Bacteriologie
Serologie = opsporen van antistoffen/antilichamen in serum van de patiënt (ONRECHTSTREEKS)
reactie van de patiënt op contact met de bacteriële antigenen
IgM IgG
Recente infectie: 2 serumstalen (14-21 dagen) IgM stijging + -
Vroeger doorgemaakte infectie: 2 serumstalen IgM daling - +
ZIE FOTO GRAFIEK !
DEFINITIES :
Incubatietijd Tijd tussen besmetting met mo en eerste symptoom
Window fase Tijd tussen contact met mo en verschijnen van eerste AS
Orde der Spirochaetales
- geslacht Treponema
- geslacht Borrelia NIET KWEEKBAAR
- geslacht Leptospira
Geslacht Treponema Borrelia Leptospira
Vorm (Donkermicroscoop)
Kweekbaarheid NIET NIET NIET
Identificatie Serologie Serologie Serologie
Geslacht Treponema
Één pathogene soort: Treponema pallidum
- strikt menselijke parasiet (geen omgevings- of dierreservoir)
- verwekker van syfilis (=lues)
Overdracht:
- seksueel (SOA)
- congenitaal = tijdens de zwangerschap
- bloedtransfusie
Pathogeen vermogen:
Seksueel verworven vorm
primaire lues:
2 à 4 weken na seksueel contact ontstaan van een ulcus boorden van de zweer
zijn stevig = harde sjanker
Meestal is de sjanker pijnloos en geneest spontaan zonder behandeling.
Randen zijn bijzonder rijk aan treponemen:
- zeer besmettelijk
- zichtbaar met donkerveldmicroscoop
, secundaire lues:
1 à 2 maanden na de primaire lues
veralgemeende infectie:
- rash o.a. op handpalmen en voetzolen
- lymfeklierzwellingen met lichte koorts, hoofdpijn (atypische symptomen)
Treponemen-aantal is nog toegenomen:
- zeer besmettelijk
- zichtbaar met donkerveldmicroscoop
Ook spontane genezing is mogelijk.
tertiaire lues:
Na een latente fase (zonder symptomen) die jaren kan aanslepen ontstaan bij sommige
patiënten late verwikkelingen:
- chronische granulomateuse ontsteking: gumma
- cardiovasculaire lues
- neurosyfilis (degeneratie van het ruggemerg)
Treponemen zijn buitengewoon zeldzaam:
- praktisch niet besmettelijk
- donkerveldmicroscopie: zeer moeilijk
Dit verloop (primaire, secundaire en tertiaire lues) is hét schoolvoorbeeld van een infectie, maar
dikwijls ontbreekt er 1 of zelfs 2 van de stadia.
congenitale vorm (moeder ---> kind doorheen de placenta)
- ofwel dood van de vrucht
- ofwel symptomen tijdens de eerste levensjaren (grote lever, botaandoeningen,..)
- ofwel symptomen tijdens de kleuterleeftijd (ontwikkelingsstoornissen, doofheid, afwijkingen CZS,...)
bloedtransfusie uiterst zeldzaam t.g.v. screening naar besmette patiënten
Labo-diagnose:
Microscopisch (NIET toegepast in routine)
- enkel in het primair en het secundair stadium mogelijk
- donkerveldmicroscopie: treponemen zichtbaar als zeer beweeglijke heldere spiraaltjes op zwarte achtergrond
(fijne windingen)
- zilverimpregnatie: AgNO3 wordt gereduceerd tot metallisch zilver dat neerslaat op de treponemen
Donkerveldmicroscopie
Treponemen zichtbaar als zeer beweeglijke heldere spiraaltjes op zwarte achtergrond (fijne
windingen)
Cultuur (NIET toegepast in routine)
- enkel mogelijk op research-niveau
- niet gebruikt in de routine
Serologische diagnose !!!!
- specifieke As:
o gericht tegen specifieke Treponema pallidum antigenen
o ontstaan het eerst, en verdwijnen het traagst na behandeling
FTA: Fluorescent Treponemal Antibody
TPHA: Treponemal pallidum haemagglutination
- niet-specifieke As:
o gericht tegen een cardiolipin-cholesterol-lecithin antigen
o ontstaan later in het verloop van de infectie,en verdwijnen het snelst na behandeling