Hoofdstuk 10 – Kenmerkende aspecten
De dekolonisatie maakt een eind aan de westerse hegemonie in de wereld.
Oorzaken van de dekolonisatie
Doordat er een tekort was aan Europeanen in de koloniën mochten sommige
inheemse in Europa gaan studeren. Zij leerden begrippen als vrijheid en gelijkheid en
werden daardoor zelfbewuster. Ook kregen zij verlangens naar zelfbestuur.
Later in de tweede wereldoorlog kregen de Aziaten door dat de Europeanen te
verslaan waren. Ook dit voedde het streven naar onafhankelijkheid.
Na 1945 kregen de Verenigde Staten en de Sovjet-Unie veel macht en beide landen
keurden het kolonialisme af.
In welke gebieden was dekolonisatie aan de gang?
Brits-Indië -> India en Pakistan
Het Verenigd Koninkrijk had 20 koloniën in Afrika die gedekoloniseerd werden.
Frankrijk dekoloniseerde een groot deel van hun Afrikaanse koloniën.
Na een dekolonisatie-oorlog van ruim 3 jaar was ook Indonesië losgekoppeld van
Nederland
Gevolgen voor de Europese landen.
Veel mensen dachten dat Nederland grote economische schade zou hebben maar dat bleek
niet zo te zijn. Door stimulatie van de overheid aan de industrie was er in de jaren 50/60 een
enorme economische groei. De oorlogsschade werd hersteld en de welvaart nam toe.
Nederland werd al snel een verzorgingsstaat door de goede regelingen. In de jaren 70 kwam
de economische groei tot stilstand. Er kwam steeds meer vraag naar uitkeringen, er kwam
steeds meer kritiek, maar desondanks bleef Nederland een aantrekkelijk land voor
buitenlanders.
De gevolgen voor de voormalige koloniën.
De koloniën waren politiek onafhankelijk zoals ze wilden, maar ze misten toch wel de steun
van de Europeanen. Er ontstonden een aantal economische problemen, ze moesten nu
bijvoorbeeld ook zelf zorgen voor een goede infrastructuur en een goede industrie. In grote
koloniale landen in bijvoorbeeld Afrika ontstonden burgeroorlogen over welke
bevolkingsgroep de meeste macht krijgt.
De verdeling van de wereld in 3 ideologische blokken in de greep van een wapenwedloop en
de daaruit voortvloeiende dreiging van een atoomoorlog.
De nieuwe grootmachten na de tweede wereldoorlog, en de ideologieën van het West- en
Oostblok.
Na de tweede wereldoorlog waren er 2 landen die het absoluut niet eens waren met elkaar
en dat ook uitspraken. Dit waren de Verenigde Staten en de Sovjet-Unie. Na de oorlog
ontstonden er 2 blokken. Het Westblok, dat bestond uit de Verenigde Staten en de West-
Europese landen. Dit waren vooral kapitalistische en democratische landen. En het Oostblok
dat bestond uit de Sovjet-Unie en haar invloedsfeer. Dit waren vooral communistische
landen.