- Onderdeel paradigma’s = handboeken en opleiding (indien die er niet zijn kan je moeilijk
spreken over een paradigma)
- Diverse wetenschappelijke standaarden kunnen nooit naast elkaar functioneren
- Er kunnen meerdere incompatibele theorieën naast elkaar leven
Er is 1 standaard theorie, enkel incompatibiliteit van opeenvolgende theorieën, niet
gelijktijdig
- Één wetenschappelijke standaard zal uitgroeien tot een paradigma!
- Probleemoplossend denken is de motor van wetenschappelijke vooruitgang (paradigma’s
lossen puzzels op)
- Er kan op een bepaald moment maar één theorie als standaard gelden (=paradigma)
- Een wetenschappelijke theorie is een onderdeel van een paradigma. Van een paradigma
maken we een hoop andere zaken zoals handboeken, opleidingen etc ook deel uit. Het is
dus zeker niet het zelfde. Een paradigma is het zelfde als een wetenschappelijke theorie
- In een periode van normale wetenschappen zijn er altijd met elkaar concurrerende
theorieën
Het kenmerk van een periode van normale wetenschap is dat er één theorie is die als
algemeen aanvaard wordt beschouwd. Derhalve kunnen er moeilijk concurrerende
theorieën bestaan op zo’n moment.
- In een periode van revolutionaire wetenschap zijn er altijd met elkaar concurrerende
theorieën. Want in een periode van revolutionaire wetenschap dient zich een alternatieve
theorie (minstens één) die tenminste één anomalie weet op te lossen
- De wetenschappelijke methode brengt ons gegarandeerd dichter bij de waarheid
Paradigma wissels veranderen ons beeld van de realiteit, dus geen objectieve waarheid
mogelijk.
- Een goede theorie kan plots van tafel gegooid worden door één bewijs van het tegendeel
- Wetenschappers proberen empirische problemen eerst zoveel mogelijk te verzoenen met
de heersende theorie.
- De politieke krachten in een maatschappij hebben onvermijdelijk een invloed op
wetenschap.
Ook al is een revolutie met paradigma wissel niet rationeel verklaarbaar, het is wel een
zaak van de wetenschappelijke gemeenschap.
- Wetenschapsfilosofen mogen geen rekening houden met het gedrag en de mening van
wetenschappers zelf.
Filosofie moet historisch adequaat zijn en uitgaan van de praktijk en de beslissingen daar
genomen.
- In de wetenschappelijke waarneming kunnen we ons nooit definitief bevrijden van theorie
geladenheid. De descriptieve school gaat dit systematisch incalculeren.
, - Er zijn verschillende gradaties op het vlak van wetenschappelijkheid van theorieën en
uitspraken. wordt bepaald door probleemoplossend vermogen van een paradigma.
- Al onze overtuigingen zijn voor herziening vatbaar, maar sommige geven we minder snel
op dan andere
nuanceert dit beeld: (harde kern van inzichten geven we minder rap op), dat is precies
het idee van het paradigma of wereldbeeld dat zolang mogelijk beschermd wordt.
- het domein van de empirie en da van het rationele denken kunnen netjes van elkaar
worden gescheiden
theorie geladenheid van de waarneming waarbij beide fundamenteel vervlochten zijn
gaan zij systematisch opnemen in hun wetenschapsbeeld via ‘paradigma’ resp web of
believe’