• Wrong document? Swap it for free
  • Written by students who passed
  • Immediately available after payment
  • Read online or as PDF
Sell
Where do you study
Your language
Document preview thumbnail
Preview 4 out of 131 pages
Summary

samenvatting palpatie

Document preview thumbnail
Preview 4 out of 131 pages

samenvatting palpatie 2e bachelor revaki

Content preview

Theorie anatomie palpatie


 Onderzoekstechniek
o EERST anatomie in vivo leren kennen via palpatie
o LATER wordt palpatie gebruikt als onderdeel van het klinisch ONDERZOEK

 Middelen van de anatomie in vivo
o KENNIS van anatomie: weten
o INSPECTIE: zien
 het door middel van visuele waarneming vaststellen van bepaalde
karakteristieken van het lichaam

 “gericht” kijken naar lichaam
 “opsporen” van de te palperen structuren
 Symmetrische verlichting; niet tegen licht inkijken
 Lichaam in relatieve rust of bij spierspanning
- In rust:
EERST: belangrijke “oriëntatiepunten” opzoeken van de te
onderzoeken “regio”
 Huidkuiltjes thv SIPS
 Processus spinosus C7 (vertebra prominens)
 Tuberositas ossis navicularis

DAN: meer lokaliserende of identificerende inspectie
- Bij spierspanning:
Spieren visualiseren
Eerst visualisatie en daarna palpatie bij spieren
Deze visualisatie is een deel van het leerproces en geen
direct doel op zich.
Wij dienen spieren en pezen te kunnen palperen in
ontspannen toestand. Bij bepaalde neurologische patiënten
is er trouwens geen andere mogelijkheid.

o PALPATIE: voelen
 het door middel van tactiele waarneming (tasten) vaststellen van bepaalde
karakteristieken van het lichaam
 Palpatie is combinatie van tast, gevoel, onderzoek, sensorische feedback en
interpretatie door middel van eerder opgedane ervaring

, principes, technieken en voorwaarden voor een goede palpatie
o in rustige, goed verluchte en verlichte omgeving
o proefpersoon voorafgaandelijk ontspannen; wel contractie bij “spier”palpatie
 proefpersoon in comfortabele houding
 proefpersoon rustig benaderen
o proefpersoon tactvol benaderen
o met reine handen
 met warme handen; koude handen doen tastgevoel afnemen
met droge handen
met kortgeknipte nagels zonder scherpe randen
o handen worden soms eerst rustig op het lichaam gelegd; contactname
 zeker bij palpatie van gevoelige delen van het lichaam zoals buik, lenden,
oksel, …
o rest palperende hand neemt zoveel mogelijk contact met de huid van de
proefpersoon aangewezen om
 de stabiliteit van de palperende vinger(s) te verbeteren
 een rustgevende invloed op de proefpersoon uit te oefenen
o niet-palperende hand wordt
 ofwel op de proefpersoon gelegd om een rustgevende invloed uit te oefenen
 ofwel gebruikt om vergelijkend te palperen aan de andere zijde
 ofwel gebruikt om een weerstand uit te oefenen bij spierpalpatie
o meestal met palmaire zijde van de vingertoppen van de 2 e en/of 3e en/of 4e vinger;
veel gevoelsreceptoren (cfr. tweepuntsdiscriminatie)
o soms met de duim
o gewrichtjes palperende vingers zijn licht gebogen
 kunnen dan zowel buigen als strekken
 kunnen zich zo aanpassen aan de vorm van de te palperen structuur
o vingers schuin
 plat: geen discriminatie mogelijk
 loodrecht: onaangenaam
o geen prikkende, borende of onverwachte palpatie
o zo weinig mogelijk druk uitoefenen; palpare (lat.): liefkozen, strelen, tasten
 aangenamer
 circulatie in palperende vinger ongestoord
 zeker bij oppervlakkige structuren
 bij dieper gelegen structuren: hamulus ossis hamati, processi transversi
cervicales
- harder palperen
- verhoogde druk geleidelijk opbouwen
o vingers verschuiven over huid, niet optillen
 meestal wordt de huid mee verschoven; huid glijdt precies weg onder vinger
 niet wriemelen
 “lopen” met de vingers over de huid verstoort de oriëntatie en maakt bij de
patiënt een zenuwachtige indruk

, o soms ondersteunende hand op de handrug van de onderzoekende hand
 tastmogelijkheden nemen toe
o bij langgerekte structuren vingers loodrecht op de lengterichting verschuiven =
dwarse palpatie
 lange botten, meeste spieren, pezen, ligamenten, gewrichtsspleten,
bloedvaten, zenuwen
o alternerende palpatie voor spierranden
 met twee vingers (index – medius) van één hand
 vingers van twee handen (indexen)
- vingers schuiven proximaal- of distaalwaarts door een alternerende
laterale verschuiving die toelaat de contour van de spierbuik duidelijk te
voelen.

o lengtevingerpalpatie (langevingermethode)
 met volledige zijkant van de vinger (wijsvinger)
 met ondersteunende hand lichte tegendruk geven
o ev. structuren aanduiden met een dermatograaf (huidpotlood)
 niet te veel / niet te weinig
 proper / geen smosboel maken
 oppassen bij huidverschuiven

 Wat wensen wij te weten te komen via onze palpatie?
o Consistentie (=drukbaarheid)
 HARD: niet indrukbaar
- bot
 VAST-ELASTISCH: niet duidelijk indrukbaar, geeft verend mee
- pees, ligament en gewrichtsspleet
 VAST: geeft enigszins mee, maar niet elastisch
- zenuw, sterk aangespannen spier, tumor, lymfeklieren
 WEEK/ZACHT: vervormbaar, indrukbaar
- ontspannen spier, huid met (subcutaan) vet, venen
 ALLERLEI TUSSENVORMEN / MENGVORMEN

 Elastisch= keert na uitrekken terug in zijn oorspronkelijke vorm
 Plastisch = keert na uitrekken niet (volledig) terug in zijn oorspronkelijke
vorm

o Gelijkmatigheid en symmetrie – VORM
VERSCHUIFBAARHEID: VERKLEEFD – NIET-VERKLEEFD
 ZWELLINGEN
- relatie zwelling – huid
Kan huid in plooitjes van zwelling gelicht worden ?
- relatie zwelling – onderlaag

, Kan zwelling in twee onderling loodrechte richtingen
verplaatst worden t.o.v. onderlaag?
o Pulsatie
 SLAGADER
- niet te weinig druk
- niet te veel druk
- niet met duim (voelt eigen slagader)

o Fluctuatie (= stroming)
 VOCHT- (OF ETTER) HOUDENDE RUIMTE
- met 2 vingers
- in 2 onderling loodrechte richtingen

o Pijn (VAS schaal)
 moeilijk interpreteerbaar
 verschil van persoon tot persoon

o Temperatuur

 Welke anatomische structuren worden gepalpeerd ?

o Huid
 temperatuur (= doorbloeding)
- regionale verschillen in temperatuur, liefst met handrug
 consistentie: week/zacht
 verschuifbaarheid en elasticiteit
- huidplooi nemen en optillen
 afwijkingen: letsels + gaafheid

o Bot
 consistentie: hard
 handige oriëntatiepunten
 soms met duim

o Gewricht
 gewrichtsspleet: consistentie: vast-elastisch tussen twee harde botpalpaties
in
 veelal bedekt door ligamenten en pezen

o Pees- en bandstructuur
 consistentie: vast-elastisch
 dwars op vezelverloop palperen

Document information

Study
Uploaded on
December 5, 2022
Number of pages
131
Written in
2022/2023
Type
Summary
$4.58

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
Jarnedb2
3.5
(12)
Sold
78
Followers
37
Items
65
Last sold
6 days ago




Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions