Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 2 out of 6 pages
Summary

Samenvatting Sociologie: begrippenlijst

Document preview thumbnail
Preview 2 out of 6 pages

De te kennen termen binnen de sociologie. Hierbij een begrippenlijst.

Content preview

De begrippenlijst

Vooraf
Mattheus effect Vaak voorkomende vorm van ongelijkheid.
Political correctnes Iets niet zeggen of niet doen uit angst te worden
beschuldigd van discriminatie of racisme.


H1: een mens leeft nooit alleen
Thomas theorema Als mensen zeggen dat iets waar is, is dat waar in zijn
(=bewering) gevolgen. Vb brand roepen
Institutie - Gestandaardiseerd gedrag
- Is stabiel maar kan veranderen
- Geeft routine, voorspelbaarheid en
maatschappelijke orde
- Het geeft antwoorden op belangrijke vragen in
het leven.
instutionaliseren Iets wordt een gedragspatroon (wetten / organisaties
zien ontstaan).


Harde solidariteit - Geeft rechten
- Verzorgingsstaat (kost veel geld)
- Door de overheid
Zachte solidariteit - Geeft gunsten
- Is willekeurig
- Geeft ‘goed’ gevoel bij donor
- Niet ge-instutionaliseerd
- Door burgers
Verzorgingsstaat Maatschappelijk systeem waar de overheid zorgt voor
het welzijn van de burgers door bv
werkloosheidsuitkeringen, arbeidsbemiddeling, voor te
studeren, ….
Peergroup Een groep van gelijke, met een gelijke situatie en
leeftijd die vaak langdurig met elkaar optrekken. Vb
jongeren, wetenschappers,….
Doelgroep Het is niet echt een groep. Het zijn mensen met
dezelfde kenmerken (vb zelfde hobby) en het wordt
vaak gebruikt in het beleid, hulpverlening.
Waarden Oordelen die we hebben over wat goed en wenselijk is.
Doelen Doelen zijn de motor van ons leven en ze zetten ons in
beweging
Cultuur - Geheel van kennis, waarden en doelen, normen
en overtuigingen
- Ooit ontstaan en blijft evolueren (=institutie)
- Bevatten handleiding over interacties
- Je moet het aanleren of doorgeven.
Multiculturele samenleving en Er zijn meerdere culturen aanwezig in de samenleving.
superdiversiteit Iedereen leeft door elkaar en krijgt een gelijke
waardering.

, H2: Interacties op micro, meso, macro -niveau
Identiteit Verzameling van (deels veranderbare) blijvende
kenmerken die iemand uniek maakt.
Significant others Dit is de eerste fase van het kind het zijn personen uit
de intieme omgeving vb ouders
Generalised other Tweede fase van het kind, dit is een meer algemeen idee
van de ander zonder dat het direct aan personen
gekoppeld is
Role taking Iedereen kijkt naar zichzelf door zich in de ander te
verplaatsen vb spelende kinderen.
Determinisme 1 ding bepaald alles, foute manier van redeneren
Zero sum game / nulsom spel ‘The winner take all’: ruil is niet altijd winst voor beide
partijen vaak is er een winnaar en verliezer. Er is winst
voor de ene ten koste van de andere vb vechtscheiding.
Win-winsituatie / coöperatief Beide partijen hebben winst. Ze moeten beiden iets
spel inleveren maar ze winnen ook beide iets.
Traditionele autoriteit De machthebber kan willekeurig zij macht uitoefenen en
dat hij corrupt is (= publieke functie gebruiken om privé
beter te worden), nepotisme(= bevooroordelen van u
eigen vrienden, familie). De macht lag bij een kleine
groep.
Rationeel legale autoriteit Hierbij wordt het verstand gebruikt, over de macht moet
worden nagedacht en het moet worden vastgelegd.
Bureaucratie - Arbeidsdeling (functieomschrijving)
(Max weber) - Hiërarchische lijn (baas,….)
- Kennis en prestatie  medewerker aanstellen; nu
competenties
- Betaald en werkzeker  medewerker; nu vaste
benoeming
- Procedures regelen alle interacties
Doelverschuiving / Goal In een organisatie dat bureaucratie is bestaat het gevaar
displacement dat men zich niet meer met het oorspronkelijke doel
bezig houdt, maar dat er meer tijd in de regels,
procedures zitten dan in de vergadering. (De goal
verschuift)
Systeem 1 van het denken Dit gaat over het te snel denken:
(Daniel Khaneman) - Het staat altijd ‘aan’
- Snelle associaties
- Snelle reactie
- Te snel een conclusie (= jumping to conclusions)
Systeem 2 van het denken Dit gaat over traag en met inspanning denken:
(Daniel Kahneman) - Moet je bewust aanzetten
- Vereist concentratie en energie
- Vraagt logica en statistiek
- Niet altijd meteen een oplossing
Denkfout: Cognitieve illusie Mensen willen graag geloven dat ze de wereld kennen en
begrijpen
Denkfout: Fout van de Mensen blijven vasthouden aan verkeerde beslissingen,
gemaakte kosten mensen corrigeren zichzelf niet vb vliegtuig.

Document information

Study
Uploaded on
January 18, 2022
Number of pages
6
Written in
2020/2021
Type
Summary
$4.95

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Seller avatar
samiramaalem
4.0
(1)
Sold
3
Followers
3
Items
7
Last sold
2 year ago



Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions