en hebben twee kinderen (19 en 16 jaar).
De kinderen zijn fiscaal ten laste van de vrouw.
➔ MAN: II A 1001: x
VROUW: II A 1001: x
1101: x
B 1030: 2
d) Man en vrouw woonden wettelijk samen. De man overlijdt in 2021. Hij was de enige
kostwinner.
➔ MAN: II A 1022: x
1023: x
VROUW: A II 1010: x
1011: x
1012: x

, Oefening 2: bepalen van de BVS
a) Man en vrouw zijn gehuwd in het wettelijk stelsel (2013) en hebben twee kinderen (7 en 2
jaar (geen kinderopvangkosten)).
➔ MAN: €9050 (basis)
€4240 (toeslag)
€610 (geen kinderopvang)
VROUW: €9050 (basis)
b) Man en vrouw zijn gehuwd in het stelsel scheiding van goederen (2021) en hebben nog geen
kinderen. De vrouw studeert nog en heeft bijgevolg geen inkomsten.
➔ MAN: €9050 (basis)
€1650 (code 1004)
VROUW: €9050 (basis)
c) Man en vrouw zijn uit de echt gescheiden (2014) en hebben twee kinderen (19 en 16 jaar).
De kinderen zijn fiscaal ten laste van de vrouw.
➔ MAN: €9050 (basis)
VROUW: €9050 (basis)
€4240 (2 kinderen)
€1650 (alleen belast)
€1070 (alleenstaand)
d) Man en vrouw woonden wettelijk samen. De man overlijdt in 2021. Hij was de enige
kostwinner.
➔ MAN: €9050 (basis)
VROUW: €9050 (basis)


Oefening 3: zijn volgende personen nog ten laste? Eric en Rita zijn gehuwd met 4 kinderen
a) Anneleen is 15 jaar en studeert nog. In augustus doet ze een vakantiejob bij Carrefour.
➔ Ja nog ten laste
b) Sofie is 18 jaar en studeert ook nog. Uit onvrede met haar ouders heeft ze reeds het
ouderlijke nest verlaten en woont ze samen met haar vriend op een appartementje.
➔ Neen, want woont al alleen
c) Lukas is 20 jaar en heeft een voltijdse job als arbeider bij Case New Holland. Hij woont nog
thuis
➔ Neen want inkomsten zijn te hoog
d) Sam is 21 jaar, is reeds gehuwd en woont niet meer thuis
➔ Neen, want woont niet thuis


Oefening 4: Man en vrouw zijn gehuwd en bezitten een woning (100% eigendom van de vrouw) met
K.I. van 1.000. Er is geen lening meer. Aangifte en O.I.?
➔ Bij een EIGEN WONING is er geen aangifte en geen onroerend inkomen


Oefening 5: Een belastingplichtige (alleenstaande) heeft twee huizen. Het eigen woonhuis heeft
een KI van 1.265. De andere woning (KI 2125), waarvan 4/5 handelszaak, wordt verhuurd aan een
zelfstandige voor 11.100 euro/jaar (en er is geen geregistreerd huurcontract). Aangifte en O.I.?
a) Aangifte:
1109: 2125
1110: 11100
b) Onroerend inkomen
11100 – (40% OF 2/3 x 2125 x 4,63)
-40% = 6660

Document information

Study
Uploaded on
December 25, 2022
Number of pages
71
Written in
2022/2023
Type
Summary
$17.44

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
Sold
34
Followers
9
Items
23
Last sold
11 months ago




Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions