Alle eerste termen en doelen die je in je verdere leerjaar zal herkennen in de andere stof.
Leerdoelen
- Je legt de kernbegrippen uit
- Je beschrijft en onderscheidt de kennisdomeinen
- Je beschrijft hoe de psychologie zich heeft ontwikkeld
- Je beschrijft de empirische (waarnemelijke) cyclus en legt uit hoe deze wordt toegepast
- Je relateert psychologische concepten en theorieën aan maatschappelijke cassusen
Deze doelen zullen je helpen ontwikkelen tot psycholoog
Velden binnen de psychologie
Wat kun je eigenlijk allemaal doen in dit werkveld?
Biological
Bewustzijn, sensatie, neurobiologie
Cognitive
Hoe denk je over dingen? Hoe onthou je dingen?
Developmental
Hoe werkt het leren? Hoe ontwikkelt een individu zich? Lifespan development
Social & personality
Emoties, sociale persoonlijkheid, motivatie
Mental & physical health
Therapies, stress, lifestyle en gezondheid.
Dit is nog lang niet alles binnen het vak
Forer (of baurum) effect: Gemiddeld geven deelnemers een lijst beschrijvingen een 4.3 op 5 met
betrekking tot hoe van toepassing een lijst kenmerken zijn op henzelf. Latere studies lieten zien dat
deelnemers hogere scores gaven wanneer er sprake is van authoriteit, een voorafgaande persoonlijke
analsyse, of een lijst met meer postitieve kenmerken.
→ Kritisch denken is dus belangrijk. Weeg de feiten af voordat je een aanname maakt over iemand
of iets. Is het ook echt waar? Zijn er nog andere conclusies mogelijk? Stel informatie systematisch ter
discussie. Wees niet bang om te vragen. Dit is dan ook een van onze grote doelen.
Mensen zijn niet zo objectief als ze denken. De psychologie laat zien dat er heel veel
waarnemingsvertekeningen (biases) zijn binnen de mens. De mens heeft de neiging om informatie
op een bepaalde manier te verwerken. Het is een gemotiveerd proces met het goede gevoel van
bevestiging als prijs. Alle mensen hebben deze, en zijn een obstacel tot het uitvoeren van kritisch
denken.
Confirmation biases sturen ook bij het zoeken van informatie. Er ontstaat tunnelvisie. Voor echt
wetenschappelijk denken is een blanco canvas zonder vooroordelen nodig. Biases worden in ons
‘belief system’ opgenomen. Je zult nooit helemaal objectief zijn. Info waar je het zelf mee eens bent
wordt sneller opgenomen en geaccepteerd.
,Als je nieuwe informatie vindt wat tegen je mening ingaat, ben je sneller geneigd om:
- Defensief te reageren
- Fouten te bekritiseren
- De desbetreffende informatie snel te vergeten
Sociale media is het perfecte platform voor het verspreiden en zoeken van deze biases.
Psychologie: de studie van Mind, Hersenen en Gedrag
Wundt opende het eerste psychologische lab in Leipzig. Hij gebruikte vaak de bewoording ‘Het
bestuderen van de mens als een gemotiveerd en denkend subject’
Mind: De mentale activiteit van een persoon die te maken heeft met denken, redeneren,
voelen en herinneren. Wat gebeurt er in iemands hoofd?
Brain: Biochemical processes within the brain that control thought, memory, feelings and
activity. Da Vinci was hier erg in betrokken. Wat gebeurt er als bepaalde delen van het brein
worden beschadigd? Wat heeft het brein te maken met het handelen?
Behavior: The totality of observable human (or animal) actions. Dat gedrag hebben we veel
vragen over, en proberen we te veranderen of een bepaalde kant op te sturen.
Mind-body probleem:
Zijn lichaam en geest gescheiden en verschillend, of is de geest gewoon de subjectieve ervaring van
voortdurende hersenactiviteit?
René Descartes stelde de theorie van het dualisme. Lichaam en geest zijn gescheiden, maar toch met
elkaar verweven. Hierbij komt wel het interactieprobleem bekijken. Tegenwoordig ondersteunen veel
onderzoekers het enbodied embedded cognition (zie filo 6vwo) het zijn instellingen in je lijft die
sturen wat je doet. Wat jij onderneemt in de wereld heeft effect op wat je voelt en denkt.
Buitenstaande dingen hebben dus ook een rol in hoe je denkt en voelt. Je bent dus ‘embedded’ in de
wereld.
Nature-nurture debat:
Komt ons gedrag en gevoel voort uit onze genen (Nature), of uit onze opvoeding (Nurture). Het is niet
het een of ander, beide zijn heel belangrijk voor het verklaren van ons gedrag. Ligt een goede
basketballer aan de lengte (nature), of een goede coach (nurture)? Je kunt aanleg hebben voor iets,
maar deze aanlegging komt pas tot uiting door bepaalde ervaringen of gebeurtenissen. Als je aanleg
hebt tot slim te zijn maar hebt nauwelijks scholing gehad, komt die slimheid niet tot uitting.
,Research methodology
Hoe doe je nu precies betrouwbaar onderzoek?
Het is een cyclisch proces.
Theory → Hypothesis → research → support of the theory → strengthens the theory → theory
Fail to support the theory → weaken the theory → new theory
Hoe doe je dan goed onderzoek? Er zijn bepaalde principes:
Vorm van tevoren een hypothese en houd je hieraan.
→ Pas na het verzamelen van de informatie zoek je het patroon in de data. De Hindsight bias is
hierin een valkuil. Iets is misschien niet je verwachting, maar je moet je aan je hypothese houden.
Deze kun je hierna niet veranderen. Informatie kan niet helpen bij de uitkomst van een hypothese
wanneer deze heeft bijgedragen aan het vormen van de hypothese. Wanneer je iets verassends vindt,
is het extra belangrijk om hetzelfde onderzoek te doen om te kijken of je het verassende resultaat nog
een keer ziet.
Ook de steekproefgrootte is belangrijk. Als je naar 5 mensen kijkt is je onderzoek minder
betrouwbaar dan als je naar 100 mensen kijkt.
Beschrijvende methodes geven geen conclusie hoe iets werkt, maar vormen wel een beeld van iets.
Via observationele studies kun je mensen vragen stellen, en deze antwoorden vormen enkel het beeld
van het fenomeen. Zie ik iets over het hoofd? Spelen er bepaalde thema’s? Onderzoek dat niet
hypothese toetsend is, maar meer theorievormend is. Je krijgt meer grip op het thema.
Correlationele methodes geven meet duidelijkheid over de samenhang tussen dingen. Samenhang
tussen hoe lang je bent en je schoenmaat, bijvoorbeeld. Er zijn verschillende vormen van correlaties.
- perfecte negatieve correlatie \ negatief coefficient
- medium negatieve correlatie ( negatief coefficient
- geen correlatie --- 0
- medium positieve correlatie ) positief coefficient
- perfecte positieve correlatie / positief coefficient
Er kunnen echter ook derde variabele zijn. Er is correlatie tussen hoe veel ijsjes je eet en hoe veel je
verbrandt, maar er is geen verband tussen de twee. De derde variabele hierin is de zon. Als het warm
is verbrand je sneller en eet je meer ijsjes. Dit is dus oorzakelijk. Correlaties zijn geen oorzakelijke
verbanden. Correlatie kan toeval zijn
Bij gecontroleerd onderzoek probeer je alle buitenstaande invloeden uit te sluiten, en alleen de kern
en de uitkomstgevende factor te manipuleren. Dit gaat over afhankelijke en onafhankelijke
variabelen. Een goed experiment verandert via de onafhankelijke variabelen de afhankelijke
variabelen, waardoor je hypothese kan worden bewezen. Bij een goed experiment probeer je alles dus
zo netjes mogelijk in te richten.
, H1
Psychologische wetenschappen leert ons kritisch nadenken, en laat ons veelvoorkomende
misconcepties vermijden. Media houden namelijk van een goed verhaal, en wetenschappelijk
onderzoek kan hierdoor onbetrouwbaar zijn. Je moet deze artiekelen kunnen scannen en evalueren.
Dit heet amiable skepticism: een combinatie van openheid en wantrouwen. Deze manier van denken,
het systematisch evalueren en bevragen van artiekelen, Heet kritisch denken. Mensen hebben vaak
vooroordelen, en het bewust zijn hiervan helpt bij onderzoek. Ga op zoek naar de loopholes van
onderzoeken en beproef de grenzen.
→ Het ‘intuïtieve denken’ wijst ons vaak naar dode wegen. Niet omdat wij dom zijn, maar juist omdat
onze observatie en intelligentie ons naar deze biases heeft geleid. De mens wil dagelijkse
gebeurtenissen verklaren en voorspellen. Over het algemeen zijn deze intuïtieve conclusies correct,
maar hier moet je niet vanuitgaan. Soms ziet men namelijk patronen die niet bestaan.
Verschillende soorten biases:
- Ignoring evidence: Mensen stellen vaak bewijs dat hun claim support hoger dan bewijs dat
hun claim afwijst.
- Causale verbanden zien die niet bestaan: Twee gebeurtenissen die na elkaar voorkomen
zijn niet altijd causaal verbonden.
- Hindsight bias: Men is heel goed in het verklaren van gebeurtenissen van het verleden, maar
op een of andere manier minder goed in het voorspellen van toekomstige dingen.
Terugblikkend op een gebeurtenis zien we vaak ‘warning signs’ die we in het moment zelf
niet zagen.
- Taking mental shortcuts: Mensen volgen vaak simpele regels (heuristics) om beslissingen
te maken. Normaal gezien komen hier goede keuzes uit voor minder energie. Soms kunnen
deze heuristics echter leiden tot inaccurate oordelen of stereotyperende uitkomsten.
→ in hoofdstuk 8 komt dit meer terug.
Waarom zijn mensen onbewust van hun zwakke punten?
Een ander bias is dat mensen zich vaak goed voelen over zichzelf, war invloed heeft op hoe zij
informatie verwerken. Veel mensen geloven dat zij beter zijn dan gemiddeld, terwijl maar 50% van de
bevolking echt boven gemiddeld zit. Men gebruikt verschillende strategieën om dit te bewijzen,
bijvoorbeeld een skill dusdanig beschrijven dat het hen voordeliger laat lijken. Toondove zangers
kunnen hierdoor alsnog geloven dat ze goed kunnen zingen (zie nikkitempellovelife). Maar hoe zijn
deze overmoedige inschattingen gunstig voor onszelf? Hier gaan we dieper op in in hoofdstuk 12.
➔ Vaak is een verschijning of gebeurtenis niet verklaarbaar door één ding. Meestal komt een
gebeurtenis voort uit een combinatie van verschillende fenomenen.