Samenvatting cultuur 1.2
Hoofdstuk 1: Hugo Häring (1882-1958)
Deel 1: geschiedenis
Hugo Häring is één van de meest vergeten architecten.
=> niet veel gebouwd.
=> tegen de ‘International Style’ beweging.
=> pas opnieuw ontdekt na zijn dood.
=> stijl: organisch bouwen.
=> functionalistische, ornamentloze benadering.
Verschil tussen organisch en geometrisch
=> geometrisch.
=> organisch.
Deel 2: manieren om vorm te geven (‘wege zur form’)
Häring vindt dat onze architectuurgeschiedenis moet bevrijdt worden van de dominantie
van geometrie.
=> creatie vorm groeit vanuit functie volgens Häring.
=> vorm is geen doel maar een resultaat.
,=> prioriteit ligt bij expressie en betekenis van functie, niet bij schoonheid.
Deel 3: Gut Garkau – Lübeck (1924)
Boerderij in Lübeck is het meest memorabel.
=> progressief, traditioneel, avontuurlijk en bescheiden
tegelijk.
=> 3 van de 7 geplande gebouwen werden gebouwd.
Koestal
Complexe vorm gedicteerd door het gebruik.
Bv. door peervorm blijven hoofden van koeien ver uit
elkaar om verspreiding van ziektes te verspreiden;
verwondingen worden vermeden door afgerande hoeken
van muren;…
=> vermenging van houten bekleding met
betonconstructies en timmerhoutwerk (afgestemd op
lokaal bouwtechnieken).
Deel 4: ‘neues bauen’ VS ‘architektur’
Häring ziet een architect niet als een alleswetende schepper, maar als vertolker van het
idee van de opdracht.
=> veel interesse in middeleeuwse bouwtechnieken.
Bv. gotische spitsboog
Deel 5: slot
Vanaf 1933 zal er al kritiek op het modernisme komen.
=> Le Corbusier kiest er zelfs voor om organisch te bouwen (kapel van Ronchamp).
,Hoofdstuk 2: Le Corbusier (1887-1965)
Deel 1: geschiedenis
Edouard staat zo goed als gelijk aan modernisme.
=> éénduidig en rechtlijnig.
=> einde carrière doet hij toch aan organisch
bouwen (Ronchamp).
=> houdt van poëzie.
Deel 2: Edouard
Hij was 18 jaar toen hij zijn eerste woning in zijn geboortedorp La-Chaux-De-Fonds onder
leiding van schilder-beeldhouwer Charles L’Eplattenier.
=> woning gebouwd in 1905.
Deel 3: Villa Fallet
Hij bouwt de villa in samenwerking met architect René Chapellaz.
=> villa straalt regionaal karakter uit en is dus zeer passend in zijn
omgeving.
=> veel details in ramen, hekken, balkons, etc.
=> inspiratiebron: natuur.
Deel 4: Villa Jacquemet
De inspiratie voor deze villa heeft hij gehaald op zijn reizen doorheen Italië, Budapest en
Wenen.
=> inspiratiebron: kartuizerklooster Ema (eenvoudige drachtkracht en zonlicht).
=> villa is eenvoudiger van opzet (duidelijk onderscheid tussen sokkel in breuksteen,
bepleisterde opbouw en beschermend dak).
=> plan is symmetrisch en eenvoudig.
Vergelijking villa Fallet en villa Jacquemet
, Deel 5: Villa Stötzer
Villa Stötzer was in eerste instantie voorzien als 2 appartementen.
=> net als villa Jacquemet.
=> gelijkaardig grondplan, de details zijn verschillend.
=> invloed van reis nog niet onmiddellijk duidelijk.
Deel 6: kennissen
Hij gaat naar München waar hij artiest William Ritter ontmoet.
Daarna gaat hij door naar Parijs in 1910 en werkt hij daar 15 maanden
samen met architect Auguste Perret.
=> Ritter wordt een levenslange vriend en kosmopolitisch
klankbord.
=> van Perret leert hij over constructie en meer specifiek over
betonconstructie.
=> Edouard verlaat Charles L’Eplattenier om op zoek te gaan naar een nieuw avontuur:
werken in Berlijn voor Peter Behrens.
Berlijn
In het bureau van Peter Behrens vormt zich een groepje van de meest prominente
Europese moderne architecten.
=> Walter Gropius, Mies van der Rohe, Le Corbusier en Peter Behrens.
Nieuwe inspiratiebron
Edouard gaat op ‘Voyage d’Orient’: 6 maanden trip via
Wenen, Praag en Istanbul naar Griekenland en Italië.
=> uit deze reis haalt hij alle inspiratie die hem later tot Le
Corbusier zal maken.
Deel 7: Villa Jeanneret-Perret
Deze villa in zijn geboortedorp straalt geen regionale
architectuur uit zoals op het begin, maar eerder
classicisme.
=> invloeden van Behrens, Rome en Griekenland.
Hoofdstuk 1: Hugo Häring (1882-1958)
Deel 1: geschiedenis
Hugo Häring is één van de meest vergeten architecten.
=> niet veel gebouwd.
=> tegen de ‘International Style’ beweging.
=> pas opnieuw ontdekt na zijn dood.
=> stijl: organisch bouwen.
=> functionalistische, ornamentloze benadering.
Verschil tussen organisch en geometrisch
=> geometrisch.
=> organisch.
Deel 2: manieren om vorm te geven (‘wege zur form’)
Häring vindt dat onze architectuurgeschiedenis moet bevrijdt worden van de dominantie
van geometrie.
=> creatie vorm groeit vanuit functie volgens Häring.
=> vorm is geen doel maar een resultaat.
,=> prioriteit ligt bij expressie en betekenis van functie, niet bij schoonheid.
Deel 3: Gut Garkau – Lübeck (1924)
Boerderij in Lübeck is het meest memorabel.
=> progressief, traditioneel, avontuurlijk en bescheiden
tegelijk.
=> 3 van de 7 geplande gebouwen werden gebouwd.
Koestal
Complexe vorm gedicteerd door het gebruik.
Bv. door peervorm blijven hoofden van koeien ver uit
elkaar om verspreiding van ziektes te verspreiden;
verwondingen worden vermeden door afgerande hoeken
van muren;…
=> vermenging van houten bekleding met
betonconstructies en timmerhoutwerk (afgestemd op
lokaal bouwtechnieken).
Deel 4: ‘neues bauen’ VS ‘architektur’
Häring ziet een architect niet als een alleswetende schepper, maar als vertolker van het
idee van de opdracht.
=> veel interesse in middeleeuwse bouwtechnieken.
Bv. gotische spitsboog
Deel 5: slot
Vanaf 1933 zal er al kritiek op het modernisme komen.
=> Le Corbusier kiest er zelfs voor om organisch te bouwen (kapel van Ronchamp).
,Hoofdstuk 2: Le Corbusier (1887-1965)
Deel 1: geschiedenis
Edouard staat zo goed als gelijk aan modernisme.
=> éénduidig en rechtlijnig.
=> einde carrière doet hij toch aan organisch
bouwen (Ronchamp).
=> houdt van poëzie.
Deel 2: Edouard
Hij was 18 jaar toen hij zijn eerste woning in zijn geboortedorp La-Chaux-De-Fonds onder
leiding van schilder-beeldhouwer Charles L’Eplattenier.
=> woning gebouwd in 1905.
Deel 3: Villa Fallet
Hij bouwt de villa in samenwerking met architect René Chapellaz.
=> villa straalt regionaal karakter uit en is dus zeer passend in zijn
omgeving.
=> veel details in ramen, hekken, balkons, etc.
=> inspiratiebron: natuur.
Deel 4: Villa Jacquemet
De inspiratie voor deze villa heeft hij gehaald op zijn reizen doorheen Italië, Budapest en
Wenen.
=> inspiratiebron: kartuizerklooster Ema (eenvoudige drachtkracht en zonlicht).
=> villa is eenvoudiger van opzet (duidelijk onderscheid tussen sokkel in breuksteen,
bepleisterde opbouw en beschermend dak).
=> plan is symmetrisch en eenvoudig.
Vergelijking villa Fallet en villa Jacquemet
, Deel 5: Villa Stötzer
Villa Stötzer was in eerste instantie voorzien als 2 appartementen.
=> net als villa Jacquemet.
=> gelijkaardig grondplan, de details zijn verschillend.
=> invloed van reis nog niet onmiddellijk duidelijk.
Deel 6: kennissen
Hij gaat naar München waar hij artiest William Ritter ontmoet.
Daarna gaat hij door naar Parijs in 1910 en werkt hij daar 15 maanden
samen met architect Auguste Perret.
=> Ritter wordt een levenslange vriend en kosmopolitisch
klankbord.
=> van Perret leert hij over constructie en meer specifiek over
betonconstructie.
=> Edouard verlaat Charles L’Eplattenier om op zoek te gaan naar een nieuw avontuur:
werken in Berlijn voor Peter Behrens.
Berlijn
In het bureau van Peter Behrens vormt zich een groepje van de meest prominente
Europese moderne architecten.
=> Walter Gropius, Mies van der Rohe, Le Corbusier en Peter Behrens.
Nieuwe inspiratiebron
Edouard gaat op ‘Voyage d’Orient’: 6 maanden trip via
Wenen, Praag en Istanbul naar Griekenland en Italië.
=> uit deze reis haalt hij alle inspiratie die hem later tot Le
Corbusier zal maken.
Deel 7: Villa Jeanneret-Perret
Deze villa in zijn geboortedorp straalt geen regionale
architectuur uit zoals op het begin, maar eerder
classicisme.
=> invloeden van Behrens, Rome en Griekenland.