HOOFDSTUK 1: het axiale skelet en skelet van de bovenste gordel en lidmaat
1. beenderen van het axiaal skelet: wervels, ribben en sternum
1.1 soorten, aantal en algemene bouw van de “typische wervels” (p70-76)
Onderdelen van de wervelkolom
- 7 hals(nek)wervels Vertebrae Cervicales (C)
- 12 borstwervels Vertebrae Thoracicae (Th)
- 5 lendewervels Vertebrae Lumbales (L)
- 1 sacrum uit 5 vergroeide sacraal wervels (S)
- 1 os coccygis uit 3-4 of meer vergroeide rudimentaire
staartwervels
→ 31 paar ruggenmergzenuwen
Algemene bouw van wervel
- meest ventrale deel: cilindrisch gevormd corpus (wervellichaam)
- achterkant: boog is ingeplant → vorm geheel tot een ring: arcus (wervelboog)
- → wervels oriënteren in dorsoventrale richting
- arcus + inkepingen:
- grote inkepingen (onderaan): incisurae vertebrales inferiores
- kleine inkepingen (bovenaan): incisurae vertebrales superiores
- → wervels oriënteren in craniocaudale richting
- gewrichtsvlakjes: schakels tussen twee wervels
- naar boven toe: processi articulares superior
- naar onder toe: processi articulares inferior
- functie: schakels tussen twee wervels
- uitsteeksels:
- naar links en naar rechts: processi transversi (doornuitsteeksel)
- functie: staan in voor bevestiging (of vervanging) van ribben
- !! tuberculum maakt hiermee verbinding
- naar achter: processus spinosus (doornuitsteeksel)
Opeenstapeling van wervels → aantal elementen ontstaan
- verschillende corpora → vormen kolom
- verschillende ringen → vormen buis: canalis vertebralis (vertebraal
kanaal)
- bevat ruggenmerg
- verschillende incisurae (inkepingen) → vormen foramen intervertebrale
, - hierlangs verlaten nervi spinales (zenuwen) het ruggenwervelkanaal
- verschillende vlakjes op processi articulares → vormen facetgewrichtjes
Variaties van kenmerken in verband met niveau (cervicaal → lumbaal)
- corpora wordt groter (want meer te dragen)
- canalis vertebralis (vertebraal kanaal) wordt kleiner
- inplanting van arci richt zich minder naar buiten
- thoracale wervels (borstwervels) vertonen gewrichtsvlakjes voor de kopjes van de ribben
- niet aanwezig voor ribben lumbaal en cervicaal (er zijn geen ribben)
Oriëntatie van processi spinosi wisselen met niveau
- cervicaal niveau: te kort om te palperen
- thoracaal niveau: liggen als dakpannen over elkaar
- lumbaal niveau: processi spinosi zijn naar achteren gericht en maken ruimte vrij
- gebruikt dit bij lumbale punctie
Deze oriëntatie laat wisselende bewegingen toe van wervelzuil, varieert per niveau
- cervicaal niveau: wervels kunnen dorsoventraal glijden
- thoracaal niveau: beweeglijkheid is beperkt (oa door ribben)
- lumbaal niveau: facetgewrichtjes vormen deel van staande cilinder
Processi transversi zijn een bijzonderheid
- cervicaal niveau:
→ regio rond nek en hals
- ze zijn ontdubbeld
- bestaan deels uit ribben die volledig geïncorporeerd zijn in wervels
- thoracaal niveau:
→ regio rond borstkas
- bestaan uit wervel materiaal
- vertonen een gewrichtsvlakje, voor articulatie met corresponderde rib
- lumbaal niveau:
→ regio rond de lende
- dwarsuitsteeksels bestaan uit geïncorporeerd ribmateriaal: processi costarii
- !! niet processi transversi
- feitelijke processi transversi zijn volledig gereduceerd
cervicale wervel thoracale wervel lumbale wervel
- klein corpus - grote processus transversus - gewrichtsuitsteeksels
- processus spinosus: v - processus spinosus: dakpangewijs - zijwaarts vlak
- foramen transversarium - verbinden ribben met wervelkolom - tussenwervelschijven
, 1.2 enkele gespecialiseerde wervels
1e halswervel → Atlas
- draagt de schedel
- geen corpus te onderscheiden: twee massae lateralis
- vooraan verbonden door korte arcus anterior
- achteraan verbonden door lange arcus posterior
- aan mediale zijde: ruwheid voor ligamentum
transversum
- gewrichtsvlakjes
- boven: voor contact met schedel
- onder: voor contact met tweede halswervel
2e halswervel → Axis
- corpus met (boven) één uitsteeksel
- vooraan en achteraan: gewrichtsvlak
- past in opening tussen massae laterales van atlas
- links en rechts: gewrichtsvlak
- massae laterales rusten hierop
- onderzijde: alle kenmerken van een gewone halswervel
- goed aansluiten op derde halswervel
Os sacrum (heiligbeen)
- 5 gefuseerde wervels
- bovenzijde: herkenbaar vlak → corpus van onderste wervel moet passen
- verder: verderzetting van vertebraal kanaal als canalis sacralis
- voorzijde: concaaf (hol) met vier fusielijnen (lineae transversae) van vijf wervels
- laterale zijde: links en rechts: vier openingen voor zenuwen:
- foramina sacralia pelvina
- achterzijde:
- overblijfselen van processi spinosi, transversi en ribben
- een mediale kam (crista sacralis mediana)
- twee intermediaire kammen (crista sacralis intermedia)
- aan laterale zijde vier openingen
- formaina dorsalia sacralia voor zenuwen
- twee laterale kammen (crista sacralis lateralis)
- onderaan: kammen eindigen als beenpuntjes
- liggen aan onderste opening van canalis caralis
1. beenderen van het axiaal skelet: wervels, ribben en sternum
1.1 soorten, aantal en algemene bouw van de “typische wervels” (p70-76)
Onderdelen van de wervelkolom
- 7 hals(nek)wervels Vertebrae Cervicales (C)
- 12 borstwervels Vertebrae Thoracicae (Th)
- 5 lendewervels Vertebrae Lumbales (L)
- 1 sacrum uit 5 vergroeide sacraal wervels (S)
- 1 os coccygis uit 3-4 of meer vergroeide rudimentaire
staartwervels
→ 31 paar ruggenmergzenuwen
Algemene bouw van wervel
- meest ventrale deel: cilindrisch gevormd corpus (wervellichaam)
- achterkant: boog is ingeplant → vorm geheel tot een ring: arcus (wervelboog)
- → wervels oriënteren in dorsoventrale richting
- arcus + inkepingen:
- grote inkepingen (onderaan): incisurae vertebrales inferiores
- kleine inkepingen (bovenaan): incisurae vertebrales superiores
- → wervels oriënteren in craniocaudale richting
- gewrichtsvlakjes: schakels tussen twee wervels
- naar boven toe: processi articulares superior
- naar onder toe: processi articulares inferior
- functie: schakels tussen twee wervels
- uitsteeksels:
- naar links en naar rechts: processi transversi (doornuitsteeksel)
- functie: staan in voor bevestiging (of vervanging) van ribben
- !! tuberculum maakt hiermee verbinding
- naar achter: processus spinosus (doornuitsteeksel)
Opeenstapeling van wervels → aantal elementen ontstaan
- verschillende corpora → vormen kolom
- verschillende ringen → vormen buis: canalis vertebralis (vertebraal
kanaal)
- bevat ruggenmerg
- verschillende incisurae (inkepingen) → vormen foramen intervertebrale
, - hierlangs verlaten nervi spinales (zenuwen) het ruggenwervelkanaal
- verschillende vlakjes op processi articulares → vormen facetgewrichtjes
Variaties van kenmerken in verband met niveau (cervicaal → lumbaal)
- corpora wordt groter (want meer te dragen)
- canalis vertebralis (vertebraal kanaal) wordt kleiner
- inplanting van arci richt zich minder naar buiten
- thoracale wervels (borstwervels) vertonen gewrichtsvlakjes voor de kopjes van de ribben
- niet aanwezig voor ribben lumbaal en cervicaal (er zijn geen ribben)
Oriëntatie van processi spinosi wisselen met niveau
- cervicaal niveau: te kort om te palperen
- thoracaal niveau: liggen als dakpannen over elkaar
- lumbaal niveau: processi spinosi zijn naar achteren gericht en maken ruimte vrij
- gebruikt dit bij lumbale punctie
Deze oriëntatie laat wisselende bewegingen toe van wervelzuil, varieert per niveau
- cervicaal niveau: wervels kunnen dorsoventraal glijden
- thoracaal niveau: beweeglijkheid is beperkt (oa door ribben)
- lumbaal niveau: facetgewrichtjes vormen deel van staande cilinder
Processi transversi zijn een bijzonderheid
- cervicaal niveau:
→ regio rond nek en hals
- ze zijn ontdubbeld
- bestaan deels uit ribben die volledig geïncorporeerd zijn in wervels
- thoracaal niveau:
→ regio rond borstkas
- bestaan uit wervel materiaal
- vertonen een gewrichtsvlakje, voor articulatie met corresponderde rib
- lumbaal niveau:
→ regio rond de lende
- dwarsuitsteeksels bestaan uit geïncorporeerd ribmateriaal: processi costarii
- !! niet processi transversi
- feitelijke processi transversi zijn volledig gereduceerd
cervicale wervel thoracale wervel lumbale wervel
- klein corpus - grote processus transversus - gewrichtsuitsteeksels
- processus spinosus: v - processus spinosus: dakpangewijs - zijwaarts vlak
- foramen transversarium - verbinden ribben met wervelkolom - tussenwervelschijven
, 1.2 enkele gespecialiseerde wervels
1e halswervel → Atlas
- draagt de schedel
- geen corpus te onderscheiden: twee massae lateralis
- vooraan verbonden door korte arcus anterior
- achteraan verbonden door lange arcus posterior
- aan mediale zijde: ruwheid voor ligamentum
transversum
- gewrichtsvlakjes
- boven: voor contact met schedel
- onder: voor contact met tweede halswervel
2e halswervel → Axis
- corpus met (boven) één uitsteeksel
- vooraan en achteraan: gewrichtsvlak
- past in opening tussen massae laterales van atlas
- links en rechts: gewrichtsvlak
- massae laterales rusten hierop
- onderzijde: alle kenmerken van een gewone halswervel
- goed aansluiten op derde halswervel
Os sacrum (heiligbeen)
- 5 gefuseerde wervels
- bovenzijde: herkenbaar vlak → corpus van onderste wervel moet passen
- verder: verderzetting van vertebraal kanaal als canalis sacralis
- voorzijde: concaaf (hol) met vier fusielijnen (lineae transversae) van vijf wervels
- laterale zijde: links en rechts: vier openingen voor zenuwen:
- foramina sacralia pelvina
- achterzijde:
- overblijfselen van processi spinosi, transversi en ribben
- een mediale kam (crista sacralis mediana)
- twee intermediaire kammen (crista sacralis intermedia)
- aan laterale zijde vier openingen
- formaina dorsalia sacralia voor zenuwen
- twee laterale kammen (crista sacralis lateralis)
- onderaan: kammen eindigen als beenpuntjes
- liggen aan onderste opening van canalis caralis