Hoofdstuk 2: De aarde in beweging
2.1 Verticale bewegingen van de lithosfeer
A. Vaststelling
Laatste ijstijd → Scandinavië bedekt met ijskap van 3 km. 20 000 jaar geleden
begon die te smelten dus kwam het Scandinavisch gebied meer omhoog. 12.000
jaar geleden kwam de Noorse kust onder het ijs vandaan.
Opheffing in meter Opheffing per jaar, nu
In de centrale delen rond de Botnische Golf bedraagt de opheffing 275m. Per jaar is
de huidige opheffing 8mm (80cm/eeuw). Het grootste deel van een ijsberg zit onder
water.
Hoe zwaarder het voorwerp → hoe groter het deel onder water.
B. Isostatisch evenwicht
Volgens hetzelfde principe drijft de lithosfeer (buitenmantel + korst) op de
asthenosfeer. Dit noemt men isostasie.
, Dus:
Tijdens de ijstijden wordt Scandinavië bedekt met
een ijskap. Gevolg: dalen v/d lithosfeer in de
asthenosfeer.
Tijdens het afsmelten van de ijskap, neemt de
massa af. Gevolg: Stijgen van de lithosfeer uit de
asthenosfeer.
Dat Scandinavië nog steeds traag oprijst is te
verklaren via plastische eigenschap van de
asthenosfeer.
Sedementen = afgebroken materiaal
Hoe hoger het gebergte, hoe dieper de lithosfeer in de asthenosfeer dringt.
Gebergten hebben dus een diepe wortel. Onder laagland → korst minder dik. Die
dunne korst → onder de oceaan.
Besluit:
● Lithosfeer drijft op asthenosfeer
● Isostasie is het drijvend evenwicht van de lithosfeer t.o.v. de asthenosfeer.
● Isostatisch evenwicht veroorzaakt dalen en stijgen v/d lithosfeer in de
asthenosfeer ⇒ verticale beweging.
C. Toepassing
Noord-Amerika: aanwezigheid van een wortel
2.1 Verticale bewegingen van de lithosfeer
A. Vaststelling
Laatste ijstijd → Scandinavië bedekt met ijskap van 3 km. 20 000 jaar geleden
begon die te smelten dus kwam het Scandinavisch gebied meer omhoog. 12.000
jaar geleden kwam de Noorse kust onder het ijs vandaan.
Opheffing in meter Opheffing per jaar, nu
In de centrale delen rond de Botnische Golf bedraagt de opheffing 275m. Per jaar is
de huidige opheffing 8mm (80cm/eeuw). Het grootste deel van een ijsberg zit onder
water.
Hoe zwaarder het voorwerp → hoe groter het deel onder water.
B. Isostatisch evenwicht
Volgens hetzelfde principe drijft de lithosfeer (buitenmantel + korst) op de
asthenosfeer. Dit noemt men isostasie.
, Dus:
Tijdens de ijstijden wordt Scandinavië bedekt met
een ijskap. Gevolg: dalen v/d lithosfeer in de
asthenosfeer.
Tijdens het afsmelten van de ijskap, neemt de
massa af. Gevolg: Stijgen van de lithosfeer uit de
asthenosfeer.
Dat Scandinavië nog steeds traag oprijst is te
verklaren via plastische eigenschap van de
asthenosfeer.
Sedementen = afgebroken materiaal
Hoe hoger het gebergte, hoe dieper de lithosfeer in de asthenosfeer dringt.
Gebergten hebben dus een diepe wortel. Onder laagland → korst minder dik. Die
dunne korst → onder de oceaan.
Besluit:
● Lithosfeer drijft op asthenosfeer
● Isostasie is het drijvend evenwicht van de lithosfeer t.o.v. de asthenosfeer.
● Isostatisch evenwicht veroorzaakt dalen en stijgen v/d lithosfeer in de
asthenosfeer ⇒ verticale beweging.
C. Toepassing
Noord-Amerika: aanwezigheid van een wortel