• Scharnierperiode: ontwikkelingsstadium tss kindsheid & volwassenheid.
• Adolescentie: volledige periode (12-22j).
• Puberteit (12-16j) => begin vn adolescentie.
=> slaat vral op seksuele rijping & meest heftige emotionele periode.
• Einde adolescentie: overgang nr jong-volwassenheid. => moment op zich nt duidelijk te
bepalen.
• Radicale wijziging op:
Fysiek vlak: groeispurt & seksuele rijpheid
Cognitief vlak: abstracter & complexer denken
Sociaal-emotioneel: id zoeken, plaats in samenleving zoeken => gevoelsleven
enorm in beroering.
7.1 Lichamelijke & motorische groei:
• Groeispurt
• Seksuele rijping
• Psychologische gevolgen vd lichamelijke verandering
7.1.1 Lichaamsveranderingen id puberteit:
• Groeispurt & seksuele rijping:
Beide processen lopen dr elkaar heen.
Meisjes bij beide 1-2 jaar vroeger
Hormonaal gestuurd
Groeispurt:
• Lengte & gewicht nemen net zo snel toe als in babytijd.
Meisjes: 7-8 cm/ jaar, start op: 10-11j & einde 17jaar.
Jongens: 8-9 cm/ jaar, start op: 12-13j & einde 19j
• Lichaam verliest kinderlijke hormonen.
• Geen gelijkmatige uitgroei vn ≠ lichaamsdelen: eerst ledematen, dn romp.
Seksuele rijping:
• Start:
Meisjes: 10-12j
Jongens: 12-14j
• Grote individuele verschillen
• Eerst secundaire geslachtskenmerken (borstontw & baardgroei)
• Belangrijk moment: eerste menstruatie & eerste ejaculatie
7.1.2 Psychologische gevolgen vn lichaamsveranderingen:
, Invloed groeispurt op gedrag:
• Bewegingen krachtiger & meer fysieke uithoudingsvermogen.
• MAAR: toch ernstige vermoeidheid bij veel jongeren.
• Vermoeidheid dr: fysieke eisen die gepaard gaan mt groei ook omwille hogere
verwachtingen vnuit sociale omgeving & school.
Invloed vn seksuele rijping op gedrag:
• Ervaring 1e menstruatie of ejaculatie kan vr verwarring zorgen.
• Belangrijke info te geven:
Over biologische aspecten
Over relationele & emotionele aspecten
Invloed op het zelfbeeld:
• Lichaamsschema (besef vn eigen lichaam/ verhoudingen) kan nt even snel mee
evolueren. ‘onhandig’
• Zelfbeeld beïnvloed dr lichamelijke veranderingen.
• Uiterlijk is belangrijk vr waardering vn leeftijdsgenoten.
• Vroege/ late rijping anders vr meisjes/ jongens:
Meisjes moeite mt vroege rijping.
Jongens moeite mt late rijping
7.2 Cognitieve groei:
• Formeel-operationeel denken (Piaget)
Van concreet nr abstract
Logisch redeneren
Abstracte problemen kunnen worden opgelost: nt inhoud vn conclusie maar
wijze wrop conclusie tt stand komt (formeel)
Vb: alle katten klauwen als ze boos zn. Stel dt een appel een kat zou zijn, zou hij dan ook
klauwen als hij boos is?
7.2.1 Kenmerken formeel-operationeel denken:
Formeel-operationeel denken:
• Niet waarneembare, louter denkbare & hypothetisch denken => staat centraal. (los vn
concrete inhoud)
• Wetenschappelijke manier vn denken:
Hypothetisch denken
Experimenteel denken
1) Hypothesen inschakelen:
• Inschakelen hypothesen (=oplossingen):