Agogiek 2 professionele hulpverlening week 1
Professionele hulpverlening 1
- Werkt methodisch
- Kan verschillende methoden hanteren
- Weet op het juiste moment de juist methode voor de client te kiezen
- Hulpverlening voorheen
o Persoonlijke kwaliteiten centraal
o Hulpverlening op waarden gebaseerd
- Verandering hulpverlening
o Client is een subject (client doet ook mee) IPV een object (hulpverlener
bepaald voor de client)
o ‘wat wil de client?’ IPV ‘wij weten wat goed is voor de client
o Clientgerichtheid is belangrijkste waarde
Evidence based werken 2
- Methodes moeten bewezen effectief zijn
- Value based werken: de orientatie op waarden
- Client based werken: clientgerictht werken
Professionele hulpverlening
- Begrippen methode en methodiek zijn niet eenduidig
- Uiteenlopende omschrijvingen moeilijk te
definiëren
- Methodiekdiscussie relevant voor praktijk?
,Methodiek
- ‘’ methodiek is een door de hulpverlening gezamenlijk te dragen flexibel van
sturende praktijk theoretische inzichten en ethische en normatieve stellingnames
over een omschreven gebied van de hulpverlening ‘’ (Bassant & de Roos, 2010).
- Bv: systeemgericht werken, oplossingsgericht werken
1. Stelt social workers in staat op een verantwoorde manier methoden/werkwijzen
kiezen
2. Geeft in grote lijnen aan hoe hulp verleend moet worden en binnen welke grenzen
de social worker moet handelen
3. Geeft aanwijzingen en ondersteuning bij handelen
4. Is open en dynamisch
5. Gedragen door iedereen: van client tot management
- 4 basiselementen
o Methodiek maakt verantwoord kiezen mogelijk
Overkoepelend kader
Stelt de hulpverlener in staat te kiezen, ook te verantwoorden wat je
doet
o Methodiek steunt op praktijktheoretische inzichten
Zorgt voor verbinden theorie en praktijk
Methodiek komt vanuit praktijkervaringen inductief
Bv begeleid wonen
Methodiek komt vanuit wetenschappelijke kennis deductief
Bv zware psychiatrische problematiek
Verhouding kan wisselen
o Methodiek kent ethische en normatieve stellingnames
Waarden en normen worden duidelijk in methodiek
Geheel van gezamenlijk gedragen belangrijke waarden en normen die
als basis dienen voor het handelen
o Methodiek ontwikkelt zich in wisselwerking tussen theorie en praktijk
Methode
- ‘’ een methode is een omschreven en doelgerichte werkwijze om met een
client/clientengroep in een bepaalde situatie een bepaald vraagstuk op te lossen.
Een methode geeft richting aan het handelen van de hulpverlener door middel van
aanwijzingen voor het gebruik van instrumenten en technieken ‘’ (Bassant & de Roos,
2010)
- Bv: familieopstelling
1. Is gericht op een doelgroep
2. Kent specifieke, welomschreven doelen
, 3. Specifiek en beperkt in bereik; bruikbaar voor de situatie of het vraagstuk dat speelt
4. Gestandaardiseerd & overdraagbaar; vaste structuur
5. Niet voor eenmalig gebruik; niet persoonsgebonden
6. Handelingsgericht
7. Expliciet theoretisch; wetenschappelijk verantwoord kader; bewezen effectief
- Veel soorten methoden
o Gedragsverandering tot doel
o Gedragsverandering door middel van inzicht
o Richten op omgeving IPV client
o Etc
- Methoden worden naast elkaar en door elkaar gebruikt
- Recept (via stappenplan) veel ruimte
- Agogisch hulpverlenen: client heeft actieve rol. Hij is een medespeler
- Methode is een afgeleide van een methodiek die varieert naar doelgroep
- Professioneel interveniëren professioneel in actie komen
Doelen van methode
- Gedragsverandering
- Hoe?
o Gedrag onder controle brengen
o Probleem oplossen/genezen
o Gedrag behouden/stabiliseren
o Herstellen
o Ontwikkeling en groeien
Wanneer succesvol?
- Lang niet ieder methode is evidence based
- Methode = middel om dichterbij een doel te komen, nooit een doel op zichzelf
Methodisch handelen
- Doelgericht