Radiotherapie samenvatting
Leerdoelen:
het basisprincipe van radiotherapie uitleggen.
vertellen hoe de patiënten routing op een afdeling Radiotherapie verloopt en wat de
taken van de Medisch Beeldvormend en Bestralingsdeskundige (MBB’er) hierbij zijn.
bouw en werking gebruikte apparatuur op de radiotherapie beschrijven.
het doel van en het begrip de CT-lokalisatie uitleggen.
beargumenteren hoe een patiënt gepositioneerd moet worden.
het principe van IGRT benoemen.
richtlijnen en volumina gedefinieerd volgens de ICRU beschrijven.
ligging van organen in thorax en abdomen op CT-beelden herkennen en benoemen.
uitleggen wat maligne tumoren zijn, wat (TNM) stadiëring is
vertellen welke behandelmogelijkheden er zijn voor de behandeling van maligniteiten
in het algemeen.
Radiotherapie: behandeling van kanker met behulp van straling. Het doel is om zoveel
mogelijk kanker te bestrijden, hiervoor is zo hoog mogelijk dosis straling nodig op de tumor,
maar zo min mogelijk gezonde cellen om de tumor heen moeten bestraald worden
Bij CT-scan: tatoeage prikjes in PT. Deze staan als markering om later tijdens de bestraling
goed te kunnen richten op de juiste plek. Zo ligt de PT dus bij elke bestraling hetzelfde en is
het makkelijk te vergelijken.
Benigne tumor: goedaardige tumor
Maligne: kwaadaardige tumor
Metastaseren: uitzaaien van kwaadaardige tumoren
Curatieve behandeling: gericht op genezing en vind soms uit voorzorg plaats
Palliatieve behandeling: als doel om klachten/pijn of bloedverlies te bestrijden en kwaliteit
van leven te verbeteren en evt verlengen.
TNM-stadium:
T: uitgebreidheid van oorspronkelijke tumor
N: geeft aan in hoeverre de tumor is uitgezaaid naar lymfeklieren
M: geeft aan of er wel of geen uitzaaiingen zijn aangetoond
Behandelmogelijkheden:
- Chirurgie
- Chemotherapie
- Radiotherapie
, - Hormoontherapie
- Immunotherapie
Uitwendige radiotherapie: lineaire versneller, bestaat meestal uit meerdere kortdurende
bestralingen
Route patiënt radiotherapie:
Voorbereidende fase:
- CT-lokalisatie: plaatsbepaling tumor ten opzichte van gezonde organen en houding zoals de
PT bestraald gaat worden bepalen.
- Treatmentplanning: berekenen en bepaling van de dosis straling in het lichaam met een
speciaal systeem
Uitvoerende fase:
- Positionering PT
- Controle door beelden te maken
- Bestralen
Om de PT hetzelfde weer neer te leggen worden lasers gebruikt:
Deze dienen voor:
- Om de patiënt goed neer te kunnen leggen
- Er worden referentiepunten aangetekend, waar de lasers kruisen
- De kruising van de lijnen: CT-referentiepunt
Top laser: lateraal, links-rechts richting
Hoogte laser: ventro-dorsaal, voor-achterwaartse richting
Transversale laser: loopt in de breedte
Treatmentplanning:
Na de scan gaan de beelden naar de computer, de mbb’er tekent OAR’s in en bedenkt de
richtingen van waaruit bestraald moet worden
- Plaatsen van bestralingsbundels
- Berekeningen uitvoeren en optimaliseren
- Evalueren van de dosis
Plan is goed wanneer zo min mogelijk dosis op de OAR’s komt en zoveel mogelijk op de
tumor.
Leerdoelen:
het basisprincipe van radiotherapie uitleggen.
vertellen hoe de patiënten routing op een afdeling Radiotherapie verloopt en wat de
taken van de Medisch Beeldvormend en Bestralingsdeskundige (MBB’er) hierbij zijn.
bouw en werking gebruikte apparatuur op de radiotherapie beschrijven.
het doel van en het begrip de CT-lokalisatie uitleggen.
beargumenteren hoe een patiënt gepositioneerd moet worden.
het principe van IGRT benoemen.
richtlijnen en volumina gedefinieerd volgens de ICRU beschrijven.
ligging van organen in thorax en abdomen op CT-beelden herkennen en benoemen.
uitleggen wat maligne tumoren zijn, wat (TNM) stadiëring is
vertellen welke behandelmogelijkheden er zijn voor de behandeling van maligniteiten
in het algemeen.
Radiotherapie: behandeling van kanker met behulp van straling. Het doel is om zoveel
mogelijk kanker te bestrijden, hiervoor is zo hoog mogelijk dosis straling nodig op de tumor,
maar zo min mogelijk gezonde cellen om de tumor heen moeten bestraald worden
Bij CT-scan: tatoeage prikjes in PT. Deze staan als markering om later tijdens de bestraling
goed te kunnen richten op de juiste plek. Zo ligt de PT dus bij elke bestraling hetzelfde en is
het makkelijk te vergelijken.
Benigne tumor: goedaardige tumor
Maligne: kwaadaardige tumor
Metastaseren: uitzaaien van kwaadaardige tumoren
Curatieve behandeling: gericht op genezing en vind soms uit voorzorg plaats
Palliatieve behandeling: als doel om klachten/pijn of bloedverlies te bestrijden en kwaliteit
van leven te verbeteren en evt verlengen.
TNM-stadium:
T: uitgebreidheid van oorspronkelijke tumor
N: geeft aan in hoeverre de tumor is uitgezaaid naar lymfeklieren
M: geeft aan of er wel of geen uitzaaiingen zijn aangetoond
Behandelmogelijkheden:
- Chirurgie
- Chemotherapie
- Radiotherapie
, - Hormoontherapie
- Immunotherapie
Uitwendige radiotherapie: lineaire versneller, bestaat meestal uit meerdere kortdurende
bestralingen
Route patiënt radiotherapie:
Voorbereidende fase:
- CT-lokalisatie: plaatsbepaling tumor ten opzichte van gezonde organen en houding zoals de
PT bestraald gaat worden bepalen.
- Treatmentplanning: berekenen en bepaling van de dosis straling in het lichaam met een
speciaal systeem
Uitvoerende fase:
- Positionering PT
- Controle door beelden te maken
- Bestralen
Om de PT hetzelfde weer neer te leggen worden lasers gebruikt:
Deze dienen voor:
- Om de patiënt goed neer te kunnen leggen
- Er worden referentiepunten aangetekend, waar de lasers kruisen
- De kruising van de lijnen: CT-referentiepunt
Top laser: lateraal, links-rechts richting
Hoogte laser: ventro-dorsaal, voor-achterwaartse richting
Transversale laser: loopt in de breedte
Treatmentplanning:
Na de scan gaan de beelden naar de computer, de mbb’er tekent OAR’s in en bedenkt de
richtingen van waaruit bestraald moet worden
- Plaatsen van bestralingsbundels
- Berekeningen uitvoeren en optimaliseren
- Evalueren van de dosis
Plan is goed wanneer zo min mogelijk dosis op de OAR’s komt en zoveel mogelijk op de
tumor.