• Wrong document? Swap it for free
  • Written by students who passed
  • Immediately available after payment
  • Read online or as PDF
Sell
Where do you study
Your language
Document preview thumbnail
Preview 3 out of 29 pages
Class notes

HC en WG Bestuursrecht

Document preview thumbnail
Preview 3 out of 29 pages

Alle hoorcolleges en werkgroepen uitgebreid uitgeschreven. Had zelf een 9!

Content preview

WEEK 1: Bestuursorgaan en belanghebbende

Recht voor, van en tegen overheidsbestuur.
Functies van het bestuursrecht
“Bestuursrecht is recht van, voor en tegen het bestuur”
• Van het bestuur: instrumentele functie  overheid heeft alleen die instrumenten die de wet heeft
voorgeschreven, regels die bevoegdheden geven.
• Voor het bestuur: normerende functie  overheid is gebonden aan bepaalde normen; bijv. kijken
naar inkomenspositie en uitleg van de handeling
• Tegen het bestuur: waarborgfunctie  men kan tegen de overheid ingaan; rechtsbescherming

Het bestuur
Trias politica: wetgevende macht, uitvoerende macht, rechterlijke macht.
Bestuursrecht geldt daar waar bestuursorganen besturen; definitie besturen; als er sprake is van
een eenzijdig opgelegde verplichting.

Wie zijn die bestuursorganen?
Bestuursorganen zijn nodig, omdat zij enkel besluiten kunnen maken waar vervolgens in beroep
tegen gegaan kan worden.

A-ORGANEN
Criteria waaraan moet worden voldaan om een a-orgaan te zijn:
“Onder bestuursorgaan wordt verstaan een (art. 1:1 Awb) – orgaan van een rechtspersoon die
krachtens publiekrecht is ingesteld.”
Wanneer is sprake van een rechtspersoon die krachtens publiekrecht is ingesteld?
De publiekrechtelijke rechtspersonen worden genoemd in:
• Artikel 2:1 BW; (staat, provincies, de gemeenten en waterschappen bezitten
rechtspersoonlijkheid) of
• Bijzondere wetten waaruit de wet blijkt dat andere lichamen met overheidstaken
rechtspersoonlijkheid bezitten. (vb. Commissariaat voor de Media, universiteiten)
 de publiekrechtelijke rechtspersonen zelf zijn geen bestuursorganen.

Wat is een orgaan?
• De publiekrechtelijke rechtspersoon is de huls. De onderdelen van die rechtspersoon die taken
uitvoeren zijn de organen. Voorbeelden van bestuursorganen:
• Organen van de Staat: ministers en staatssecretarissen
• Organen van gemeenten: college van B&W, gemeenteraad, burgemeester,
• Organen van provincies: gedeputeerde staten, provinciale staten, Commissaris van de Koning,
• Organen van waterschappen: dagelijks bestuur, algemeen bestuur en dijkgraaf.
 Om te kwalificeren als bestuursorgaan moet het echt uitdrukkelijk in de wet genoemd worden;
niet elke medewerker is of valt onder een bestuursorgaan

Onderscheid tussen de rechtspersoon en de organen?
• De rechtspersoon is het privaatrechtelijk aanspreekpunt, bijv: - Sluit overeenkomsten en verricht
andere privaatrechtelijke rechtshandelingen, het is de gemeente die overeenkomsten sluit, niet het
college van B&W. Zij is aansprakelijk voor een onrechtmatige daad: niet de organen of de
individuele gezagsdragers maar de rechtspersoon wordt gedagvaard
• Het bestuursorgaan is het publiekrechtelijk aanspreekpunt: - Neemt besluiten: verleent
vergunningen, subsidies etc.

B-ORGANEN
Artikel 2:3 BW: Verenigingen, coöperaties, onderlinge waarborgmaatschappijen, naamloze
vennootschappen, besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid en stichtingen
bezitten rechtspersoonlijkheid.
Slechts gebonden aan de Awb voor zover zij publiekrechtelijke handelingen verrichten [materieel
criterium]
Art. 1:1 sub b Awb “Een ander persoon of college (natuurlijk persoon of privaatrechtelijk
rechtspersoon), met enig openbaar gezag bekleed”: zij zijn (voor een deel van hun activiteiten)
bevoegd eenzijdig rechten of plichten voor een ander in het leven te roepen of bindend vast te
stellen  bedrijf dat een overheidstaak toegewezen heeft gekregen.
Twee manieren om openbaar gezag te verkrijgen:
1. Wettelijk openbaar gezag: openbaar gezag volgt in principe slechts uit een wettelijk voorschrift –
voor andere activiteiten gelden de regels van de Awb niet, dan is het geen B-orgaan. Dus: een
garagehouder is een natuurlijke persoon of rechtspersoon die met enig openbaar gezag bekleed is
op grond van een wettelijk voorschrift, mits hij erkend is om Apk-keuringen te verrichten. B-orgaan
is ander persoon of college ‘met enig openbaar gezag bekleed’. Daarvoor is bepalend of aan dat

,orgaan een publiekrechtelijke bevoegdheid tot het eenzijdig bepalen van de rechtspositie van
andere rechtssubjecten is toegekend. Openbaar gezag kan in beginsel slechts bij wettelijk
voorschrift worden toegekend. Blijkens [de aangehaalde bepalingen van] de Leerplichtwet is alleen
de directeur bevoegd om verlof voor vakantie buiten schoolvakantie te verlenen. Hij oefent daarbij
een publiekrechtelijke bevoegdheid uit tot het eenzijdig bepalen van de rechtspositie van andere
rechtssubjecten, omdat bij weigering van het verlof geen beroep op de vrijstelling op grond van
artikel 11, aanhef en onder f, gedaan kan worden. De directeur is daarom op dit punt bekleed met
openbaar gezag. Dus b-orgaan. (Stichting schipol/SC Einhodven aanhalen voor openbaar gezag in
beginsel door de wet)

2. Buitenwettelijk openbaar gezag:
Buitenwettelijk openbaar gezag staat op gespannen voet met legaliteitsbeginsel. (Zijn vaak
stichtingen)
Maar: als de overheid een ‘mannetje’ inzet mag geen ander rechtsregime gelden dan wanneer de
overheid die taak zélf uitvoert. Dus: een door de overheid opgerichte stichting die overheidsgeld
moet verdelen is ook gebonden aan de bepalingen van de Awb!

Stichting bevordering kwaliteit leefomgeving Schiphol
Twee cumulatieve criteria voor het zijn van een B-orgaan met buitenwettelijk openbaar gezag
1. Inhoudelijk vereiste
De criteria voor geldverstrekking moeten in beslissende mate (echt een opdracht) door een of meer

a-organen worden bepaald.
2. Financieel vereiste
De financiering van de stichting moet in overwegende mate (twee derden of meer) afkomstig zijn
van een of meer a-organen  hier is veel bijgelegd door Schiphol.
(3.) vaak sprake van een organisatie dat uitkeringen/subsidies verstrekt.

Art. 1:1 lid 2 sub a t/m i  sowieso GEEN bestuursorganen

Waarom liever naar de bestuursrechter dan naar de civiele rechter?
Bestuursrechtspraak is:
a. laagdrempelig
-geen verplichting om advocaat in te schakelen
-lage griffierechten
-relatief informele procedure
b. procedurele rechtvaardigheid
-Lage eisen aan het beroepschrift
-actieve rol van de bestuursrechter, ongelijkheidscompensatie; burger hoeft zelf geen artikelen aan
te dragen, de rechter vult zelf aan welke wetten wat voor toepassing zijn.

Wat doen bestuursorganen zoal?
Presterend bestuur: bestuur dat gelden uitdeelt.
Dwingend/handhavend bestuur: bestuur dat bestuursdwang/boetes oplegt.
Schadeveroorzakend bestuur: besluiten dat voor een zekere groep tot schade leidt.
Bestuur door middel van privaatrecht: bestuursorganen die contracteren met andere partijen
EU recht wordt steeds meer geharmoniseerd o.a. door de hulp van bestuursorganen.

Bevoegdheidsverkrijging
Bevoegdheden van bestuursorganen dienen bij of krachtens de wet te zijn toegekend:
legaliteitsbeginsel.
Soms is dit een wet in formele zin, soms een gemeentelijke verordening. Fluorideringsarrest:
overheid heeft een wettelijke grondslag nodig voor ingrijpende maatregelen.
- Attributie 10:22 Awb
Een bevoegdheid wordt gecreëerd door de wetgever en toegekend aan een specifiek orgaan.
Vb. Artikel 147 Gemeentewet: gemeentelijke verordeningen worden door de raad vastgesteld (…).
> Gemeentelijke wetgever attribueert een bestuursbevoegdheid (tot het verlenen van een
beschikking) aan de burgemeester resp. college.
- Delegatie 10:13 jo. 10:15 Awb
Bestuursorgaan draagt zijn bevoegdheid (gekregen van de wetgever) tot het nemen van besluiten
over aan een ander; wettelijke basis maakt dit mogelijk. De ander handelt nu in zijn eigen naam en
A verliest als het ware zijn bevoegdheid.
- Mandaat 10:1 Awb
De bevoegdheid om in naam van een bestuursorgaan besluiten te nemen.
Vaak mandaat aan ambtenaar (bijv. hoofdafdeling vergunningverlening): beschikking wordt
namens het bestuursorgaan genomen. De mandaatgever blijft bevoegd en verantwoordelijk(de

, bevoegdheid gaat dus niet over, art. 10:7 Awb) en kan algemene en specifieke aanwijzingen geven
(art. 10:6 Awb).

Belanghebbenden I
Het zijn van een belanghebbende bepaalt of je bezwaar mag aantekenen (art. 7:1 Awb) of dat je in
beroep mag gaan (art. 8:1 Awb).

Artikel 1:2 Awb:
1 Onder belanghebbende wordt verstaan: degene wiens belang rechtstreeks bij een besluit is
betrokken.
2 Ten aanzien van bestuursorganen worden de hun toevertrouwde belangen als hun belangen
beschouwd.
3 Ten aanzien van rechtspersonen worden als hun belangen mede beschouwd de algemene en
collectieve belangen die zij krachtens hun doelstellingen en blijkens hun feitelijke werkzaamheden
in het bijzonder behartigen.”

a) Belanghebbende begrip: OPERA-criteria (lid 1)
b) Algemene collectieve belangenorganisaties (lid 2)
c) Bestuursorgaan als belanghebbende (lid 3)
d) Derde-belanghebbende

Wie mag tegen een besluit opkomen? De (Awb-)wetgever moest een keuze maken:
- (Uiterste) Iedereen mag opkomen tegen een besluit, ook al raakt dat besluit de betrokkene
in het geheel niet: actio popularis
- Iedereen met een ‘feitelijk’ belang bij een besluit: de belanghebbende
- (Andere uiterste) Alleen geadresseerden van een besluit mogen daartegen opkomen

Lid 1: “degene wiens belang rechtstreeks bij een besluit is betrokken’’.
Wie is ‘Degene’?
• Natuurlijke personen
• Rechtspersonen (BV, NV etc.)
• Andere entiteiten, zoals een rechtspersoon in oprichting of informele (wijk)vereniging, mits:
1. er een ledenbestand is;
2. het om een organisatorisch verband moet gaan dat is opgericht voor een bepaald doel, zodat
sprake moet zijn van regelmatige ledenvergaderingen, een bestuur en een samenwerking die op
enige continuïteit is gericht;
3. de organisatie als een eenheid dient deel te nemen aan het rechtsverkeer.

Wanneer is jouw ‘belang’ rechtstreeks ergens bij betrokken?
- De geadresseerde van een besluit is belanghebbende, bijv. degene aan wie een uitkering
wordt toegekend.
Maar voor anderen is dat soms minder duidelijk, bijv. omwonenden: Zij moeten een feitelijk belang
hebben, maar wat is dat dan...? De buurman misschien wel, maar ook nog degene die een blok
verderop woont?

Belanghebbende moeten voldoen aan de OPERA-criteria
Vijf cumulatieve (allemaal voldoen) criteria:

• Objectief
- Het belang mag niet slechts in de subjectieve belevingswereld van iemand bestaan
- Een louter subjectief gevoel van sterke betrokkenheid bij een besluit maakt iemand nog
geen belanghebbende: geen gevoel als reden (vader dood en dus intact houden zoals het al
was)
Objectieve belangen kunnen zowel financiële belangen als immateriële belangen (bijv. prettige
leefomgeving, uitzicht/geur, geluidsoverlast bijv. objectief meetbaar iets) zijn.

• Persoonlijk
Het belang van een persoon of entiteit moet zich in voldoende mate onderscheiden van andere
personen die ook gevolgen van het besluit zullen ondervinden.
• Voorbeeld in boek over cameratoezicht op een industrieterrein: als je op dat terrein woont of
werkt ben je belanghebbende, maar als je alleen maar passeert dan heb je onvoldoende
onderscheidend belang ten opzichte van andere passanten. Zo ook met ov-poortjes kan je als
dagelijks gebruiker van de trein hier geen aanspraak houden, maar bijv. de gevestigde winkels op
station wel.

Document information

Study
Uploaded on
June 1, 2022
Number of pages
29
Written in
2020/2021
Type
Class notes
Professor(s)
Tom barkhuysen
Contains
All classes
$12.68

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
0
Followers
0
Items
1
Last sold
-



Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions