Inhoudstafel Inleiding Bouwtechnieken – Semester 1
1. Intro
1. inzet
a. Vraag
b. Antwoord
c. Gebruik
d. Return
2. Lessen
2. Concept
1. Buitenomgeving
a. Onze planeet
b. Macro klimaat
c. Meso klimaat
d. Micro klimaat
e. Impact
2. Menselijke omgeving
a. Voor wie bouwen we?
b. Menselijke lichaam
c. Menselijke maat
3. Gebouwde omgeving
a. Concept
b. Onderzoeksthema’s
1. Gebouwmethodiek
2. Bouwfysica
3. Bouwtechnologie/bouwstabiliteit
4. Casestudie – Francis Kéré, Primary School in Gando
1. Vraag – context
2. Antwoord – bouwen/materiaal
3. gebruik – low tech/ventilatie/klassen
4. Return – participatie
5. Tekenmethodiek
1
, a. La casa del Ojo de Agua – Dewes & Puente
b. Tekenconventies & projecties
3. Bouwmaterialen
1. Bouwstenen
a. Natuursteen
b. Aarde/klei
1. Adobe
2. CEB
3. Baksteen
2. Beton
a. Bekisting
b. Gegoten beton
c. Stampbeton
d. Stampleem
3. Hout
a. De longen van onze planeet
b. Houtskeletbouw
c. Massiebouw
d. CLT
4. Structuur
0. Inleiding
1. Krachten
a. Zwaartekracht of valversnelling
b. Vector
c. Externe krachten
1. Permanent/veranderlijk – duurtijd
2. Normale/accidentele – beschermings- of veiligheidsniveau
3. Statisch
4. Richting – verticaal, horizontaal, schuin
5. Grootte en vorm van de aangrijpingszone – puntlast, lijnlast en
vlaklast
2
, 6. Belasting als gevolg van beweging van de ondergrond
d. Effecten
1. Statisch evenwicht
2. Moment of rotatie
2. Spanningen
a. Interne effecten
b. Normaal spanning
1. Druk en trek
2. Eigenschappen
3. Kettinglijn
c. Buig spanning
d. Momentenlijn
3. Structuren en elementen
a. Balken
1. Werkende hoogte
2. Traagheidmoment
3. Vorm van de sectie
b. Structuren
1. Vormen
2. Lastendaling
3. Horizontale stabiliteit
4. Fundering
5. Structureel plan
4. Casestudies
a. Chapel in Tarnow – studio Beton
b. La Casa del Ojo de Agua – Dewes & Puente
c. Crown Hall – Chicago – Mies van der Rohe
5. Elementen
1. Fundering
a. Actie/reactie
b. Invloed van grondsamenstelling
3
, c. Invloed van grondwater
d. Verbeteren van grondstructuur
e. Ondergrondse constructies
2. Gevel openingen
a. Ontwerp
b. Constructief
3. Trappen
a. ontwerp
b. Rekenmethode
c. Details
d. Tekenmethode
4. Grafische analyse
6. Comfort
1. Comfortelementen
a. Definitie van comfort
b. Temperatuur
c. Vocht
d. Geluid
e. Licht
f. Ventilatie
- Natuurlijke ventilatie
- Mechanische ventilatie
2. Begrippen
a. Thermische massa
b. Thermische geleiding
c. Thermische isolatie
d. Dauwpunt
e. Low tech ontwerp
3. Constructieve samenstelling
a. Inleiding
b. Interne en externe condities
4
, 1. Het binnenklimaat
2. De externe condities
- Temperatuur
- Luchtvochtigheid
- Neerslag of vocht
- Wind
- Zon
1. Oriëntatie
2. Seizoenen
3. Inclinatie
4. Schaduwvorming
5. Hoeveelheid stralingsenergie
6. Broeikaseffect
7. Interactie met oppervlakte en materialen
8. Impact op de functie/het ruimtegebruik
c. Constructieve eisen
- Leefbaarheids- en comforteisen
- Structurele eisen
- Bouwfysische eisen
- Functionele eisen
- Architecturale eisen
- Financiële eisen
d. Algemene ontwerpprincipes
e. Constructieprincipes – constructieve lagen
1. Thermische laag
2. Lucht- en dampdichtheid
1. Impact op de thermische prestaties
2. Impact op de vochthuishouding
3. Soorten wandconstructie
- Tweetrapsdichting + ééntrapsdichting
- Luchtopen + luchtdichte opbouw
5
, 4. Oefening
7. Bouwen
1. Passiefhuis Lokeren
a. Ontwerp
b. Passiehuis?
c. Ondergrondse constructie
d. Bovengrondse constructie
e. Buitenschrijnwerk
f. Isolatie
g. Waterdichting
h. Technieken
i. Luchtdichtheid
j. Afwerking
2. De praktijk
a. Luchtdichtheid van gebouwen – WTC
b. Passief huis
c. Sustainable and livable Cities – Bjarke Ingels
8. Detailleren
1. Het detail
a. Fundering
b. Schuifraam
c. Raam
d. Latei
e. Kroonlijst
f. Nok
g. Dakrand plat dak
2. Alternatief houtskelet
a. Funderingsaansluiting
b. Buitendeur
c. Raam verticale snede
d. Raam horizontale snede
6
, e. Vloeropleg
f. Plat dak
g. Hellend dak
3. Alternatief massiefbouw
a. Funderingsaansluiting
b. Buitendeur
c. Raam verticale snede
d. Raam horizontale snede
e. Vloeropleg
f. Plat dak
g. Hellend dak
4. Oefening
a. Opdracht
7
, Barg13: Inleiding bouwtechnieken: theorie
1. Inzet
4-stappenplan voor hoe we gebouwen ontwerpen/bouwen/gebruiken/afbreken/renoveren
1. De vraag: de vraag van het ontwerp bv. bouw mij een gezinswoning
De vraagstelling wordt verschoven van de client/bouwheer naar de architect
-> architect moet zich afvragen waarom we m² gaan bouwen en niet enkel meer de kennis van de m²
hebben (Waarom? Waar? Voor wie? …)
Belangrijke aspecten:
- Duurzaam concept: Duurzaam blijven = langer aanwezig blijven
Alles wat duurzaam is, sowieso ecologisch moet zijn -> niet correct
Gelinkt aan sociaal en economisch karakter
bv. behoudt Amazonewoud:
- Ecologisch: het meest duurzame het woud te behouden
- Economisch: de waarde aan het bos ook gegeven moet worden aan de mensen ter
plaatsen/mensen ter plaatse worden gedwongen aan veeteelt en landbouw te doen, om rond te
kunnen komen
bv. verschuiving van beton naar hout: beton vervuilend – CO² uitstoot -> hout mooi ecologisch alternatief,
maar hout is niet vaak voorradig, vandaar dat beton veel makkelijker te vinden is + voorradig is
8
,ecologische voetafdruk= hoeveel land per inwoner om aan onze behoeftes te doen
-> inschatten of we niet over de draagkracht van onze aarde gaan bv. Westerse landen komen snel aan
meerdere planeten per persoon
-> ecologische voetafdruk hangt samen met de ontwikkeling van het land
manieren om duurzaamheid te bevorderen: duurzaam bouwen/landbouw/energie
=> DUURZAAM BOUWEN: 1. De ecologische dimensie
2. De sociale dimensie
3. De economische dimensie
-> toekomstperspectieven: nood aan meer kennis van de levenscycluskosten en voordelen die
gepaard gaan met onderhoudsstrategie op langere termijn
- Locatie
RUP=Ruimtelijke uitvoeringsplan -> structuur wordt zichtbaar gemaakt
- Orientatie/klimaat
Zon hangt samen met de belichting, maar hangt ook samen met de opwarming van het gebouw -> zon
wordt gehanteerd als verwarmingselement
Opvallend bij klimaat is dat er per klimaatzone andere methodes zijn van bouwen
bv. bouwen evenaar helemaal anders dan bouwen op de pool
- Programma
- Voor wie/cultuur
Grote ongelijkheid (1/6 van de mensen wonen in krottenwijken)
-> Hoe kunnen we op een duurzame woningen/werkomgevingen/industrie bouwen? Zodat de
krotwijken verdwijnen, BE en NE hebben ook krottenwijken gehad, maar zijn nu niet meer aanwezig
-> was een lange en trage evolutie
bv. Aravena: architect die zich veel bezighoudt met woningen voor krottenwijken
- Waarom
2. Antwoord: het uittekenen van het gebouwen en het bouwen van het gebouw/het bouwproces
- Slim bouwen:
- Buiten: - Zon: noordkant niet dezelfde kwaliteit als Zuidkant - elke oriëntatie heeft zijn voor-
en nadelen
- Schaal van het object: planologie=onderdeel van het bestemmingsplan ->
bestemmingsplan streeft naar duurzaamheid (de 3 pijlers)
- Binnen: - Zonering: bv. wolkenkrabbers – form follows function
-> zonering cruciaal om een gebouw beheersbaar te maken
9
, - Comfort van gebouwen: verschilt per persoon, gekoppeld aan fysiek, functioneel en
psychologisch
- Bouwen: - Materiaal: begrijpen van materiaalkeuze; oorsprong van materiaal weten;
productieproces; transportzone; uitstoot
bv. Pantheon: bijzonder duurzaam gebouw
-> Na de industriële revolutie enorme impact voor materiaal: kan van veel
verder komen, prefabricatie
- Methodiek -> continue verandering, deze kennis hiervan = belangrijk
- Materialen/Productie/Grondverzet/bouwafval/Details/Bouwmethode/Bouwcultuur
3. Gebruik: gebouwen=gebruiksvoorwerpen -> hebben dus ook een slijtage
- Comfort: persoonlijk verbonden; gebouwen realiseren om een bepaald comfort te verkrijgen -> comfort
is cultuur en klimaatgebonden (niet elke cultuur heeft dezelfde comforteisen en gebruiken) – elementen
die aan comfort gelinkt worden zijn: ventilatie, licht, verwarming, water, …
- Verbruik: De Trias Ecologica: 1. Beperk je vraag zo veel mogelijk
2. Kies voor hernieuwbare en/of onuitputtelijke oplossingen
3. Gebruik eindige bronnen zo efficiënt mogelijk
- Milieuverantwoord en gezond bouwen: 1. Ruimte: efficiënt en kwalitatief ruimtegebruik bv. Wat doen
met scholen tijdens vakantie?
2. Energie: rationeel energiegebruik
3. Materialen: levenscyclus van materialen
4. Water: rationeel watergebruik
bv. de grondwaterspiegel komt te laag staan, hierdoor ontstaan
water schaarste
- Onderhoud: de gevraagde mate van functionaliteit: veiligheid, gezondheid, bruikbaarheid, duurzaamheid,
comfort en uitstraling
- Gebruikstermijn: energie/tijd
4. Return: Hoe kan een pand in plaats van enkel te verbruiken ook een positieve return geven naar de
maatschappij?
Hoeft niet via energie, maar kan ook sociaal/economisch zijn
Positief/neutraal/negatief
-> Sociaal/Cultureel/Economisch/Ecologisch
10
1. Intro
1. inzet
a. Vraag
b. Antwoord
c. Gebruik
d. Return
2. Lessen
2. Concept
1. Buitenomgeving
a. Onze planeet
b. Macro klimaat
c. Meso klimaat
d. Micro klimaat
e. Impact
2. Menselijke omgeving
a. Voor wie bouwen we?
b. Menselijke lichaam
c. Menselijke maat
3. Gebouwde omgeving
a. Concept
b. Onderzoeksthema’s
1. Gebouwmethodiek
2. Bouwfysica
3. Bouwtechnologie/bouwstabiliteit
4. Casestudie – Francis Kéré, Primary School in Gando
1. Vraag – context
2. Antwoord – bouwen/materiaal
3. gebruik – low tech/ventilatie/klassen
4. Return – participatie
5. Tekenmethodiek
1
, a. La casa del Ojo de Agua – Dewes & Puente
b. Tekenconventies & projecties
3. Bouwmaterialen
1. Bouwstenen
a. Natuursteen
b. Aarde/klei
1. Adobe
2. CEB
3. Baksteen
2. Beton
a. Bekisting
b. Gegoten beton
c. Stampbeton
d. Stampleem
3. Hout
a. De longen van onze planeet
b. Houtskeletbouw
c. Massiebouw
d. CLT
4. Structuur
0. Inleiding
1. Krachten
a. Zwaartekracht of valversnelling
b. Vector
c. Externe krachten
1. Permanent/veranderlijk – duurtijd
2. Normale/accidentele – beschermings- of veiligheidsniveau
3. Statisch
4. Richting – verticaal, horizontaal, schuin
5. Grootte en vorm van de aangrijpingszone – puntlast, lijnlast en
vlaklast
2
, 6. Belasting als gevolg van beweging van de ondergrond
d. Effecten
1. Statisch evenwicht
2. Moment of rotatie
2. Spanningen
a. Interne effecten
b. Normaal spanning
1. Druk en trek
2. Eigenschappen
3. Kettinglijn
c. Buig spanning
d. Momentenlijn
3. Structuren en elementen
a. Balken
1. Werkende hoogte
2. Traagheidmoment
3. Vorm van de sectie
b. Structuren
1. Vormen
2. Lastendaling
3. Horizontale stabiliteit
4. Fundering
5. Structureel plan
4. Casestudies
a. Chapel in Tarnow – studio Beton
b. La Casa del Ojo de Agua – Dewes & Puente
c. Crown Hall – Chicago – Mies van der Rohe
5. Elementen
1. Fundering
a. Actie/reactie
b. Invloed van grondsamenstelling
3
, c. Invloed van grondwater
d. Verbeteren van grondstructuur
e. Ondergrondse constructies
2. Gevel openingen
a. Ontwerp
b. Constructief
3. Trappen
a. ontwerp
b. Rekenmethode
c. Details
d. Tekenmethode
4. Grafische analyse
6. Comfort
1. Comfortelementen
a. Definitie van comfort
b. Temperatuur
c. Vocht
d. Geluid
e. Licht
f. Ventilatie
- Natuurlijke ventilatie
- Mechanische ventilatie
2. Begrippen
a. Thermische massa
b. Thermische geleiding
c. Thermische isolatie
d. Dauwpunt
e. Low tech ontwerp
3. Constructieve samenstelling
a. Inleiding
b. Interne en externe condities
4
, 1. Het binnenklimaat
2. De externe condities
- Temperatuur
- Luchtvochtigheid
- Neerslag of vocht
- Wind
- Zon
1. Oriëntatie
2. Seizoenen
3. Inclinatie
4. Schaduwvorming
5. Hoeveelheid stralingsenergie
6. Broeikaseffect
7. Interactie met oppervlakte en materialen
8. Impact op de functie/het ruimtegebruik
c. Constructieve eisen
- Leefbaarheids- en comforteisen
- Structurele eisen
- Bouwfysische eisen
- Functionele eisen
- Architecturale eisen
- Financiële eisen
d. Algemene ontwerpprincipes
e. Constructieprincipes – constructieve lagen
1. Thermische laag
2. Lucht- en dampdichtheid
1. Impact op de thermische prestaties
2. Impact op de vochthuishouding
3. Soorten wandconstructie
- Tweetrapsdichting + ééntrapsdichting
- Luchtopen + luchtdichte opbouw
5
, 4. Oefening
7. Bouwen
1. Passiefhuis Lokeren
a. Ontwerp
b. Passiehuis?
c. Ondergrondse constructie
d. Bovengrondse constructie
e. Buitenschrijnwerk
f. Isolatie
g. Waterdichting
h. Technieken
i. Luchtdichtheid
j. Afwerking
2. De praktijk
a. Luchtdichtheid van gebouwen – WTC
b. Passief huis
c. Sustainable and livable Cities – Bjarke Ingels
8. Detailleren
1. Het detail
a. Fundering
b. Schuifraam
c. Raam
d. Latei
e. Kroonlijst
f. Nok
g. Dakrand plat dak
2. Alternatief houtskelet
a. Funderingsaansluiting
b. Buitendeur
c. Raam verticale snede
d. Raam horizontale snede
6
, e. Vloeropleg
f. Plat dak
g. Hellend dak
3. Alternatief massiefbouw
a. Funderingsaansluiting
b. Buitendeur
c. Raam verticale snede
d. Raam horizontale snede
e. Vloeropleg
f. Plat dak
g. Hellend dak
4. Oefening
a. Opdracht
7
, Barg13: Inleiding bouwtechnieken: theorie
1. Inzet
4-stappenplan voor hoe we gebouwen ontwerpen/bouwen/gebruiken/afbreken/renoveren
1. De vraag: de vraag van het ontwerp bv. bouw mij een gezinswoning
De vraagstelling wordt verschoven van de client/bouwheer naar de architect
-> architect moet zich afvragen waarom we m² gaan bouwen en niet enkel meer de kennis van de m²
hebben (Waarom? Waar? Voor wie? …)
Belangrijke aspecten:
- Duurzaam concept: Duurzaam blijven = langer aanwezig blijven
Alles wat duurzaam is, sowieso ecologisch moet zijn -> niet correct
Gelinkt aan sociaal en economisch karakter
bv. behoudt Amazonewoud:
- Ecologisch: het meest duurzame het woud te behouden
- Economisch: de waarde aan het bos ook gegeven moet worden aan de mensen ter
plaatsen/mensen ter plaatse worden gedwongen aan veeteelt en landbouw te doen, om rond te
kunnen komen
bv. verschuiving van beton naar hout: beton vervuilend – CO² uitstoot -> hout mooi ecologisch alternatief,
maar hout is niet vaak voorradig, vandaar dat beton veel makkelijker te vinden is + voorradig is
8
,ecologische voetafdruk= hoeveel land per inwoner om aan onze behoeftes te doen
-> inschatten of we niet over de draagkracht van onze aarde gaan bv. Westerse landen komen snel aan
meerdere planeten per persoon
-> ecologische voetafdruk hangt samen met de ontwikkeling van het land
manieren om duurzaamheid te bevorderen: duurzaam bouwen/landbouw/energie
=> DUURZAAM BOUWEN: 1. De ecologische dimensie
2. De sociale dimensie
3. De economische dimensie
-> toekomstperspectieven: nood aan meer kennis van de levenscycluskosten en voordelen die
gepaard gaan met onderhoudsstrategie op langere termijn
- Locatie
RUP=Ruimtelijke uitvoeringsplan -> structuur wordt zichtbaar gemaakt
- Orientatie/klimaat
Zon hangt samen met de belichting, maar hangt ook samen met de opwarming van het gebouw -> zon
wordt gehanteerd als verwarmingselement
Opvallend bij klimaat is dat er per klimaatzone andere methodes zijn van bouwen
bv. bouwen evenaar helemaal anders dan bouwen op de pool
- Programma
- Voor wie/cultuur
Grote ongelijkheid (1/6 van de mensen wonen in krottenwijken)
-> Hoe kunnen we op een duurzame woningen/werkomgevingen/industrie bouwen? Zodat de
krotwijken verdwijnen, BE en NE hebben ook krottenwijken gehad, maar zijn nu niet meer aanwezig
-> was een lange en trage evolutie
bv. Aravena: architect die zich veel bezighoudt met woningen voor krottenwijken
- Waarom
2. Antwoord: het uittekenen van het gebouwen en het bouwen van het gebouw/het bouwproces
- Slim bouwen:
- Buiten: - Zon: noordkant niet dezelfde kwaliteit als Zuidkant - elke oriëntatie heeft zijn voor-
en nadelen
- Schaal van het object: planologie=onderdeel van het bestemmingsplan ->
bestemmingsplan streeft naar duurzaamheid (de 3 pijlers)
- Binnen: - Zonering: bv. wolkenkrabbers – form follows function
-> zonering cruciaal om een gebouw beheersbaar te maken
9
, - Comfort van gebouwen: verschilt per persoon, gekoppeld aan fysiek, functioneel en
psychologisch
- Bouwen: - Materiaal: begrijpen van materiaalkeuze; oorsprong van materiaal weten;
productieproces; transportzone; uitstoot
bv. Pantheon: bijzonder duurzaam gebouw
-> Na de industriële revolutie enorme impact voor materiaal: kan van veel
verder komen, prefabricatie
- Methodiek -> continue verandering, deze kennis hiervan = belangrijk
- Materialen/Productie/Grondverzet/bouwafval/Details/Bouwmethode/Bouwcultuur
3. Gebruik: gebouwen=gebruiksvoorwerpen -> hebben dus ook een slijtage
- Comfort: persoonlijk verbonden; gebouwen realiseren om een bepaald comfort te verkrijgen -> comfort
is cultuur en klimaatgebonden (niet elke cultuur heeft dezelfde comforteisen en gebruiken) – elementen
die aan comfort gelinkt worden zijn: ventilatie, licht, verwarming, water, …
- Verbruik: De Trias Ecologica: 1. Beperk je vraag zo veel mogelijk
2. Kies voor hernieuwbare en/of onuitputtelijke oplossingen
3. Gebruik eindige bronnen zo efficiënt mogelijk
- Milieuverantwoord en gezond bouwen: 1. Ruimte: efficiënt en kwalitatief ruimtegebruik bv. Wat doen
met scholen tijdens vakantie?
2. Energie: rationeel energiegebruik
3. Materialen: levenscyclus van materialen
4. Water: rationeel watergebruik
bv. de grondwaterspiegel komt te laag staan, hierdoor ontstaan
water schaarste
- Onderhoud: de gevraagde mate van functionaliteit: veiligheid, gezondheid, bruikbaarheid, duurzaamheid,
comfort en uitstraling
- Gebruikstermijn: energie/tijd
4. Return: Hoe kan een pand in plaats van enkel te verbruiken ook een positieve return geven naar de
maatschappij?
Hoeft niet via energie, maar kan ook sociaal/economisch zijn
Positief/neutraal/negatief
-> Sociaal/Cultureel/Economisch/Ecologisch
10