Week 1: Het karakter van het Nederlandse Strafproces
Roze markeringen
1.1 Gematigd Inquisitoir
Het Nederlands strafproces wordt meestal omschreven als gematigd inquisitoir.
Dat betekent dat de rechter niet alleen toekijkt, maar ook een eigen
verantwoordelijkheid heeft voor een juiste en rechtvaardige uitkomst. De rechter
mag dus actief bijdragen aan de waarheidsbevinding.
Tegelijkertijd heeft het Nederlandse strafproces ook contradictoire kenmerken
gekregen:
Het OM en de verdediging spelen een belangrijke rol in het debat.
Beide partijen brengen argumenten en bewijs naar voren.
De rechter neemt uiteindelijk de beslissing.
1.2 Inquisitoir vs accusatoir
Inquisitoir:
Rechter en opsporingsinstanties richten zich op het achterhalen van de
materiële waarheid.
Geen gelijkwaardige positie tussen verdachte en overheid.
Vooral de opsporingsfase heeft een inquisitoir karakter.
Accusatoir:
Partijen staan meer tegenover elkaar als gelijkwaardige procesdeelnemers.
De rechter treedt meer op als scheidsrechter.
Nadruk ligt op wat partijen in het proces naar voren brengen.
1.3 Waarom heeft Nederland geen jury?
Nederland kiest voor professionele rechtspraak i.p.v. juryrechtspraak. Argumenten
hiervoor:
Professionele rechters beschikken over juridische deskundigheid.
Rechters moeten hun beslissingen motiveren.
Dit bevordert rechtsgelijkheid en consistente toepassing van het recht.
Rechters zijn minder gevoelig voor emoties, media-aandacht en politieke druk.
,2.1 De rol van het strafrecht in de samenleving
Het strafrecht kent meerdere doelen:
Vergelding: reageren op gepleegd onrecht
Preventie: proberen criminaliteit te voorkomen
o Speciale preventie: gericht op de dader
o Generale preventie: gericht op de samenleving
Handhaving van de rechtsregels
Rechtsbescherming van burgers
Belangrijk is dat het strafrecht een ultimum remedium is: het zwaarste middel van
de overheid en daarom pas inzetbaar als lichtere middelen onvoldoende zijn.
Daarnaast geldt dat strafrecht niet alle maatschappelijke problemen kan oplossen.
Problemen zoals armoede of discriminatie verdwijnen niet door alleen te straffen. Het
strafrecht bestrijdt meestal de gevolgen, niet de oorzaken.
3.1 Memorie van Toelichting (MvT) bij het nieuwe Wetboek van Strafvordering
De MvT kiest voor een combinatie van:
Adequate rechtshandhaving (criminaliteit effectief bestrijden)
Rechtsbescherming (grondrechten respecteren)
Het strafproces moet dus:
Effectief zijn
Modern zijn
Maar tegelijkertijd eerlijk blijven en grondrechten waarborgen
Een belangrijk spanningsveld is dat meer efficiëntie niet ten koste mag gaan van
zorgvuldigheid en rechtsbescherming.
3.2 Voorbeelden van adequate rechtshandhaving
1. Modernisering van opsporingsbevoegdheden
Opsporing van digitale gegevens
Nieuwe bevoegdheden die aansluiten bij moderne criminaliteit
2. Strafbeschikking
Lichte zaken hoeven niet altijd naar de rechter
Dit levert tijd op voor complexere zaken
3.3 Voorbeelden van rechtsbescherming
1. Salduz-rechten
Recht op consultatie van een advocaat
Recht op bijstand tijdens een verhoor
2. Codificatie van grondrechten
Recht op een eerlijk proces
, Onschuldpresumptie
4.1 Modernisering van het strafproces
Vijf ontwikkelingen die modernisering noodzakelijk maakten
1. Verbreding van doelstellingen
Meer aandacht voor:
Rechten van verdachten
Rechten van slachtoffers
2. Verandering van criminaliteit
Nieuwe vormen van criminaliteit, zoals:
Drugscriminaliteit
Wapencriminaliteit
Verkeerscriminaliteit
Ordeningscriminaliteit
3. Uitbreiding van sancties
Bijvoorbeeld:
ISD-maatregel
Ontneming
Vrijheidsbeperkende maatregelen
4. Veranderende rolverdeling
Meer professionalisering
Andere verhouding tussen politie, OM en rechter
5. Digitalisering
Digitale gegevens
Nieuwe opsporingsmogelijkheden
, 5.1 Punitief Populisme
Volgens Noyon is punitief populisme een politieke benadering waarbij:
Het gewone volk tegenover een softe elite wordt gezet
Er wordt gesuggereerd dat rechters, wetenschappers en het OM te mild zijn
Hardere straffen als oplossing worden gepresenteerd
5.2 Voorbeelden van Punitief Populisme
Minimumstraffen
Taakstrafverbod (artikel 22b Sr)
Herziening ten nadele
Uitbreiding van tbs
Verlenging of afschaffing van verjaringstermijnen
Uitbreiding van extraterritoriale rechtsmacht
5.3 Spanningen met strafvorderlijke beginselen
Punitief populisme kan botsen met:
Ne bis in idem (niet twee keer voor hetzelfde feit)
Evenredigheid/ proportionaliteit
Onafhankelijkheid van de rechter
Onschuldpresumptie
Legaliteitsbeginsel
Opportuniteitsbeginsel
6.1 Klip en het totaalstrafrecht
Volgens Klip wordt het strafrecht steeds verder uitgebreid en gebruikt voor allerlei
maatschappelijke problemen
Gevolgen:
Overbelasting van het systeem
Veel incidentwetgeving
Meer repressie
Minder focus op schuldvaststelling
Meer nadruk op risicobeheersing