Hoofdstuk 1: evaluatie van theorieën vanuit de
analytische sociologie
Hoofdstuk 2: Wetenschap, causaliteit en verklaren
,Inleiding
etiologische criminologie: verklaren van individuele verschillen in regelovertredend gedrag
→ roept vragen op; die behoren tot moderne wetenschap
⇒ om te begrijpen niet alleen zeggen welke factoren samenhangen, MAAR begrijpen hoe
die factoren hun invloed uitoefenen en via welke processen ze leiden tot gedragskeuzes
Het concept “wetenschap”
geen algemeen aanvaarde definitie, MAAR brede overeenstemming over aantal kenmerken
1. wetenschap als intersubjectieve kennisverwerving: wetenschap is niet volledig objectief;
onderzoekers beïnvloed door cultuur, politiek, geschiedenis,... ⇒ dus niet in sociaal vacuüm
→ MAAR wetenschappelijke kennis niet zomaar subjectief ⇒ subjectief beperken door
intersubjectieve controle
⇒ intersubjectief = kennis gecontroleerd door meerdere onderzoekers binnen
gemeenschap
2. wetenschap als collectieve onderneming: niet alleen verzameling van feiten; is een
proces van kennisproductie
→ onderzoekers verzamelen, formuleren, ontwikkelen,.. ⇒ verloopt niet altijd lineair;
voortdurend proces van kritiek, discussie, replicatie,..
3. wetenschap als opbouw van een cumulatief kennisbestand: nieuwe kennis verder
opbouwen op bestaande kennis → MAAR opbouw is wetenschappelijk ideaal; in sommige
disciplines makkelijker dan andere
→ in criminologie theoretische fragmentatie; concurrerende verklaringen blijven naast
elkaar bestaan
,Fundamentele vragen over causaliteit
als er geen oorzaken zouden bestaan dan is systematische preventie nutteloos → als alles
random is gaan er random dingen gebeuren ⇒ wij hebben oorzaken, kunnen onszelf
inhouden,…
“wat is causaliteit” → geen algemene overeenstemming van wat een oorzaak is en hoe
causale relaties moeten worden begrepen
1. causaliteit als regelmatige samenhang: causaliteit gezien als regelmatige associatie
tussen gebeurtenissen → 2 fenomenen vinden gelijktijdig plaats; denken dat ene oorzaak is
van andere
contiguïteitsprincipe= oorzaken en gevolgen moeten spatio-temporeel met elkaar
verbonden zijn
→ Humeaanse visie op causaliteit: causaliteit betrekking op regelmatigheden tussen
gebeurtenissen ⇒ enige wat we kunnen waarnemen zijn constante verbindingen tussen
gebeurtenissen ⇒ regulariteitstheorie
Hume: 2 fundamentele uitspraken over causaliteit:
- causaliteit kan NOOIT vastgesteld worden
- causaliteit is geen eigenschap der dingen, maar een gewoonte van de geest
+ 3 belangrijkste kenmerken:
- noodzakelijkheid; A altijd voor B geobserveerd
- regulariteit; gelijktijdige observatie is kern van regulariteit
- nabijheid; dicht bij elkaar in tijd en ruimte geobserveerd
, 2. causaliteit als INUS-relatie: Insufficient but Necessary part of an Unnecessary but
Sufficient condition ⇒ oorzaak op zichzelf onvoldoende, MAAR wel noodzakelijk onderdeel
van combinatie van voorwaarden die samen voldoende zijn om effect te veroorzaken
voldoende oorzaak: het gevolg treedt op als de oorzaak aanwezig is
onvoldoende oorzaak: op zich niet genoeg, bijkomende conditie vereist
niet-noodzakelijke oorzaak= triggering, MAAR: “under certain conditions”
noodzakelijke oorzaak: oorzaak zonder dewelke het gevolg NIET optreedt, ‘ceteris paribus’
conditie (= onder controle van andere storende factoren)
causale veld: verzameling achtergrondvoorwaarden die als gegeven worden beschouwd en
daarom niet expliciet als oorzaak worden onderzocht
causale factor: geen noodzakelijke en voldoende oorzaak van een effect, maar onvoldoende
en noodzakelijk bij bredere configuratie van voorwaarden in 1 oorzaak
contributieve oorzaken: leiden niet zelfstandig tot gebeurtenis, maar vergroten kans/effect
3. causaliteit als productie van effecten: oorzaken gezien als factoren die effecten
produceren via causale processen → wordt iets geproduceerd door het in gang zetten van
mechanismen
→ oorzaak is verantwoordelijk voor gevolg
Bunge: oorzaak is niet zomaar een factor die regelmatig samen voorkomt met een effect,
MAAR een factor die daadwerkelijk iets produceert, teweegbrengt
→ productiviteit: er moet toestandsverandering zijn; er moet eerst iets gebeuren voor er
een gevolg optreedt ⇒ niets bestaat zomaar uit het niets
→ wetmatigheid: bestaan van zekere regelmaat
verklaren is vooral een theoretisch proces
tussenliggende proces: verbindt oorzaak en effect en verklaard verband er tussen
kerntaak van wetenschap = mechanismen zoeken
4. causaliteit als intentioneel handelen: wij brengen zaken teweeg; als iemand iets doet
heeft dat gevolgen (individueel, maatschappelijk vlak) bv. iemand steelt en wij slaan terug
dit is alternatieve benadering van causaliteit; actiecausaliteit
Wright: actoren kunnen zelf causale processen initiëren door doelgericht te handelen
⇒ oorzaak is factor die over intrinsieke eigenschappen beschikt waarmee een bepaald
effect kan worden voortgebracht, op voorwaarde dat die factor wordt geactiveerd,
getriggerd
Het concept “causale mechanismen”
analytische sociologie
Hoofdstuk 2: Wetenschap, causaliteit en verklaren
,Inleiding
etiologische criminologie: verklaren van individuele verschillen in regelovertredend gedrag
→ roept vragen op; die behoren tot moderne wetenschap
⇒ om te begrijpen niet alleen zeggen welke factoren samenhangen, MAAR begrijpen hoe
die factoren hun invloed uitoefenen en via welke processen ze leiden tot gedragskeuzes
Het concept “wetenschap”
geen algemeen aanvaarde definitie, MAAR brede overeenstemming over aantal kenmerken
1. wetenschap als intersubjectieve kennisverwerving: wetenschap is niet volledig objectief;
onderzoekers beïnvloed door cultuur, politiek, geschiedenis,... ⇒ dus niet in sociaal vacuüm
→ MAAR wetenschappelijke kennis niet zomaar subjectief ⇒ subjectief beperken door
intersubjectieve controle
⇒ intersubjectief = kennis gecontroleerd door meerdere onderzoekers binnen
gemeenschap
2. wetenschap als collectieve onderneming: niet alleen verzameling van feiten; is een
proces van kennisproductie
→ onderzoekers verzamelen, formuleren, ontwikkelen,.. ⇒ verloopt niet altijd lineair;
voortdurend proces van kritiek, discussie, replicatie,..
3. wetenschap als opbouw van een cumulatief kennisbestand: nieuwe kennis verder
opbouwen op bestaande kennis → MAAR opbouw is wetenschappelijk ideaal; in sommige
disciplines makkelijker dan andere
→ in criminologie theoretische fragmentatie; concurrerende verklaringen blijven naast
elkaar bestaan
,Fundamentele vragen over causaliteit
als er geen oorzaken zouden bestaan dan is systematische preventie nutteloos → als alles
random is gaan er random dingen gebeuren ⇒ wij hebben oorzaken, kunnen onszelf
inhouden,…
“wat is causaliteit” → geen algemene overeenstemming van wat een oorzaak is en hoe
causale relaties moeten worden begrepen
1. causaliteit als regelmatige samenhang: causaliteit gezien als regelmatige associatie
tussen gebeurtenissen → 2 fenomenen vinden gelijktijdig plaats; denken dat ene oorzaak is
van andere
contiguïteitsprincipe= oorzaken en gevolgen moeten spatio-temporeel met elkaar
verbonden zijn
→ Humeaanse visie op causaliteit: causaliteit betrekking op regelmatigheden tussen
gebeurtenissen ⇒ enige wat we kunnen waarnemen zijn constante verbindingen tussen
gebeurtenissen ⇒ regulariteitstheorie
Hume: 2 fundamentele uitspraken over causaliteit:
- causaliteit kan NOOIT vastgesteld worden
- causaliteit is geen eigenschap der dingen, maar een gewoonte van de geest
+ 3 belangrijkste kenmerken:
- noodzakelijkheid; A altijd voor B geobserveerd
- regulariteit; gelijktijdige observatie is kern van regulariteit
- nabijheid; dicht bij elkaar in tijd en ruimte geobserveerd
, 2. causaliteit als INUS-relatie: Insufficient but Necessary part of an Unnecessary but
Sufficient condition ⇒ oorzaak op zichzelf onvoldoende, MAAR wel noodzakelijk onderdeel
van combinatie van voorwaarden die samen voldoende zijn om effect te veroorzaken
voldoende oorzaak: het gevolg treedt op als de oorzaak aanwezig is
onvoldoende oorzaak: op zich niet genoeg, bijkomende conditie vereist
niet-noodzakelijke oorzaak= triggering, MAAR: “under certain conditions”
noodzakelijke oorzaak: oorzaak zonder dewelke het gevolg NIET optreedt, ‘ceteris paribus’
conditie (= onder controle van andere storende factoren)
causale veld: verzameling achtergrondvoorwaarden die als gegeven worden beschouwd en
daarom niet expliciet als oorzaak worden onderzocht
causale factor: geen noodzakelijke en voldoende oorzaak van een effect, maar onvoldoende
en noodzakelijk bij bredere configuratie van voorwaarden in 1 oorzaak
contributieve oorzaken: leiden niet zelfstandig tot gebeurtenis, maar vergroten kans/effect
3. causaliteit als productie van effecten: oorzaken gezien als factoren die effecten
produceren via causale processen → wordt iets geproduceerd door het in gang zetten van
mechanismen
→ oorzaak is verantwoordelijk voor gevolg
Bunge: oorzaak is niet zomaar een factor die regelmatig samen voorkomt met een effect,
MAAR een factor die daadwerkelijk iets produceert, teweegbrengt
→ productiviteit: er moet toestandsverandering zijn; er moet eerst iets gebeuren voor er
een gevolg optreedt ⇒ niets bestaat zomaar uit het niets
→ wetmatigheid: bestaan van zekere regelmaat
verklaren is vooral een theoretisch proces
tussenliggende proces: verbindt oorzaak en effect en verklaard verband er tussen
kerntaak van wetenschap = mechanismen zoeken
4. causaliteit als intentioneel handelen: wij brengen zaken teweeg; als iemand iets doet
heeft dat gevolgen (individueel, maatschappelijk vlak) bv. iemand steelt en wij slaan terug
dit is alternatieve benadering van causaliteit; actiecausaliteit
Wright: actoren kunnen zelf causale processen initiëren door doelgericht te handelen
⇒ oorzaak is factor die over intrinsieke eigenschappen beschikt waarmee een bepaald
effect kan worden voortgebracht, op voorwaarde dat die factor wordt geactiveerd,
getriggerd
Het concept “causale mechanismen”