VOORBEELDEXAMEN MATERIALEN
SEM. 1
VRAAG 1
Geef de 4 materiaalfamilies
VRAAG 2
A. Geef de definitie van metaal
B. Noem 5 eigenschappen
C. Wat is het verschil tussen ferro en non-ferro metalen? Geef een voorbeeld van elk
VRAAG 3
Wat zijn de edele metalen? Geef enkele voorbeelden
VRAAG 4
A. Wat zijn legeringen?
B. Geef 3 voorbeelden van legeringen die bij de metalen groep horen
VRAAG 5
Geef de kenmerken/eigenschappen van metalen
VRAAG 6
Wat verstaat men onder een polymeer?
VRAAG 7
A. Wat zijn keramische materialen?
B. Geef de kenmerken/eigenschappen
VRAAG 8
Wat is glas?
VRAAG 9
A. Wat zijn composieten?
B. Geef de groepen en een voorbeeld per groep
VRAAG 10
A. Wat zijn kunststoffen?
B. Geef de groepen en subgroepen
VRAAG 11
A. Leg uit: polierbeton
B. Leg uit: kunststof gevloerde gietvloer
VRAAG 12
Waarom vloeren?
VRAAG 13
Geef de opbouw van vloeren
VRAAG 14
Deel de steenachtige materialen in
SEM. 1
VRAAG 1
Geef de 4 materiaalfamilies
VRAAG 2
A. Geef de definitie van metaal
B. Noem 5 eigenschappen
C. Wat is het verschil tussen ferro en non-ferro metalen? Geef een voorbeeld van elk
VRAAG 3
Wat zijn de edele metalen? Geef enkele voorbeelden
VRAAG 4
A. Wat zijn legeringen?
B. Geef 3 voorbeelden van legeringen die bij de metalen groep horen
VRAAG 5
Geef de kenmerken/eigenschappen van metalen
VRAAG 6
Wat verstaat men onder een polymeer?
VRAAG 7
A. Wat zijn keramische materialen?
B. Geef de kenmerken/eigenschappen
VRAAG 8
Wat is glas?
VRAAG 9
A. Wat zijn composieten?
B. Geef de groepen en een voorbeeld per groep
VRAAG 10
A. Wat zijn kunststoffen?
B. Geef de groepen en subgroepen
VRAAG 11
A. Leg uit: polierbeton
B. Leg uit: kunststof gevloerde gietvloer
VRAAG 12
Waarom vloeren?
VRAAG 13
Geef de opbouw van vloeren
VRAAG 14
Deel de steenachtige materialen in