Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 4 out of 55 pages
Summary

Biologie3 samenvatting

Document preview thumbnail
Preview 4 out of 55 pages

Samenvatting van Biologie 3 van de opleiding bio-informatica op de Hanze hogeschool.

Content preview

H16: Nucleic Acids and Inheritance

16.1: DNA is the genetic material
Chromosomen bestaan uit DNA en eiwitten
 Welke van deze twee zorgt voor overerving / is het genetisch materiaal?

Vier criteria voor genetisch materiaal
1. Repliceerbaar
2. Informatie opslaan
3. Informatie tot expressie brengen
4. Mogelijkheid tot variaties

Drie belangrijke onderzoekers die hebben vastgesteld dat DNA het genetisch
materiaal is:
1. Griffith
2. Hershey-Chase
3. Chargraff

Griffiths experiment:




Conclusie: de levende R cellen zijn getransformeerd naar S cellen door een
erfelijk materiaal van de dode S cellen

Griffith noemde dit fenomeen transformation
 Transformation = een verandering in geno- en fenotype als gevolg
van de assimilatie van extern DNA door een cel

Bacetriophages = een virus die een bacterie infecteert

Virus = DNA (of RNA) omsloten door een beschermende laag, wat meestal een
eiwit is

Hershey-Chase experiment:
 Aan twee batches bacteriecellen werden twee verschillende
bacteriofagen toegevoegd
 2 groepen bacteriofagen: radioactief gelabeld eiwit
(zwavel) en radioactief gelabeld DNA (fosfor)
 Bij het mengen / centrifugeren van het mengsel van
bacteriecellen en bacteriofagen, zullen de bacteriecellen
in het pellet zitten en de virusresten in het supernatant.

,  Hershey en Chase controleerden welke van de radioactieve atomen in
het pellet zaten
 Ze vonden alleen radioactieve fosfor in het pellet en daarom was DNA
hetgeen wat de bacteriële cellen binnendrong en dus het genetisch
materiaal veranderde




Chargraff
Chargraff heeft met zijn onderzoek twee regels opgesteld over DNA

Chargraff’s rules:
1. DNA bases (A, T, G, C) compositie verschilt per soort
2. %A = %T en %G = %C

Watson en Crick (en Franklin) hebben de DNA structuur vastgesteld volgens de
volgende bevindingen:
 DNA heeft een dubbele helix structuur (vastgesteld met Franklin’s x-ray
crystallography)
 DNA heeft een suiker-fosfaat backbone (ook Franklin’s onderzoek)
 Dit kon worden onderbouwd doordat (1) de negatieve fosfaat groepen
naar buiten richten richting de waterige oplossing en (2) de relatief
hydrofobe stikstofbasen naar binnen richten
 Watson had het antiparallel model vastgesteld (streng van 5’-3’ en 3’-5’)
 Eén rondje in een helix is 3,4 en elke base 0,34 nm uit elkaar (dus totaal
10 basen per rondje)
 DNA heeft een uniforme diameter, doordat een purine altijd met een
pyrimidine bindt
 “major grooves” en “minor grooves” (belangrijk voor regulatie)
 A bindt met T, doordat ze beide twee waterstofbruggen kunnen vormen. G
bindt met C doordat ze beide drie waterstofbindingen kunnen vormen
 een G-C binding is sterker dan A-T,
doordat G-C een extra waterstofbrug
kan vormen

,16.2: Many proteins work together in DNA replication and
repair
DNA replication = het proces waarbij een DNA molecuul wordt gekopieerd




Drie mogelijkheden voor DNA replicatie:
1. Conservative model = de twee originele DNA strengen komen na
replicatie weer bij elkaar terug




2. Semiconservative model = na DNA replicatie komen de originele DNA
strengen niet bij elkaar terug, maar ze dienen als een nieuwe template
voor de volgende replicatie




3. Dispersive model = de nieuwe gegenereerde DNA strengen bestaan uit
zowel (afwisselende) oude stukjes en nieuwe stukjes DNA streng.

, Nelson en Stahl hebben onderzocht welke van de
drie bovenstaande DNA replicatie modellen de
juiste is.
 Experiment waarbij bacteriën eerst op een
medium groeide met een zware stikstof (N)
variant en daarna met een lichte stikstof
variant (stikstof isotopen)
 Hierbij werden er monsters genomen na de
eerste en tweede replicatie nadat de
bacteriën in het tweede medium zaten
 Deze monsters werden gecentrifugeerd, waarbij de zwaardere DNA
moleculen naar beneden zullen zakken.
 Hierbij verwacht je een bepaalde verdeling per DNA replicatie model:




 Nelson en Stahl namen waar dat het semiconservatieve model het juist
model is

Origins of replication = het punt in chromosomaal DNA waar de replicatie
begint
 Organismen met circulair chromosomaal DNA
hebben één origin of replication
 Bij de origin of replication laten de strengen los
van elkaar en ontstaat er een soort van bubbel.
De DNA replicatie vindt plaats in de beide richting
van de origin of replication



 Eukaryotische organismen hebben meerde
origins of replications
 Meerdere bubbels van DNA replicatie
tegelijkertijd, die op een gegeven moment elkaar
tegen komen en samenvoegen. (voordeel:
replicatie gaat sneller)

Connected book
 image
Campbell, Neil A. CU. Campbell Glossary 2020_pk
Publisher: Unknown ISBN: 9781839614736 Edition: 1

Document information

Study
Summarized whole book?
No
Which chapters are summarized?
Hoofdstuk 16, 17, 18, 19, 20, 26
Uploaded on
December 29, 2021
Number of pages
55
Written in
2020/2021
Type
Summary
$7.14

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
2
Followers
2
Items
6
Last sold
4 year ago



Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions