Topic 1 – Filosofie
RZL = Religie, Zingeving, Levensbeschouwing
Filosofie is afgeleid van de Griekse termen:
Filia = vriendschap
Sofia = wijsheid
vriend van de wijsheid (synoniem is wijsbegeerte)
Filosofie bestaat uit 3 structurele elementen
1. Nadenken
2. Radicaal nadenken
3. Radicaal en fundamenteel nadenken vanuit een verwondering
Filosofie ontstaat steeds vanuit de ervaring van de verwondering
1. Nadenken & Reflecteren
Reflecteren wijst op het vermogen van zelfbewustzijn, en het vermogen om
stil te staan en terug te blikken.
Filosofie ontstaat als de mens halthoudt en bezigheden onderbreekt =
epochaal denkwerk
Epoche = onderbreken
Socrates is de stichter van de westerse filosofie
Filosofie = wetenschappelijk streven naar kennis, om de tijd/wereld waar we
in leven te doorgronden
2. Radicaal en fundamenteel denken
Werkelijkheid an sich = objectief, hoe het is
Werkelijkheid fur mich = subjectief, onze ervaring
Filosofie houdt zich bezig met de objectieve werkelijkheid an sich
Filosofie is de enige wetenschap die de werkelijkheid in haar geheel benaderd
Psychologie – bestudeert de mens vanuit emoties
Sociologie – bestudeert de mens vanuit sociale verbanden en interactie
Ethiek – bestudeert de mens vanuit de aspecten goed en kwaad
Filosofie – bestudeert de mens als mens in al zijn facetten, wat maakt een
mens tot mens
Filosofie is:
, - Radicaal het graaft naar de wortels van de werkelijkheid (radicaal =
radix)
- Fundamenteel het doorbreekt de oppervlakte end irngt door tot de
fundamenten van de werkelijkheid
Metafoor 1 (De boom)
Takken zijn alle andere wetenschappen ontstaan
uit de wortels van de filosofie
Wortels/radix = filosofie
Onze overtuigingen kunnen de toegang tot de waarheid beperken en ons
tot verkeerde conclusies leiden.
3. De verwondering
Waarom wil de mens de werkelijkheid an sich bereiken komt door
verwondering
Verwondering is de kracht die de mens in de richting van het filosoferen
voortduwt, verwondering is de bron van de filosofie!
Arché = Grieks woord voor begin/ bron
Een verwondering/wonder is niet hetzelfde als een mirakel, een mirakel is iets
uitzonderlijks en bovennatuurlijks
3 stadia/ elementen van verwondering
1. Verwondering uit zich als gevolg van ervaring van een wonder
2. De verwondering brengt een soort wonde met zich mee want het past niet
in je denksysteem en doorbreekt vooroordelen en stelt hetgeen dat wij
kennen in vraag
3. Verwondering groeit uit tot bewondering/ fascinatie
, 3 wereldbeelden
1. Premoderniteit/ traditionele wereldbeeld
2. Moderniteit/ moderne wereldbeeld
3. Post-moderniteit
Wereldbeeld = dominante collectieve voorstelling die een maatschappij
onderhoudt. Het betreft alle levensdomeinen.
Vast stramien bij behandelen van 3 wereldbeelden
1. Kosmologie – hoe zit de werkelijkheid in elkaar
2. Antropologie – wie is de mens
3. Theologie – is er een god, wie is dat
4. Kleinere domeinen tijd, moraal, dagelijks leven
5. Achtergronden – hoe is het wereldbeeld ontstaan, wat zijn de wortels
6. Perceptie van gezondheid, ziekte en lichamelijkheid
1. Premoderniteit – Traditionele wereldbeeld
Kenmerkend = samenleving & heelal wordt als hiërarchisch en organisch
geheel gezien
Dit is het heersende wereldbeeld in de westerse maatschappij tijdens de
Christelijke middeleeuwen, en vind grondslag bij de Griekse cultuur en
filosofie
1. Kosmologie (werkelijkheid)
De werkelijkheid is een hiërarchisch levend organisme/ een groot geheel
waar alle onderdelen onlosmakelijk verbonden zijn. Alles heeft een doel
De oorsprong = God, alles wordt verklaard vanuit god, stellen van waarom
vraag!
2. Antropologie (mens)
De mens is heteronoom en niet autonoom – de mens is afhankelijk van
god, want god heeft de mens geschapen
3. Theologie (God)
God is een evidentie, god is eeuwig, hij staat bovenaan in de piramide
4. Kleinere domeinen
Tijd = cyclus, men leeft op het ritme van de natuur
Moraal = voorgegeven door God, enkel hij weet wat goed of slecht is
Leven = leven centreert op het platte land, men leeft vanuit de landbouw
5. Achtergronden
Polytheïsme = geloof in meerdere goden. Voor het ontstaan van de
Bijbelse godsdienst was er maar 1 God. Er is altijd een oppergod
geweest (Zeus/Jupiter) en er werd enkel een functionele relatie