• Scientist-practitioner en evidence based medicine (EBM)
1. Vier grote theoretische kaders
• De 4 grote theoretische kaders
2. Paradigma’s
3. Psychotherapie
3.1. Zes competenties
3.2. Psychotherapie werkt (of kan werken)
3.2.1. Nagaan van effectiviteit
3.2.2. Belang vergelijkingscondities: effectief in vergelijking met…?
• intent-to-treat sample:
• completer sample:
• drop-outs:
3.2.3. Effectiviteit
3.2.4. Klinische significantie
3.2.5. Behoud van veranderingen
3.2.6. Iatrogene effecten
3.2.7. Kosteneffectiviteit
3.3. Van werkzaamheid naar doeltreffendheid
• Improving Access to Psychological Therapies in UK (IAPT)
3.4. Verschillen tussen bonafide behandelvormen
4. Besluit
Mensbeelden en interventies Les 1 Inleiding en situering 1
, Inleiding en situering
• Waarom dit vak?
o Taken van klinisch psycholoog
▪ Beoordeling (assessment)
▪ Begeleiding
▪ Behandeling
▪ Beleid
o Centrale competenties en taken van de klinische psycholoog!!!
• Wie consulteert en hoe ga je daarmee om?
o Link theorie-praktijk staat centraal in dit vak:
▪ inleiding in basisconcepten en –competenties om een begeleidings/behandelaanbod te doen
▪ Verdere uitdieping in therapievakken, practica en postgraduaatopleidingen
o Doel is om op te leiden als scientist-practitioner:
▪ Behandelen gebaseerd op wetenschappelijke kennis -> maar hoe werkt dat precies?
• Scientist-practitioner en evidence based medicine (EBM)
o EBM is niet naïef toepassen van technieken of lijstjes van ‘evidence-based’ therapievormen
o American Psychological Association (2012): EBM “is the integration of the best available research with
clinical expertise in the context of patient characteristics, culture, and preferences”
o Veronderstelt stevige kennis en competenties
o Vergelijk het met..
▪ Chirurg
▪ Ingenieur, architect, …
▪ Piloot
Basiskennis is nodig vooraleer meer geavanceerde competenties kunnen verworven worden!! Met welke
chirurg, ingenieur, piloot wil jij in zee gaan? Hetzelfde geldt voor therapeuten…
• Problemen met kwaliteit van psychotherapie
o Er is geen titelbescherming (wel van klinisch psycholoog)
o Enkel activiteiten van psychotherapie vallen onder de nieuwe wet op de uitoefening van de
gezondheidszorg
o Maar ook onder klinisch psychologen/psychotherapeuten heel wat problemen met wetenschappelijkheid
▪ Chakra, bloesemtherapie, bioenergetica, …
▪ Diagnostische onkunde, slechte indicatiestelling, niet kunnen installeren/behouden van therapeutisch
kader, aanbieden van simplistische of te korte therapieën bij complexe problematiek,…
1. Vier grote theoretische kaders
• De 4 grote theoretische kaders
Mensbeelden en interventies Les 1 Inleiding en situering 2
, o leerpsychologische/gedragstherapeutische benadering, psychodynamische benadering,
humanistische/existentiële benadering, relatie- en gezinstherapie
o zijn elk gebaseerd op een mensbeeld
o hebben elk aanleiding gegeven tot systematisch onderzoek → wetenschappelijke paradigma’s
o zijn wetenschappelijk onderbouwd
▪ als wetenschap
▪ als behandelvorm
o zijn complementair
o vertonen steeds meer integratieve tendensen, maar
▪ Mr tot nu toe nog geen uniforme theorie
▪ verschillen blijven bestaan en zijn ook goed; dat is ook zo in andere takken van de
wetenschap en maakt dat wetenschap vooruitgang boekt
2. Paradigma’s
• Paradigma = Een geheel van samenhangende assumpties, die samen een bepaalde mensvisie of
mensbeeld vormen.
o De basisassumpties die er de kern van vormen, zijn slechts deels en onrechtstreeks empirisch te
toetsen → in zekere mate afgeschermd van de mogelijkheid tot directe falsificatie.
o Geven aanleiding tot generatieve onderzoeksprogramma’s die aanleiding blijven geven tot
nieuwevragen die kennis/inzicht vergroten. (itt tot degeneratieve onderzoeksprogramma’s)
▪ Respectabele onderzoeksprogramma’s
▪ Blijven aanleiding geven tot nieuwe vragen die kennis/inzicht vergroten
o Vormen de basis voor scientist-practitioner model:
▪ denken en handelen dat gebaseerd is op wetenschappelijke kennis
▪ Anders dreigt bricolage, samenraapsels en samenklutsen van allerlei techniekjes en
interventies zonder dat je weet waarom je iets (niet) doet
• Denkkaders van waaruit de ‘werkelijkheid’ (in dit geval het eigene van menselijk psychisch
functioneren) gedefinieerd en dus bekeken en bestudeerd wordt
• Typisch voor paradigma’s is dat de basisassumpties die er de kern van vormen slechts deels en in de
regel slechts onrechtstreeks empirisch te toetsen zijn
• Deze basisassumpties worden dus in zekere mate afgeschermd van de mogelijkheid tot directe falsificatie
• In de praktijk: elke psychotherapeut
o kijkt op een bepaalde manier (impliciet/expliciet) naar de wereld, de mens en menselijke problemen
▪ zonder theorie zie je niets
▪ mr die theorie kan ook een blinde vlek zijn
o heeft een affectieve affiniteit met een bepaalde manier van kijken
Mensbeelden en interventies Les 1 Inleiding en situering 3
, 3. Psychotherapie
• Werkdefinitie van psychotherapie:
o It is a primarily interpersonal treatment that is based on psychological principles and
involves a trained therapist and a client who has a mental disorder, problem or
complaint.
o It is intended by the therapist to be remedial for the client’s disorder, problem or
complaint.
o It is adapted or individualized for the particular client and his/her disorder, problem or
complaint.
3.1. Zes competenties
• Generische competenties: competenties die vereist zijn voor alle psychologische interventies
(zoals een band kunnen opbouwen met mensen)
• Basiscompetenties bij een bepaald type van benadering
o Competenties die in de meeste vormen van een bepaalde benadering worden gebruikt
(bv. algemene principes van CBT of PDT: hoe doe je dat concreet?)
o Is de basis ve persoonsgerichte benadering als complement van een stoornisgerichte
benadering
• Specifieke competenties bij een bepaald type van benadering (bv. exposure bij CGT, werken
met overdracht in PDT)
• Algemene meta-competenties: competenties die te maken hebben met het bewaken van het
proces van interventies in het algemeen (over benaderingen heen)
• Probleem-specifieke competenties die verbonden zijn met welbepaalde interventies
o bv Clark model bij depressie in CGT, EFT in humanistische, MBT in psychodynamische,
multi-systemische therapie in relatietherapie).
• Specifieke meta-competenties die te maken hebben met het proces en verbonden zijn met
het type v interventies. (zoals het kunnen kiezen uit de ‘juiste’ methode of aanpak in
relatietherapie )
3.2. Psychotherapie werkt (of kan werken)
3.2.1. Nagaan van effectiviteit
• Bij het nagaan van de effectiviteit van psychotherapie spelen meta-analyses een centrale rol.
Hierbij is de effect size een indicatie van de sterkte/grootte van een verband
o Indicatie van de sterkte/grootte van het verband
o tussen twee behandelingen
o voor en na dezelfde behandeling
Vak Les 4