DEEL 2: NKO PATHOLOGIE
INPUT: GEHOOR EN GEHOORORGANEN
HOOFDSTUK 1 – HET BUITENOOR
1.1 DE OORSCHELP (auricula, pinna)
1. helix
2. antihelix
3. tragus
4. antitragus
5. cavum conchae
6. lobulus
=> niet kennen voor examen op deze manier
CONGENITALE ANATOMISCHE AFWIJKINGEN – VORM
PREAURI(schelp)CULAIRE Locatie: preauriculair (voorzijde oor)
AANHANGSEL PREAURICULAIRE SINUS
Frequent voorkomend Blind-eindigende fistel
Meestal geïsoleerd Locatie: voor basis helix
Ontstaat tijdens embryonale ontw. Kan soms infecteren
MICROTIE
Misvormde/ afwezige oorschelp
Vaak samen met afwijkingen vd uitwendige gehoorgang
stenose – vernauwing/ atresie – afwezig
Geïsoleerd of bij een syndroom (treacher collins)
TUMOREN
Goedaardige Kwaadaardige
Geen kanker Kanker
Langzame groei Ongecontroleerde groei
Geen uitzaaiingen Uitzaaiingen = metastasen
Druk op omringend gezond weefsel – wel kans Binnendringen ander weefsel
schade
Oorschelp: Keloïd Oorschelp: Plaveiselcelcarcinoom en Melanoom
KELOÏD Kan uitzaaien
Meest gekende bij de oor – goedaardig
Overmatige groei littekenweefsel – bij MELANOOM - KANKER
piercing Vanuit melanocyten – pigmentcellen
Blootstelling aan de zon – 5j extra kans
PLAVEISELCELCARCINOOM - KANKER Een groep pigmentcellen ontspoort tot
Oorzaak: UV-straling, wondjes bijven na kankercellen
korst, … Soms vanuit moedervlek
Vanuit keratinocyten – cellen opperhuid Meest agressieve vorm van huidkanker
Rozerood knobbeltje met korstje Kan uitzaaien
1
Ella Van Reusel – PBA-LA MT1 S2
, OLOD – Pathologie en comorbiditeit – NKO pathologie
TNM–CLASSIFICATIE:
Tumor = T1 – T4 verwijst naar grote
Nodes = lymfeklieren – schildklieren – hoe meer aantasting hoe slechter
Metastasis = vertrekken vanuit lymfeklieren
TRAUMATA
BLOEDING OORSCHELP (OTHEMATOOM)
Vaak bij boksers of harde val op oor
Kraakbeen bevat geen bloedvaten > kraakbeenvlies = perichondrium – zorgt voor
voedingsstof.
Bij bloeding: onderbreking contact kraakbeen – kraakbeenvlies onderbreking voeding door
hematoom afsterven kraakbeen
Onbehandeld hematoom necrose kraakbeen bloemkooloor
BRANDLETSELS
Perichondrium
2
Ella Van Reusel – PBA-LA MT1 S2
, OLOD – Pathologie en comorbiditeit – NKO pathologie
ONTSTEKINGEN
= zien bij mensen – herkennen, onderscheiden niet hoeven doorverwijzen
CHONDRODERMATITIS NODULARIS HELICIS
Klein, ovaal, grijswit knobbeltje
Locatie: t.h.v. de helixrand of antihelix
Oorzaak: chronisch trauma + ruwe plekjes door schade zonlicht
1.2DE UITWENDIGE GEHOORGANG
CONGENITALE AFWIJKINGEN
CONGENITALE ATRESIE VAN DE GEHOORGANG
Gaat over microtie – weten dat er verschillende types en gradaties zijn
Verschil tussen vliesje doorprikken of volledige afwezigheid van gehoorgang
Geluid laten waarnemen loopt via andere weg
Type A – gehoorgangatresie: membraneuze afsluiting van externe gehoorgang
Type B – gedeeltelijke atresie: vernauwing en krommingen uitwendige gehoorgang
Type C – volledige atresie: volledige afwezigheid gehoorgang maar goed pneumatisering
trommelholte
Type D – hypopneumatische totale atresie: volledige afwezigheid gehoorgang maar
verminderde pneumatisering trommelholte
TUMOREN
Buitenoor = zelfde huid gehoorgang = zelfde tumoren
Plaveiselcelcarcinoom – meest voorkomende
OORSMEERPROP
Buitenste 1/3 gehoorganghuid:
Haartjes
Talgklieren Oorzaken:
Oorsmeerklieren Verstoord evenwicht
Functies oorsmeer (cerumen): Terugduwen oorsmeer
Beschermen tegen vocht Afwijkende bouw gehoorgang
Beschermen dunne gehoorganghuid Verminderd gehoor?
tegen uitdroging Volledige afsluiting gehoorgang
Opvangen vuil (stof, insecten, …)
CORPORA ALIENA
Vreemde voorwerpen in gehoorgang Behandeling: spoelen
Pluisjes, kraaltjes Symptomen:
knopcelbatterij = medische urgentie Pijn
(toestel) Gehoorverlies
3
Ella Van Reusel – PBA-LA MT1 S2