Definitie recht
o Systeem om maatschappij te regelen
1. Basisbegrippen
Objectief recht
o Rechtsregel
o Recht zoals het op een bepaald moment op een bepaalde plaats van toepassing is
Subjectief recht
o Toepassing objectief recht op een situatie
o Recht waarop betrokken persoon/ subject aanspraak kan maken
Onderlinge verhouding = objectief recht is de bron subjectieve rechten
Voorbeeld : je ziet handtas in winkel +weet prijs beslist in gedachten ik koop hem
o Juridisch gezien (objectief): overeenkomst prijs & zaak = gekocht
o In werkelijkheid niet
Voorbeeld: gekochte auto (nog niet geleverd) garage afgebrand
o Subjectief echt verkoper: eisen betaling
o Subjectief recht koper: eisen bezit
o In contract moet staan: enkel bij levering (risico overdracht) is auto van jou, ervoor
garage zo niet tijdens brand jouw auto (want overeenkomst zaak & prijs) + geen
recht meer erop na brand
Rechtsfeit
o Iets wat je niet bewust/ expres doet met juridische gevolgen
o Feit/ gebeurtenis recht aan gekoppeld is
o Voorbeelden
Geboorte: rechten vanaf 18jaar uitoefenen, stemmen, contracten afsluiten
Overlijden: rechtsgevolg = erfenis
Stelling omver wind: bekijken wie aanspraak schade
Ongeval
……
Rechtshandeling
o Bewuste handeling juridische gevolgen te dragen
o Voorbeelden
Huwelijk
Erkenning: kinderen erkennen bij niet getrouwde mensen anders
kinderen geen recht van iets vader
Colloqueren: naar vrederechter zorg aan te vragen + later terug in
maatschappij
Adoptie
…..
Rechtsgevolg
o Gevolg dat objectieve recht koppelt aan een rechtsfeit
Principe: vrije beschikking
o Onderhandelen wat je wilt
o Tekenen wat je wilt
o Praktijk: lukt niet altijd (bv. voorwaarden facebook)
1
, Aanvullend recht
o Als partijen niets daaromtrent geregeld hebben, geldt wettelijke regeling
o Bv. niks over huisdieren in contract mag in principe
Dwingend recht
o Beperkingen aan vrijheid omwille morele, politieke, economische & sociale
overwegingen
o Bv. strafrecht: niemand vermoorden
Rechtsbekwaamheid
o Men heeft rechten & plichten
o Bv. recht op leven (niet zomaar abortus)
Handelingsbekwaamheid
o Rechten uitvoeren/ afdwingen
o Vanaf 18jaar rechten & plichten uitoefenen
o 16: alcohol drinken
o 21: casino binnen
2. Indeling van het recht
1. Onderscheid privaatrecht & publiek recht
Privaatrecht: regelt verhouding tss burgers/ mensen onderling
o Tss natuurlijke personen
Mensen vlees & bloed
o Tss rechtspersonen
Bedrijven, vennootschappen
Juridische identiteit die wordt geacht als een gewoon mens moeten kunnen
functioneren
Fictief persoon bij wet gecreëerd
Werkt volgens organen bedrijf: CEO
o Tss natuurlijke & rechtspersonen
o Feitelijke vereniging
= informeel, wel constant afspreken
Bij bv. schade/ brand iedereen deel betalen
Bij schade VZW 1 persoon betalen
Leden VZW beschermt tegen zaken die tegen VZW wordt aangedaan
Publiek recht
o <-> privaat recht (tss gelijke)
o Verhouding burger – overheid
o Interne organisatie overheid
o Overheid zegt hoe wet werkt
o Overheid toepassing maken haar privileges die steunen op haar geweldmonopolie &
NIET als private partij optreden
Bv. onteigening: ten algemene nutte eigendom burger afnemen tegen
algemene marktprijs
staat gebruikt geweldmonopolie (macht)
Bv. iemand opsluiten
Bv. gemeente wilt stuk grond kopen
Eigenaar weigert: onteigening = publiekrecht
Eigenaar akkoord: vrijwillige koop/verkoop = privaatrecht
2
, Voorbeeld: ongeval schade aan openbaar patrimonium
o Staat: slachtoffer, schadeleider
o Publiek recht: want tegen overheid
2. Onderverdeling privaatrecht
1. Burgerlijk recht
Regelt elementaire verhoudingen tss burgers
o Regels waarmee velen mee geconfronteerd worden
Burgerlijk wetboek: code de Napoleon
Personenrecht
Statuut van een persoon
o Persoonlijkheidsrechten
Bv. familienaam
o Dubbele familienaam
Discriminerend enkel man
Regel: er niet uitraken naam per alfabet
Vroeger man eerst
Familierecht
Verhoudingen tss bloed- en aanverwanten
o Bloedverwanten: biologisch gezien
o Aanverwant: volgens huwelijk
Bv. huwelijk, echtscheiding, verhouding ouders – kind, …
Zakenrecht
Regelt rechten op een zaak
Subjectief recht op goed zonder dat andere persoon moet tussenkomen
Ontroerende zaken: huis, grond, ….
Roerende zaken: fiets, sleutel, …
Bv. eigendom, vruchtgebruik, …
Verbintenisrecht
= overeenkomst
Kan voorkomen uit rechtsfeit
Vorderingsrecht
o Geen onmiddellijke macht op goed
o Recht op prestatie andere partij
Prestatie
o Iets al dan niet doen, iets geven
Erfrecht
Sterven = verdwijnen als rechtssubject
o Persoonlijkheidsrechten & zakelijke rechten
2. Ondernemingsrecht
Voormalig handelsrecht
Regelt statuut handelaars & commerciële activiteiten
o Handelaar bestaat niet meer ondernemer
Iedereen moet kunnen ondernemen
3
, Vennootschapsrecht
Alleen wetgever verleent de vorm
o NV, BV & VZW
o Wetboek economisch recht, wetboek van vennootschappen & verenigingen, …
5 criteria vrij beroep (mensen helpen)
o Intellectuele prestatie
Denken hoe persoon helpen
o Opleiding & permanente vorming
o Persoonlijke verantwoordelijkheid
o Onafhankelijk
Ookal zit je in een praktijk
o Onderworpen aan deontologie (plichtsethiek/ regels)
Consumentenrecht
Als je dingen koopt voor eigen belang/ gebruik
Zolang je geen ondernemer bent consument
EU- regelgeving
Recente wijzigingen
o Wet marktpraktijken
o Wetboek economisch recht
3. Sociaal recht
Regelt arbeidsverhoudingen & sociale zekerheid
o Ziekte uitkering, ziekteverzekeringen
Allerhande wetgeving
Arbeidsrecht
Verhouding werkgever – werknemer
o Onderschikt verband
Werknemer altijd schikken naar werkgever
o Quid overheid
Ambtenaren verminderen te duur pensioen
Sociale zekerheidsrecht
Verplichte sociale verzekeringen werknemers & zelfstandige
Sociale risico’s
o Bv. ziekte, arbeidsongevallen, werkloosheid
Wie betaalt wat
o Zelfstandige: betalen alles
4. Burgerlijk procesrecht
Regelt procedure voor gewone rechtbanken
Gerechtelijk wetboek
Bevoegdheid
o Bv. vrederechter: huurzaken
3. Onderverdeling publiekrecht
Bevoegdheid & samenstelling van overheidsorganen
Regelen verhouding burger – overheid (bevoorrechte positie)
4