3.1 Mantelsleurkracht of zwaartekracht?
A. Mantelsleurkracht - de convectiecel
Warmteontwikkeling in kern v/d aarde veroorzaakt convectiestromingen in de plastische
asthenosfeer. Deze gesloten circulatiecellen zijn de drijvende kracht achter de
plaatbewegingen (platentektoniek).
Ter hoogte v/d divergerende plaatranden stijgt een warme magmastroom en botst tegen
de lithosfeer. Door afkoeling → stroom buigt af en duikt weg ter hoogte v/d convergerende
plaatgrens.
De horizontale beweging neemt de lithosfeer mee als een transportband: de
mantelsleurkracht.
B. Zwaartekracht als motor
Nu wordt algemeen aangenomen: zwaartekracht is belangrijkste aandrijfkracht.
(onderste zin bij beide geldig)
Convectiecel is dus het gevolg v/d zeevloerspreiding. Er is toch convectie in de
aardmantel.
, 3.2 Hotspot of gloeipunt - van riftster tot oceaan
A. Hotspot of gloeipunt
→ hotspot: niet op een plaatrand, maar wel midden in een plaat.
Op sommige plaatsen stijgen kolommen met heet
mantelmateriaal op → afkomstig diepste delen v/d
mantel. Deze mantelpluimen blijven een heel lange
periode op dezelfde plaats liggen. Waar
mantelpluim de lithosfeer raakt → zwelt op +
ontstaan vulkanisme. Dit zijn gloeipunten of
hotspots. 70-tal op de aarde
Gloeipunt blijft dus op dezelfde plaats en plaat
schuift erover. Hier in dit geval schuift de
oceanische plaat naar het oosten
en komen de oudste vulkanen dus voor in het
oosten (Lanzarote).
Enkele vb.:
- in oceanische omgeving: Ijsland, Hawaï,
Azoren, Canarische Eilanden
- continentale omgeving: Yellowstone, Eifel
Door deze eigenschap kunnen we de beweging
v/d plaat bepalen.
Er ontstaat een rij van vulkanische eilanden.
Links op foto: meest actieve vulkanen.