Wiskunde A vwo 4
H1 Formules en grafieken
+ H2 Statistiek
Lineaire formules, interpoleren en evenredigheid, wiskundige modellen,
en statistiek van onderzoeksvraag tot betrouwbaarheidsinterval
✓ Alle paragrafen 1.1 t/m 1.4 en 2.1 t/m 2.6 uitgelegd met uitgewerkte voorbeelden
✓ Stappenplan: formule van een lijn door twee punten
✓ Gemiddelde, mediaan, kwartielen en standaardafwijking, ook met de GR
✓ Boxplot, histogram, normale verdeling en betrouwbaarheidsintervallen
✓ 17 oefenopgaven met volledige uitwerkingen
1 2 3 4 5 6
Lineair Evenredig Modellen Statistiek Verdelingen Intervallen
Gemaakt bij Getal & Ruimte 12e editie, vwo A/C deel 1: H1 Formules en grafieken (1.1 Lineaire formules, 1.2 Een lijn
door twee gegeven punten, 1.3 Interpoleren, extrapoleren en evenredigheid, 1.4 Wiskundige modellen) en H2
Statistiek (2.1 De statistische cyclus t/m 2.6 Betrouwbaarheidsintervallen).
Wiskunde A vwo 4 · Getal & Ruimte 12e ed. · H1 Formules en grafieken + H2 Statistiek pagina
, Inhoud
Wat staat waar?
1 Lineaire formules
2 Interpoleren, extrapoleren en evenredigheid
3 Wiskundige modellen
4 Statistiek: de cyclus en data verzamelen
5 Centrum- en spreidingsmaten
6 Klassenindeling, polygonen en verdelingen
7 Betrouwbaarheidsintervallen
8 Formuleblad
9 Begrippenlijst
10 Oefenopgaven
11 Uitwerkingen
ZO GEBRUIK JE DEZE SAMENVATTING
Lees per onderwerp de uitleg en het voorbeeld, en reken het voorbeeld zelf na op je GR. Gebruik het
formuleblad als spiekbriefje bij het oefenen. Maak daarna de oefenopgaven en check je antwoorden met
de uitwerkingen.
1. Lineaire formules
Paragraaf 1.1 en 1.2: y = ax + b en een lijn door twee punten
De formule y = ax + b
Bij een lineair verband hoort een rechte lijn en een formule van de vorm y = ax + b.
Letter Naam Betekenis
a richtingscoëfficiënt (hellingsgetal) Zoveel neemt y toe als x 1 groter
wordt
b startgetal De waarde van y als x = 0 (snijpunt
met de y-as)
a > 0: de lijn stijgt; a < 0: de lijn daalt; a = 0: de lijn is horizontaal.
In een context heeft a een eenheid, bijvoorbeeld “euro per kilometer”.
Voorbeeld. Een taxi rekent €3,50 instaptarief en €2,40 per km. K = 2,40a + 3,50, met a het aantal km en K de
kosten in euro. Een rit van 12 km kost 2,40 · 12 + 3,50 = €32,30.
Wiskunde A vwo 4 · Getal & Ruimte 12e ed. · H1 Formules en grafieken + H2 Statistiek pagina