Tijdvak 3
3.1~De opkomst van de Islam
~De Islam is een monotheïstische godsdienst die in de zevende eeuw ontstaat in het huidige
Saudi-Arabië. De belangrijkste stad is Mekka. De Islam heeft veel overeenkomsten met het
Jodendom en het Christendom; veel verhalen uit de Koran komen ook in de Bijbel voor.
Volgens de Koran ontvangt Mohammed rond 610 openbaringen van de engel Gabriël
(Djibriel). Hij trekt zich regelmatig terug om na te denken over de boodschappen van God,
wat later de Ramadan wordt genoemd. Zijn eerste volgelingen zijn zijn vrouw Khadidja, zijn
schoonvader Abou Bakr en zijn neef Ali. Omdat de leiders in Mekka het monotheïsme
afwijzen, vlucht Mohammed in 622 naar Medina. Deze vlucht heet de Hidjra en markeert het
begin van de Islam. Mohammed wint later de strijd tegen Mekka en sterft in 632.~
~Na de dood van Mohammed verspreidt de Islam zich snel door het Arabische schiereiland
en daarbuiten. De omliggende gebieden, zoals Syrië, Egypte en Palestina, zijn verdeeld en
zwak, waardoor ze gemakkelijk veroverd kunnen worden. De Islam zorgt voor eenheid en een
duidelijk geloof in het Arabische rijk. Veel mensen in veroverde gebieden bekeren zich tot de
Islam en helpen mee aan verdere veroveringen. Zo komen grote delen van Noord-Afrika en
een deel van Europa onder islamitisch bestuur. Moslims vormen de nieuwe hogere klasse,
terwijl Christenen en Joden bescherming krijgen als “Dhimmi”, omdat ze als volken van het
boek worden erkend.~
~Door de Islam verandert de Arabische samenleving veel. Handel wordt steeds belangrijker,
vooral omdat nomadische handelaren contact hebben met Christenen en Joden aan de rand
van de woestijn. Dit zorgt ook voor uitwisseling van kennis en cultuur, zoals wetenschap,
geneeskunde en filosofie. De Arabische samenleving krijgt een duidelijke structuur met
religie, politiek en handel als belangrijke pijlers. De Islam helpt alles met elkaar te
verbinden.~
~Later verspreidt de Islam zich verder naar Noord-Afrika en delen van Europa. Moslims
brengen niet alleen hun geloof, maar ook kennis en cultuur mee. In de middeleeuwen
proberen de Europeanen via de kruistochten Jeruzalem terug te veroveren, maar
tegelijkertijd leren ze veel van de Arabische wetenschap en cultuur. Zo speelt de Islam een
belangrijke rol in het doorgeven van kennis aan Europa.~
3.2~Hofstelsel en horigheid
~Na de val van het Romeinse Rijk verdwenen veel steden en gingen mensen weer in kleine
gemeenschappen wonen die vooral van landbouw afhankelijk waren. Dit kwam door
meerdere oorzaken. Ten eerste nam de handel sterk af, waardoor het niet meer mogelijk was
om veel producten uit te wisselen. Ten tweede zorgde politieke instabiliteit voor overvallen
en aanvallen, waardoor reizen onveilig werd. Daarnaast werd geld steeds schaarser,
waardoor mensen terugvielen op landbouw en ruilhandel. Door deze ontwikkelingen leefde
men in de vroege middeleeuwen autarkisch, wat betekent dat gemeenschappen
zelfvoorzienend waren en weinig contact hadden met andere gebieden.~