WISSELSTROOMSCHAKELINGEN
wet van Faraday
A) Magneet naar spoel spanning geïnduceerd
Stroom doorheen spoel
magnetische flux stijgt
B) Magneet stil geen spanning geïnduceerd
C) Magneet weg van spoel spanning geïnduceerd
stroom: tegengesteld aan eerste situatie
magnetische flux neemt af
Verandering van flux creëert een elektromotorische kracht
Flux = hoeveelheid aan magnetische veldlijn die doorheen opening van spoel gaan
Wet van Lenz
geïnduceerde stroom is zodanig dat die een magneetveld opwekt die de verandering van
flux tegenwerkt
Situatie : koppeling tussen twee spoelen maken
1. Er loopt wisselstroom in spoel 1
2. Magneetveld opgewekt in spoel 1
3. Veranderende magnetische flux in spoel 1 zal voor een stuk in spoel 2 komen
& spoel 2 merkt het magneetveld van spoel 1
4. Er wordt ook wisselstroom geïnduceerd in spoel 2
Situatie : twee spoelen vastgehecht op eenzelfde staaf met gesloten kring
1. Stroom door spoel 1
2. Magneetveld aan spoel 1
3. Ijzere staaf wordt volledige gemagnetiseerd
4. Omdat magnetische flux niet veranderd, reageert spoel 2 hier niet op
, Situatie : twee spoelen vastgehecht op eenzelfde staaf met open kring
1. Stroom in de spoel wordt onderbroken
2. Op de tijd dat nodig is om de stroom naar 0 te krijgen is er een veranderende flux
3. Spoel 2 reageert op deze veranderende flux aan spoel 1
4. Geïnduceerde stroom aan spoel 2 -> staat in de richting die de fluxvermindering
compenseert
schakelaar terug sluiten
5. In de tijd om de stroom in spoel 1 van 0 naar maximale waarde te brengen is er een
veranderende magnetische flux
6. Fluxtoename zorgt ervoor dat er in spoel 1 een stroom te induceren die de
verandering van toenemende flux tegenwerkt -> negatieve spanning
WEDERZIJDSE INDUCTIE
N 2 ϕ 21
M21 =
I1
= de reactie van spoel 2 op de stroom door spoel 1
-> evenredig met het aantal wikkelingen door spoel 2 & flux in spoel 2 (afkomstig van spoel 1)
-> omgekeerd met de stroom door spoel 1
Stroom door spoel 1 niet constant is -> emk in spoel 2 gecreëerd
Conclusie
Spanning geïnduceerd in spoel 2 evenredig is met het tempo waaraan de stroom
veranderd in spoel 1
Spanning geïnduceerd in spoel 1 is evenredig met het tempo waaraan de stroom
veranderd in spoel 2
Wederzijdse inductie : H
Situatie : Lange spoel (solenoïde ) + wikkelingen rond lange spoel
spoel 1 spoel 2
Flux doorheen beide spoelen hetzelfde (zelfde doorsnede)
Hoe sterk de koppeling is tussen twee spoelen, enkel afhankelijk van vorm & geometrie
- oppervlakte, lengte, aantal windingen