1| Het belang van deze cursus voor je
opleiding/latere beroep verantwoorden
De relatie tussen taal en rekenen is hechter dan we denken. Eigenlijk is rekenen een handeling uitvoeren
met woorden. Hierom draait heel het rekenproces. Handelingen uitvoeren met woorden komt neer op taal.
Dyscalculie is geen 3-23 jaar stoornis, het beperkt zich niet tot de schoolleeftijd, maar komt levenslang
terug op allerlei vlakken.
Dyscalculie is geen 7 uur stoornis, het beperkt zich niet tot de schooluren, maar is altijd van tel.
Rekenen gaat dus om welbevinden, betrokkenheid en competenties. Het heeft invloed op je zelfbeeld en
het totale gezinsfunctioneren.
1
,2| De evoluties binnen de rekendidactiek
historisch kunnen schetsen
De historische voorlopers van meer recente stromingen vinden we terug in de denkpsychologie en in de
gestaltpsychologie.
Denkpsychologie
o Kulpe: rekenen is een uitvoerbare activiteit
o Frohn: controle
o Selz: rekenen is je kunnen voorstellen wat er gebeurt
o Kohnstamm: leraar moet de kinderen leren rekenen
Gestaltspychologie
o Wittman: rekenen moet je aanschouwelijk maken
o Met behulp van verbalisaties
Meer recentere stromingen zijn:
Ontwikkelingspsychologie
o Piagetiaanse rekenvoorwaarden
De cognitieve leerpsychologie
o Gesequentieerde instructie
o Leren van betekenisvolle ideeën
o Taakanalyse: opsplitsen van een taak
Handelingsleerpsychologie
o Gal’perin: bracht de theorie voor het eerst naar voor
o Davydov: paste de theorie voor het eerste toe, de trapsgewijze procedure
Onderwijspsychologie
o Leerlingkenmerken zijn ook belangrijk: intelligentie, motivatie en cognitieve stijl
o Omgevingsfactoren: hoe de school het kind aanspreekt op zijn vermogens
Neuropsychologie
o De problemen liggen in de neuro-anatomische en neurofysiologische factoren in het kind
zelf
Vakdidactiek
o Gebruik maken van heuristieken
o Top-downprocessen (piramidemodel)
o Korte inleiding door leraars, probleemoplossend denken stimuleren door de groep
o Sterke visuele inhoud
De onderwijsevolutie staat haaks op de visie van orthodidactiek. Voor kinderen met rekenproblemen is dit
een negatieve evolutie.
Besluit: we moeten eclectisch te werk gaan. We kiezen uit iedere theorie iets.
2
, 3| De visie inzake rekendidactiek van Van
Parreren en Gal’perin goed kunnen uitleggen
Van parreren
5 soorten leerprocessen
Inzichtbevorderend leren
o Beroep doen op een aantal regels, begrippen en oplossingsmethodes om een oplossing
voor een probleem te vinden. Bijgevolg geen ‘trail and error’ en als therapeut moet je dus
die regels,… aanleren
Leren van feitenkennis
o Dit wil zeggen feiten die op zichzelf belangrijk zijn of bepaalde regels die voor het
inzichtbevorderend leren belangrijk zijn. Het zijn zaken die op zichzelf boeiend zijn, die je
niet letterlijk moet kunnen reproduceren en/of die belangrijk zijn voor het
inzichtbevorderend leren.
Memoriseren
o Letterlijk reproduceren: weinig wendbaar, vast materiaal: data, gedichten, tafels,… niet
positief
Automatiseren
o Motorisch of zuiver theoretische vaardigheden. Iets doen zonder er nog bij te moeten
denken. Wel positief
Leren leren
o Leren is een activiteit en alles wat een activiteit is, moet je leren. Leren leren is dan de
doeltreffendste leerstrategieën om te leren. Vorm van metacognitie
3