Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 4 out of 110 pages
Summary

Samenvatting Mens & Maatschappij

Document preview thumbnail
Preview 4 out of 110 pages

Samenvatting van syllabus Mens en Maatschappij

Content preview

Mens en maatschappij:


Deel 1: Het leergebied mens en maatschappij:
1. Wat?
Lezen (wachten op verder info)

2. De eindtermen, ontwikkelingsdoelen en leerplannen:
Lezen (wachten op verder info)

3. De domeinen:
Lezen (wachten op verder info)

4. Vakdidactiek mens en maatschappij:
Er gelden enkele algemene didactische handvaten. Het gaat hier om 3 grote categorieën:
 De inhoud is juist in woord en beeld
 De inhoud geeft een genuanceerd beeld
 De inhoud legt verbanden

4.1 De inhoud is juist in woord en beeld:
4.1.1 Actueel:
Gebruik recent materiaal.

4.1.2 Correct:
Geef juiste inhouden.

4.1.3 Objectief:
Geef inhoud die gebaseerd is op feiten.

4.1.4 Betrouwbaar:
Geef inhoud die overeenkomt met de werkelijkheid.

4.2 De inhoud geeft een genuanceerd beeld:
4.2.1 De inhoud behandelt meerdere aspecten van het maatschappelijk leven:
De inhoud geeft een veelzijdig beeld vanuit de verschillende domeinen: sociaal, politiek,
economisch en cultureel.

4.2.2 De inhoud besteedt vooral aandacht aan het gewone en niet aan het
uitzonderlijke of kadert het uitzonderlijke in zijn context:
Door naar het gewone te kijken, wordt duidelijk wat de regel is, zo besteed je ook aandacht aan
het fundamentele en verwerf je meer inzicht in hoe de wereld werkt.

4.2.3 De inhoud besteedt aandacht aan positieve en negatieve aspecten van
gebeurtenissen:
Heb oog voor beide elementen van een verhaal of situatie.

4.2.4 De inhoud heeft aandacht voor gelijkenissen en verschillen:
Vergelijk onderwerpen met elkaar. Vertrek daarbij eerst vanuit gelijkenissen tussen de situatie van
de leerlingen en het onderwerp zodat er verbondenheid is. Daarna kijk je naar de onderlinge
verschillen.

4.2.5 De inhoud vermijdt stereotypen en vooroordelen:
Ontkracht of nuanceer waar nodig bestaande beelden of ideeën.

, Mens en maatschappij:

4.2.6 De inhoud bekijkt de werkelijkheid vanuit verschillende invalshoeken:
Bekijk de werkelijkheid vanuit het standpunt van meerdere personen met verschillende
achtergrond, …

4.2.7 De inhoud maakt onderscheid tussen feit en mening:
Ga steeds kritische en genuanceerd om met bronnen.

4.2.8 De inhoud besteedt niet alleen aandacht aan problemen maar wijst ook op
mogelijke oplossingen:
Bied de leerlingen bij actuele situaties een handelingsperspectief aan.

4.2.9 De inhoud heeft aandacht voor de standplaatsgebondenheid:
Indien je het handelen van een andere persoon/groep wilt begrijpen dan moet je je kunnen
verplaatsen in die positie en vanuit die situatie kunnen denken.

4.3 De inhoud legt verbanden:
4.3.1 …tussen oorzaken en gevolgen:
Benoem en bespreek niet alleen de oorzaken en gevolgen van een gebeurtenis of fenomeen,
maar bekijk ook hoe die in elkaar overvloeien.

4.3.2 …tussen hier en elders:
Bekijk gerust ook eens een andere leefomgeving.

4.3.3 …tussen vroeger en nu:
Leg verbanden in de tijd met aandacht voor continuïteit en verandering

4.3.4 …nog mogelijkheden:
 Tussen ontwikkeling en omgeving
 Tussen situatie en evolutie
 Tussen instellingen en processen
 Tussen kansen en ontwikkeling
 …

, Mens en maatschappij:


Deel 2: domein tijd:
1. Tijd: geschiedenis
1.1 Wat is geschiedenis?
Met ‘geschiedenis’ bedoelen we zowel:
 Het geheel van menselijke handelingen die in het verleden plaatsvonden (historisch
proces)
 De studie van het menselijk handelen in het verleden (onderzoek en beschrijving van het
historisch proces)
Het is de historicus die door onderzoek kennis van het historisch proces (historische kennis)
verzamelt en vormgeeft. Het verleden is echter niet meer aanwezig en enkel nog waar te
nemen via bronnen. Door geschiedschrijving streeft de historicus ernaar om een zo objectief
mogelijk beeld van het verleden te reconstrueren.




De verhoudingen tussen mensen, gemeenschappen en de verhoudingen van gemeenschappen
onderling staan centraal in het historisch onderzoek.
Geschiedenis is niet louter de studie van het verleden. Een historisch feit hangt niet alleen samen
met vroegere feiten, maar ook met hedendaagse feiten en krijgt pas zijn ware betekenis door de
gevolgen die het teweeg brengt. Het nut van geschiedenis ligt in het verwerven van feitenkennis en
inzichtelijke kennis omtrent het ontstaan en het verloop van talrijke maatschappelijke krachtlijnen
die naar het moment ‘vandaag’ toelopen. Zonder die kennis is het heden niet of nauwelijks te
begrijpen.

1.2 De bronnen:
Bronnen zijn voorwerpen die uit het verleden tot ons zijn gekomen of getuigenissen over het
verleden. De 1ste categorie noemt men doorgaans overblijfselen, de 2de categorie
overleveringen.
Overblijfselen zijn voorwerpen die onderzoekers iets vertellen over het verleden. Overleveringen
zijn mondelinge of schriftelijke getuigenissen die een eenvoudige of complexe gebeurtenis
beschrijven, verhalen of becommentariëren.
Vaak zijn overblijfselen en overleveringen niet gecreëerd voor het nageslacht, laat staan voor een
historicus. Vaak hebben voorwerpen of getuigenissen een duidelijke en specifieke functie voor de
tijdgenoten uit de periode waar ze ontstonden. Het worden bronnen door de bril waarmee
onderzoekers ernaar kijken. Toch moeten die waakzaam zijn, want sommige artefacten en
getuigenissen kunnen met een bepaald doel zijn gemaakt of gekleurd.

, Mens en maatschappij:

1.2.1 Indeling van bronnen:
De bronnen worden op basis van verschillende karakteristieken verder ingedeeld. Een 1 ste
onderverdeling is tussen geschreven en ongeschreven bronnen.
Geschreven bronnen zijn alle mogelijke teksten waarover we nu beschikken. Op welke drager de
tekst is geschreven, gedrukt, gebeiteld, gebrand, … heeft geen belang.
De ongeschreven bronnen worden onderverdeeld in materiële voorwerpen en immateriële
bronnen zoals orale tradities, volksgebruiken, talen, plaatsnamen, …
 Materiële voorwerpen:
o Archeologische bronnen: alle materiële voorwerpen die een spoor zijn van
menselijke activiteit in het verleden. Deze zijn verborgen geraakt onder het huidige
aardoppervlak en moeten dus opgegraven worden door archeologen.
Archeologische bronnen zijn dus belangrijk voor de studie van alle historische
periodes, maar zijn ook de enige bronnen voor de prehistorie.
o Munten: munten en andere betaalmiddelen leveren niet alleen informatie over
handelsbetrekkingen, economische toestanden, de financiële markten, prijzen en
rekenstelsels, maar ook over personen instellingen en technische ontwikkelingen.
Een numismaticus is een specialist die de geschiedenis en vormen van geld en
andere betaalmiddelen bestudeert.
o Met de hand vervaardigde afbeeldingen: de kunsthistoricus is gespecialiseerd in het
onderzoeken en beschrijven van de geschiedenis van alle kunstuitingen.
o Mechanisch vervaagde afbeeldingen: foto’s, film, …
 Immateriële bronnen:
o Orale bronnen: mondelinge overleveringen kunnen zowel uit een ver als recent
verleden stammen. Een oude vorm van mondelinge overlevering zijn de mythes,
sagen en volksverhalen, terwijl we het vandaag vooral kennen in de hedendaagse
vorm: interview. Oorspronkelijk bestaan orale bronnen alleen maar oraal. Verhalen
en kennis werden over de generaties heen doorverteld. Gaandeweg werden ze
steeds vaker vastgelegd in schriftelijke vorm of op geluidsband en film opgenomen.
o Naast de orale bronnen bevatten ook talen, dialecten, zegswijzen, namen, tradities,
gebruiken, gerechten, kleding, … sporen uit het verleden.
Een 2de onderverdeling drukt de relatie tussen de bron en de gebeurtenis uit, die tussen primaire
en secundaire bronnen. Primaire en secundaire bronnen kunnen zowel geschreven als
ongeschreven bronnen zijn. Een primaire bron is direct afkomstig van een persoon die betrokken
was bij een bepaalde gebeurtenis, persoon of tijdsperiode. Een secundaire bron bevat informatie
die gebaseerd is op informatie die eerder is doorgegeven door 1 of meerdere primaire bronnen.
Wanneer de maker van een bron de uitdrukkelijke bedoeling heeft om verslag te doen van een
gebeurtenis aan de tijdgenoten of aan het nageslacht, dan spreekt men van een bewuste bron.
Veel bronnen hebben echter helemaal niet het doel om verslag te doen van gebeurtenissen, maar
kunnen toch heel wat informatie aanleveren voor een historicus om het verleden te reconstrueren.
We spreken dan van een onbewuste bron.
De historicus baseert zijn verhaal over het verleden op historische feiten die aan bronnen ontleend
worden. Overblijfselen of overleveringen worden pas bronnen als de historicus deze kritisch
bevraagd. Dit noemen we historische kritiek.

1.2.2 Historische kritiek:
Bij het bestuderen van bronnen wordt zowel de ‘uitwendige kritiek’ als de ‘inwendige kritiek’
toegepast. Voor beide categorieën van vragen is heel wat achtergrondkennis vereist.

Document information

Study
Uploaded on
September 17, 2021
Number of pages
110
Written in
2020/2021
Type
Summary
$7.07

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
12
Followers
7
Items
15
Last sold
1 year ago



Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions