GROEI EN ONTWIKKELING :
HOOFDSTUK 2 : SOMATISCHE GROEI
2.1 INLEIDING : 4 GROEICURVES
We maken over het algemeen een onderscheidt tussen 4 verschillende groeitypes. Het is
namelijk zo dat het lichaam dat groeit geen eenduidig concept is dat gedurende het hele
leven op dezelfde manier verloopt.
Alle 4 de types werden beschreven door Scammon.
→ groeicurve van de reproductieve weefsels
→ de algemene groeicurve
→ de neurale groeicurve
→ de lymfoïde groeicurve
Al deze curves eindiggen op volwassen leeftijd op 100% maar gedurende de groei gebeurt
daar iets anders mee. De percentages geven de relatieve massa van het betrokken weefsel
mee ten opzichte van de totale hoeveelheid van het weefsel dat we zien op een volwassen
leeftijd. Het tijdsinterval loopt van 0 tot 20 jaar oud.
Het onderzoek dat Scammon uitvoerde vond plaats in 1930.
Je kan je afvragen of het nuttig is om zo oude data te bestuderen.
Maar het is wel zo dat het originele data zijn van aller eerste onderzoeken ; als we hier kritisch
naar kijken dan kan je je meteen afvragen wat je aan de curves moet aanpassen om ze
meer in lijn te laten lopen met de huidige data. Het is vooral belangrijk om de curves goed te
kunnen interpreteren.
,2.1.1 GROEICURVE REPRODUCTIEVE WEEFSELS I. Vier groeitypes
Algemeen verloop :
• RODE CURVE
• beperkte groei 0-2 jr
• stabiliteit 2-12 jr
• exponentiële, sterke groei tijdens puberteit (12-14jr) tot volwassen
waarden zijn bereikt
• Weefsels: groei of toename van primaire en secundaire
geslachtskenmerken, geslachtshormonen
Individuele weergave rode curve :
I. Vier groeitypes
% volw. 100
massa
80
60
40
20
0
B 2 4 6 8 10 12 14 16 18 20 lft
reproductief
!! nu is de curve in de y-as teruggeschroefd naar 100% vandaar dat de curve veel groter lijkt.
, I. Vier groeitypes
2.1.2 ALGEMENE GROEICURVE
B. Algemene groeicurve
Algemeen verloop :
• GELE CURVE
• langgerekte S-curve (sigmoidaal)
• snelle groei gedurende eerste levensjaren
• geleidelijke groei in kindertijd (6-12jr)
• versnelde groei tijdens puberteit (12-14jr)
• afvlakking naar volwassenheid
• Weefsels: meeste extern meetbare dimensies (gestalte, gewicht,
spiermassa, skelet), cardiorespiratoir systeem (hart, bloedvaten,
longen,…), verteringssysteem, blaas.
• Uitzondering: vetmassa, bovendeel van gezicht
I. Vier groeitypes
Individuele weergave gele curve :
% volw. 100
massa
80
60
40
20
0
B 2 4 6 8 10 12 14 16 18 20 lft
algemeen
, I. Vier groeitypes
C. Neurale groeicurve
2.1.3 NEURALE GROEICURVE
Algemeen verloop :
• GROENE CURVE
• snelle groei gedurende eerste levensjaren
• 90% van volwassen massa wordt bereikt op 5-6 jr, 95% op 7 jr
• minimale groei (5%) na 7 jaar tot volwassen waarden worden
bereikt
• Weefsels: hersenen, zenuwstelsel, ogen, bovendeel van gezicht
Individuele weergave groene curve :
We zien deze cruve omdat we als menselijke soort onze baby’s maar gedurende een
bepaalde tijd kunnen dragen, we gaan dus zien dat baby’s alles inzetten tijdens de
draagperiode op de ontwikkeling van de hersenen en de longen en dus worden ze geboren
met een relatief grote romp en hoofd tov de rest van het lichaam.
Maar de groei van de hersenen tijdens de draagfase bijv. is ook heel sterk afhankelijk van de
moeder want het hoofd moet natuurlijk het geboortekanaal nog kunnen passeren, de grote
groei postnataal is dus een verderzetting van de prenatale groei die gestopt is om natuurlijke
bevalling te kunnen garanderen.
HOOFDSTUK 2 : SOMATISCHE GROEI
2.1 INLEIDING : 4 GROEICURVES
We maken over het algemeen een onderscheidt tussen 4 verschillende groeitypes. Het is
namelijk zo dat het lichaam dat groeit geen eenduidig concept is dat gedurende het hele
leven op dezelfde manier verloopt.
Alle 4 de types werden beschreven door Scammon.
→ groeicurve van de reproductieve weefsels
→ de algemene groeicurve
→ de neurale groeicurve
→ de lymfoïde groeicurve
Al deze curves eindiggen op volwassen leeftijd op 100% maar gedurende de groei gebeurt
daar iets anders mee. De percentages geven de relatieve massa van het betrokken weefsel
mee ten opzichte van de totale hoeveelheid van het weefsel dat we zien op een volwassen
leeftijd. Het tijdsinterval loopt van 0 tot 20 jaar oud.
Het onderzoek dat Scammon uitvoerde vond plaats in 1930.
Je kan je afvragen of het nuttig is om zo oude data te bestuderen.
Maar het is wel zo dat het originele data zijn van aller eerste onderzoeken ; als we hier kritisch
naar kijken dan kan je je meteen afvragen wat je aan de curves moet aanpassen om ze
meer in lijn te laten lopen met de huidige data. Het is vooral belangrijk om de curves goed te
kunnen interpreteren.
,2.1.1 GROEICURVE REPRODUCTIEVE WEEFSELS I. Vier groeitypes
Algemeen verloop :
• RODE CURVE
• beperkte groei 0-2 jr
• stabiliteit 2-12 jr
• exponentiële, sterke groei tijdens puberteit (12-14jr) tot volwassen
waarden zijn bereikt
• Weefsels: groei of toename van primaire en secundaire
geslachtskenmerken, geslachtshormonen
Individuele weergave rode curve :
I. Vier groeitypes
% volw. 100
massa
80
60
40
20
0
B 2 4 6 8 10 12 14 16 18 20 lft
reproductief
!! nu is de curve in de y-as teruggeschroefd naar 100% vandaar dat de curve veel groter lijkt.
, I. Vier groeitypes
2.1.2 ALGEMENE GROEICURVE
B. Algemene groeicurve
Algemeen verloop :
• GELE CURVE
• langgerekte S-curve (sigmoidaal)
• snelle groei gedurende eerste levensjaren
• geleidelijke groei in kindertijd (6-12jr)
• versnelde groei tijdens puberteit (12-14jr)
• afvlakking naar volwassenheid
• Weefsels: meeste extern meetbare dimensies (gestalte, gewicht,
spiermassa, skelet), cardiorespiratoir systeem (hart, bloedvaten,
longen,…), verteringssysteem, blaas.
• Uitzondering: vetmassa, bovendeel van gezicht
I. Vier groeitypes
Individuele weergave gele curve :
% volw. 100
massa
80
60
40
20
0
B 2 4 6 8 10 12 14 16 18 20 lft
algemeen
, I. Vier groeitypes
C. Neurale groeicurve
2.1.3 NEURALE GROEICURVE
Algemeen verloop :
• GROENE CURVE
• snelle groei gedurende eerste levensjaren
• 90% van volwassen massa wordt bereikt op 5-6 jr, 95% op 7 jr
• minimale groei (5%) na 7 jaar tot volwassen waarden worden
bereikt
• Weefsels: hersenen, zenuwstelsel, ogen, bovendeel van gezicht
Individuele weergave groene curve :
We zien deze cruve omdat we als menselijke soort onze baby’s maar gedurende een
bepaalde tijd kunnen dragen, we gaan dus zien dat baby’s alles inzetten tijdens de
draagperiode op de ontwikkeling van de hersenen en de longen en dus worden ze geboren
met een relatief grote romp en hoofd tov de rest van het lichaam.
Maar de groei van de hersenen tijdens de draagfase bijv. is ook heel sterk afhankelijk van de
moeder want het hoofd moet natuurlijk het geboortekanaal nog kunnen passeren, de grote
groei postnataal is dus een verderzetting van de prenatale groei die gestopt is om natuurlijke
bevalling te kunnen garanderen.