Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 4 out of 44 pages
Summary

Samenvatting Overzicht stof Ondernemingsrecht (hoorcolleges en werkcolleges)

Document preview thumbnail
Preview 4 out of 44 pages

Een overzicht van de behandelde stof van het vak Ondernemingsrecht 2020/2021. Dit overzicht bevat ook de behandelde casussen.

Content preview

Aantekeningen Ondernemingsrecht

Hoorcollege 1 12-1-2021

Recht is een ordeningssysteem.

Nederlands recht wordt onderverdeeld in publiekrecht en privaatrecht.

Publiekrecht: Tussen de overheid en de burger
- Staatsrecht: Denk aan verkiezingen en wie de wetten maakt.
- Bestuursrecht: Regels waar de overheid aan moet houden, denk aan subsidies en
vergunningen.
- Strafrecht: Moord, diefstal en verkeersovertredingen.

Privaatrecht: Tussen burgers onderling
- Personenrecht: Regels over familieverhoudingen, denk aan rechten en plichten van
de ouders, familierecht, huwelijksvermogensrecht en erfrecht.
- Vermogensrecht: Regels betrekking op vermogensbestanddelen, denk aan het
betalen van je fietsreparatie (rechten en plichten).

Procesrecht: Regels met betrekking tot een procedure voor de rechter.
Denk aan bewijsrecht, voor welke rechter moet ik kiezen?
Belangrijk want staat voor de basis van een eerlijke procedure.

Indeling van het BW
Het burgerlijk wetboek is opgedeeld in een aantal delen:




De aanduiding is als volgt:

,Jurisprudentie: Aanvullen en uitleggen van de regels, dus eigenlijk de toepassing van de
regels. Dit doen de rechters.

Rechterlijke macht
11 rechtbanken: vonnis (uitspraak)
➔ Hoger beroep (als je er niet mee eens bent)
4 gerechtshoven: arrest (uitspraak)
➔ Cassatie (als je er nog niet mee eens bent)
1 hoge raad: arrest (uitspraak)

Rechtbank en hof zijn feitelijke instanties. Alle feiten staan dus vast bij de rechter.

Bij de hoge raad wordt er gekeken of de wet goed is toegepast.

Begrippen
Rechtsfeit: juridisch relevant feit, denk aan leeftijd of het weer.
Onderdeel van een rechtsfeit is een rechtshandeling: handeling met beoogd rechtsgevolg.

Nulliteiten houdt in dat het juridisch niet bestaat
- Nietigheid (in het openbaar belang), er bestaat bijvoorbeeld geen overeenkomst.
- Vernietigbaar (ter bescherming van een persoon), er bestaat wel een
rechtshandeling maar er is een gebreken aan.

Dwingend recht: Regels waar je je altijd aan moet houden, dit zijn vaak regels om personen
te beschermen.

Aanvullend recht: Geeft partijen de vrijheid om eigen regeling te treffen.

Verbintenisrecht: Een recht van de een staat tegenover de verplichting van een ander.
Voorbeeld een koopovereenkomst:




Overeenkomst komt tot stand wanneer je het met elkaar eens bent. Hiervoor worden soms
schriftelijke contracten vastgelegd.

Tekortkoming wanneer de recht niet is nagekomen. Hieronder vallen
- Nakoming: Dat hij alsnog komt, dus dat je het nog een kans geeft.
- Ontbinding: Je wil van de overeenkomst af
- Schadevergoeding: Kan alleen bij wanprestatie

Maar onder tekortkoming valt vervolgens toerekenbaar (wanprestatie) en niet toerekenbaar
(overmacht).

,Overmacht: Als degene die iets moet doen geen schuld heeft en het komt ook niet voor zijn
risico. Het komt dus niet voor zijn of haar rekening.

Onrechtmatige daad ontstaat een rechtsband. Hier is sprake van als het een onrechtmatige
daad is, het toerekenbaar is en er sprake is van schade.
Het is tegenstrijdig met de wettelijke plicht.

Toerekenbaar: De daad is te wijten aan de dader zijn schuld.

Voorbeeld van een wanprestatie en onrechtmatige daad:




Waarom hier verder geen punt van maken: Er is geen schade.

Aansprakelijkheid: Bij wie kan de schuldeiser aankloppen?
Maar er kunnen ook meerdere schuldenaren zijn, dit kan bijvoorbeeld hoofdelijk
verbondenheid zijn; ieder voor het geheel.

Draagplicht: wie moet het voelen in zijn portemonnee? Dit is onderling tussen de
schuldenaren.

Vertegenwoordiging: het bevoegd verrichten van rechtshandelingen namens een ander.
Hierbij hoort een volmacht.

Faillissement: beslag op het totale vermogen, aangevraagd door schuldeisers, schuldenaar of
OM.

Het wordt geregeld in de faillissementswet.

Er wordt vervolgens een curator benoemd die de boedel gaat beheren.

- Conservatoire fase: bewaarfase, waarin de curator het vermogen vaststelt en er een
overzicht wordt gemaakt van de vorderingen
- Verificatiefase: vaststellingsfase; zijn de vorderingen juist?, eindigend in
verificatievergadering; curator, failliet en schuldeiser.

Akkoord: gedeeltelijk betaling in ruil voor kwijting.

Als geen akkoord wordt bereikt: executie.

, Hoorcollege 2 19-1-2021
Ondernemingsvormen en oprichting

Wanneer is een onderneming een onderneming
- Levering van goederen of diensten
- Meer dan symbolische vergoeding, je wordt er dus voor betaald
- Deelname aan het economische verkeer

Nederland heeft veel ondernemingsvormen:

Eenmanszaak:
Meest voorkomende onderneming, waarbij het door een natuurlijk persoon in stand wordt
gehouden. Er zijn geen formaliteiten, waarbij er niets over in de wet is geregeld en moet
worden ingeschreven bij de KvK. Daarnaast is er geen scheiding tussen privévermogen en
ondernemingsvermogen.

Eenmanszaak kan wel personeel in dienst nemen, waardoor het niet hetzelfde is als een
zzp’er.

Personenvennootschappen (VOF, maatschap en CV):
Geen rechtspersonen. Vaak een samenwerking die een eigen leven is gaan leiden.

Rechtspersonen:
Onderscheid tussen natuurlijke personen en rechtspersonen. Er is in het geval van een
rechtspersoon een scheiding tussen de groep natuurlijke personen en datgene waar zij voor
staan. Er ontstaat dus een nieuw ‘persoon’ in het rechtsverkeer.




Vermogen van een rechtspersoon staat los van het privévermogen. Er is dus een
ondernemingsvermogen.

Wij gaan het vooral hebben over privaatrechtelijke rechtspersonen (bv, nv etc.).

2:25 BW: regels van rechtspersonenrecht zijn dwingend.
Hier kunnen partijen niet van afwijken.

Andere rechtspersonen zijn een vereniging en een stichting, zij kunnen een onderneming
drijven.

Echter, een vereniging mag geen winst uitkeren aan haar leden. Een stichting mag geen
winstuitkeringen doen aan haar oprichters en personen die deel uitmaken van haar organen.
Dit is dus niet heel aantrekkelijk.

Document information

Study
Uploaded on
January 12, 2022
Number of pages
44
Written in
2020/2021
Type
Summary
$6.48

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
brittvdarend
4.0
(3)
Sold
15
Followers
15
Items
2
Last sold
2 year ago



Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions