KRACHTIG BEGELEIDEN 1.2
HOOFDSTUK 1 WAAROM KRACHTIG BEGELEIDEN?
INLEIDING
Als leerkrachten sta je constant in interactie met je kleuters. Onderzoek toont aan dat hoe hoger het
interactiekwaliteit, hoe beter de taal- en denkvaardigheden van de kleuters. En kleuters met een hoge taal- en
denkontwikkeling hebben een verhoogde kans op leersucces. Krachtig begeleiden is dus heel belangrijk.
WAT IS KRACHTIG BEGELEIDEN?
Krachtig begeleiden:
Het voortdurend inzetten van kwaliteitsvolle interactievaardigheden op elk moment van de dag en in
verschillende contexten.
WAAROM KWALITEITSVOLLE INTERACTIE?
Stimuleren van de taalvaardigheden; een uitdagend taalaanbod aanbieden, veel spreekkansen, rijke
feedback
Daarboven ook aanzetten tot plannen en redeneren, problemen oplossen of terugdenken
o Dat brengt de kwaliteitsvolle interactie naar een hoger denkniveau
Kleuters leren:
Communicatieve vaardigheden; beurt afwachten, bij het onderwerp blijven, luisteren naar elkaar en
daarop inpikken
Het krachtig begeleiden van een volwassene geeft het onderzoekend spel van kleuters een boost.
Aandacht richten op het spel
Het spel structureren
Kan leiden tot een beter begrip van de wereld
HOOFDSTUK 2 BASISVOORWAARDEN VOOR KRACHTIG BEGELEIDEN
SCHEP EEN POSITIEF EN VEILIG LEERKLIMAAT
Als een kind wilt ontwikkelen moet die zich veilig voelen in de klas en bij de leerkracht. Pas dan komen ze tot
leren, durven ze uitleg vragen of het woord nemen.
Geen spreekdrang
o In een veilig spreekklimaat zijn er geen bedreigingen. Nodig kinderen uit om te
communiceren maar verplicht ze niet.
o Zoals als de ko in de les zegt ik ga mensen aanduiden die het antwoord moeten geven = niet
leuk, niet veilig
Gelijke gesprekpartners
o Op gelijke hoogte staan als je met kleuters praat, uitnodigend, gelijke gesprekpartners
Geef de kleuters ruimte voor eigen initiatieven
o Meegaan met de onderwerpen van de kleuters
Camille De Roeck 1 EBAKO B
, GEEF BETEKENISVOLLE OPDRACHTEN
Soms spreekt een taak de kleuters niet aan omdat ze de zin er niet van zien. Een opdracht wordt alleen
interessant als deze uitdagend of functioneel is.
Functionele opdrachten: waar het kind het verband ziet tussen de (schoolse) opdracht en wat ze
denken en doen in het dagelijks leven. Ze moeten gemakkelijk de transfer maken tussen situaties.
o Kleuters tot 10 laten tellen is minder functioneel dan de aanwezige kinderen in de kring te
laten tellen.
Uitdagende opdrachten: sluiten aan bij de zone van naaste ontwikkeling, zijn een tikkeltje moeilijker
maar niet onoverkomelijk moeilijk
o Een thema kan meer of minder uitdagend zijn, afhankelijk van de leeftijd. Bijvoorbeeld in het
eerste of tweede kk kan je spreken over Sint en Piet maar in de 3 de kk kan je inzoomen op de
mijter van de sint, zijn ring,…
ZET IN OP DE DRIE INTERACTIEMIDDELEN
Je kan tot kwaliteitsvolle interactie komen door interactiemiddelen in te zetten.
1. Taalaanbod: de taal die leerkracht gebruikt als model voor de kleuters
2. Taalruimte: de ruimte en mogelijkheden die je de kleuters geeft om hun gedachten, redeneringen en
ervaringen te delen met elkaar
3. Feedback: reactie of terugkoppeling van wat kleuters inbrengen, met als doel het leerproces te
bevorderen
INTERACTIEMIDDEL 1 : TAALAANBOD
GEBRUIK EEN RIJK TAALAANBOD
Niet elk taalaanbod is even leerrijk voor kleuters.
Soms beschikt een kleuter nog niet over de nodige taal om zijn redeneringen te verwoorden. Biedt als
leerkracht dan rijke taal aan. Herformuleer de redenering van de kleuters of breidt uit met woorden die het
kind nog niet actief gebruikt maar wel nodig heeft om zijn redenering op te bouwen. Ze voelen de nood aan om
nieuwe taal bij te leren en jouw rijke woordenschat te absorberen.
Hoe kan je jouw taal rijker maken:
Vereenvoudig moeilijke taal niet maar leg uit
Gebruik correcte benamingen, neem geen kleuter taal over
Bied schooltaal aan, maak kinderen vertrouwd met (school)taal woorden die ze thuis niet echt
gebruiken Voorbeeld: gebruik grootouders ipv. Oma en opa
GEBRUIK BEGRIJPELIJKE TAAL
Je moet ervoor zorgen dat de kleuters je (willen) verstaan
Tips:
Maak gebruik van visuele ondersteuning: prenten, gebaren,…
Maak gebruik van intonatie, mimiek, articuleer goed, verlaag je spreektempo
Camille De Roeck 1 EBAKO B
HOOFDSTUK 1 WAAROM KRACHTIG BEGELEIDEN?
INLEIDING
Als leerkrachten sta je constant in interactie met je kleuters. Onderzoek toont aan dat hoe hoger het
interactiekwaliteit, hoe beter de taal- en denkvaardigheden van de kleuters. En kleuters met een hoge taal- en
denkontwikkeling hebben een verhoogde kans op leersucces. Krachtig begeleiden is dus heel belangrijk.
WAT IS KRACHTIG BEGELEIDEN?
Krachtig begeleiden:
Het voortdurend inzetten van kwaliteitsvolle interactievaardigheden op elk moment van de dag en in
verschillende contexten.
WAAROM KWALITEITSVOLLE INTERACTIE?
Stimuleren van de taalvaardigheden; een uitdagend taalaanbod aanbieden, veel spreekkansen, rijke
feedback
Daarboven ook aanzetten tot plannen en redeneren, problemen oplossen of terugdenken
o Dat brengt de kwaliteitsvolle interactie naar een hoger denkniveau
Kleuters leren:
Communicatieve vaardigheden; beurt afwachten, bij het onderwerp blijven, luisteren naar elkaar en
daarop inpikken
Het krachtig begeleiden van een volwassene geeft het onderzoekend spel van kleuters een boost.
Aandacht richten op het spel
Het spel structureren
Kan leiden tot een beter begrip van de wereld
HOOFDSTUK 2 BASISVOORWAARDEN VOOR KRACHTIG BEGELEIDEN
SCHEP EEN POSITIEF EN VEILIG LEERKLIMAAT
Als een kind wilt ontwikkelen moet die zich veilig voelen in de klas en bij de leerkracht. Pas dan komen ze tot
leren, durven ze uitleg vragen of het woord nemen.
Geen spreekdrang
o In een veilig spreekklimaat zijn er geen bedreigingen. Nodig kinderen uit om te
communiceren maar verplicht ze niet.
o Zoals als de ko in de les zegt ik ga mensen aanduiden die het antwoord moeten geven = niet
leuk, niet veilig
Gelijke gesprekpartners
o Op gelijke hoogte staan als je met kleuters praat, uitnodigend, gelijke gesprekpartners
Geef de kleuters ruimte voor eigen initiatieven
o Meegaan met de onderwerpen van de kleuters
Camille De Roeck 1 EBAKO B
, GEEF BETEKENISVOLLE OPDRACHTEN
Soms spreekt een taak de kleuters niet aan omdat ze de zin er niet van zien. Een opdracht wordt alleen
interessant als deze uitdagend of functioneel is.
Functionele opdrachten: waar het kind het verband ziet tussen de (schoolse) opdracht en wat ze
denken en doen in het dagelijks leven. Ze moeten gemakkelijk de transfer maken tussen situaties.
o Kleuters tot 10 laten tellen is minder functioneel dan de aanwezige kinderen in de kring te
laten tellen.
Uitdagende opdrachten: sluiten aan bij de zone van naaste ontwikkeling, zijn een tikkeltje moeilijker
maar niet onoverkomelijk moeilijk
o Een thema kan meer of minder uitdagend zijn, afhankelijk van de leeftijd. Bijvoorbeeld in het
eerste of tweede kk kan je spreken over Sint en Piet maar in de 3 de kk kan je inzoomen op de
mijter van de sint, zijn ring,…
ZET IN OP DE DRIE INTERACTIEMIDDELEN
Je kan tot kwaliteitsvolle interactie komen door interactiemiddelen in te zetten.
1. Taalaanbod: de taal die leerkracht gebruikt als model voor de kleuters
2. Taalruimte: de ruimte en mogelijkheden die je de kleuters geeft om hun gedachten, redeneringen en
ervaringen te delen met elkaar
3. Feedback: reactie of terugkoppeling van wat kleuters inbrengen, met als doel het leerproces te
bevorderen
INTERACTIEMIDDEL 1 : TAALAANBOD
GEBRUIK EEN RIJK TAALAANBOD
Niet elk taalaanbod is even leerrijk voor kleuters.
Soms beschikt een kleuter nog niet over de nodige taal om zijn redeneringen te verwoorden. Biedt als
leerkracht dan rijke taal aan. Herformuleer de redenering van de kleuters of breidt uit met woorden die het
kind nog niet actief gebruikt maar wel nodig heeft om zijn redenering op te bouwen. Ze voelen de nood aan om
nieuwe taal bij te leren en jouw rijke woordenschat te absorberen.
Hoe kan je jouw taal rijker maken:
Vereenvoudig moeilijke taal niet maar leg uit
Gebruik correcte benamingen, neem geen kleuter taal over
Bied schooltaal aan, maak kinderen vertrouwd met (school)taal woorden die ze thuis niet echt
gebruiken Voorbeeld: gebruik grootouders ipv. Oma en opa
GEBRUIK BEGRIJPELIJKE TAAL
Je moet ervoor zorgen dat de kleuters je (willen) verstaan
Tips:
Maak gebruik van visuele ondersteuning: prenten, gebaren,…
Maak gebruik van intonatie, mimiek, articuleer goed, verlaag je spreektempo
Camille De Roeck 1 EBAKO B