Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 2 out of 8 pages
Summary

Samenvatting Evolutie Biologie voor jou Havo

Document preview thumbnail
Preview 2 out of 8 pages

Evolutie Biologie voor jou Havo

Content preview

lOMoARcPSD|12798044




Evolutie biologie Havo
Basisstof 1 indeling van de levende natuur
Het leven op aarde
De aarde bestaat ongeveer 4,6 miljard jaar.
In het begin ontstonden de eencellige vormen van leven.
Biodiversiteit (verscheidenheid aan organisme heeft miljarden jaren geduurd.
Je kan genetische verwantschappen ordenen meestal op moleculaire eigenschappen bijv. bouw
van membranen, eiwitten en erfelijk DNA.
Op basis van vergelijking van de bouw van ribosomen bestaat de hoofdindeling van alle
levensvormen uit 3 domeinen:
1. bacteriën
2. Archaea
3. Eukaryoten

Criteria voor indeling
Organisme worden in gedeeld op basis van moleculaire eigenschapen en uiterlijke kenmerken
(celtype aantal cellen) en voedingswijze
Organisme kunnen organische en anorganische stoffen uit het milieu opnemen
Organische stoffen:
 Afkomstig van organisme
 Grote en ingewikkelde gebouwde moleculen uit de atomen Koolstof (C) waterstof (H) en
zuurstof (O)
 Bevatten atomen van stikstof (N) fosfor (P) en zwavel (S)
Anorganische stoffen:
 Afkomstig van levenloze natuur en organisme
 Kleine eenvoudig gebouwde moleculen
 Koolstofmonoxide (CO) koolstofdioxide (CO2) water (W2O) keukenzout (NaCI) zuurstof
(O2)
Op grond van de voedingswijze zijn organisme in te delen in autotrofe en heterotroof organisme
Autotroof:
 Zelf voedend
 Nemen alleen anorganische stoffen op
Ze maken uit anorganische stoffen en energie organische stoffen waaruit ze bestaan
(vetten koolhydraten eiwitten)
Ze kunnen dus voor zichzelf zorgen (fotosynthese)
Chlorofyl > bladgroen
Chloroplasten > bladgroenkorrels
Cyanobacteriën: bevatten chlorofyl en zijn autotroof
Heterotroof:
 Een ander nodig hebben voor het voedsel
Hetetotrofe organismen zijn niet in staat organische stoffen te maken uit anorganische stoffen
als grondstoffen.
Ze moeten organische stoffen (van andere organismen) als voedsel opnemen
Uit deze organische stoffen maken ze hun eigen organische stoffen hierbij zijn ook
anorganische stoffen nodig.
Schimmels en dieren zijn hetrotroof de meeste bacteriën en archaea ook.

, lOMoARcPSD|12798044




Indeling van de domeinen
De domeinen bacteriën en archaea bestaan uit eenvoudig gebouwde eencelligen.
Prokaryoten: eencellige organisme met ribosomen maar zonder celkern of andere
organellen bacteriën en archaea zijn prokaryoten.
Eukaryoten bestaat uit schimmel planten en dieren en eencellige eukaryoten.
Eukaryoten: zijn organismen met cellen met een celkern, dubbele membranen en celorganellen
De cellen van eukaryoten zijn complexer gebouwd dan die van prokaryoten.
Moleculair onderzoek leidt tot nieuwe inzichten in de verwantschap van organisme

Binaire naamgeving
Dierenrijk: Stam > klasse > orde > familie > geslacht > soort
Geslacht: bestaat uit een aantal soorten
Soorten hebben zich uit eenzelfde voorouder
ontwikkeld. Binaire naamgeving = wetenschappelijke
naamgeving. Geslachtsnaam: wordt als hoofdletter
geschreven voorop. Soortaanduiding: komt erachter
met een kleine letter. Soms ook nog de onderzoeker
de naam heeft gegeven.


Basisstof 2 prokaryoten
Archaea
Archaea kun je met een elektronenmicroscoop zien. Ze hebben geen interne membranen meer,
wel DNA en ribosomen. Ze hebben ook zweepharen archaea zijn meer verwant aan de
eukaryoten, dan aan de bacteriën aan vetten in het celmembraan en de wijze waarop eiwitten
worden gemaakt in de ribosomen lijken meer op eukaryoten het domein archaea is klein: er zijn
enkele honderden soorten bekend. Archaea worden wel extremofiel genoemd, want ze worden
vaak onder extreme omstandigheden aangetroffen.

Bacteriën
Bacteriën zijn eencelligen zonder celkern of interne
membranen ze hebben dezelfde grote als archaea.
Het erfelijk materiaal ligt in een kringvormig (circulair) chromosoom.
Sommige bacteriën hebben naast dit ene grote chromosoom ook plasmiden: kleinere
circulaire chromosomen.
Op plasmiden bevinden zich genen die resistentie (ongevoeligheid) kunnen veroorzaken
tegen bepaalde gifstoffen. (zoals antibiotica) (immuun)
De celwanden van bacteriën bestaan voornamelijk uit peptidoglycaan: een stof die bij geen
enkel ander organisme voorkomt.
Ze delen zich ongeslachtelijk voor.

Betekenis voor de mens
Bacteriën kunnen melksuiker (lactose) omzetten in melkzuur, productie van yoghurt,
kaas en zuurkool en bij afvalwaterzuivering en milieuverontreiniging.
In de natuur ruimen heterotrofe bacteriën (en schimmels) de dode resten van organismen
op cyanobacteriën (blauwalg): bevatten bladgroen en blauwe pigmenten.

Connected book
 image
Publisher: Unknown ISBN: 9789020871302 Edition: 4

Document information

Level
School year
4
Summarized whole book?
No
Which chapters are summarized?
Evolutie
Uploaded on
June 27, 2022
Number of pages
8
Written in
2021/2022
Type
Summary
$6.60

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
504
Followers
54
Items
11
Last sold
3 year ago




Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions