SAMENVATTING FINANCIEEL RECHT
DEEL 1: PRIVAAT BANKRECHT
GELDREKENINGEN
ALGEMEEN
Uitgangspunt: wanneer een persoon (kan zowel een NP zijn als een RP, een consument als een professioneel)
gaat handelen met een financiële instelling, dan gaat er in principe een rekeningovereenkomst w gesloten
• Relatie tussen kredietinstelling en cliënt: Geldverrichtingen vinden doorgaans plaats via een rekening
• Er gaat bijna altijd een rekeningovereenkomst w gesloten. Het aantal transacties dat juridisch
gezien nog mag plaatsvinden zonder dat er een rekeningsovereenkomst w gesloten, een
rekening w geopend, is uiterst beperkt.
• Dit heeft heel veel te maken met de controle die de overheid wil houden op het zogenaamde
witwassen van geld
• Uitgangspunt: verrichtingen moeten een spoor nalaten en dat spoor kan dan blijken
uit een boeking van die verrichting in de rekening die gehouden wordt tussen de
bank langs de ene kant en de cliënt langs de andere kant
• Er zijn beperkte uitzonderingen vb. Japanse toerist komt naar Gent en wil Japanse yen
omwisselen in euro. Een dergelijke wisselverrichting kan plaatsvinden in een financiële
instelling zonder dat er voor die toerist een rekening moet worden geopend. De voorwaarde
die de wet bepaalt is dat het bedrag niet meer dan 1250 euro is
• (beperkte mogelijkheid tot OTC-transacties)
• Geldrekeningen moeten worden onderscheiden van effecten-rekeningen
• Wanneer je gaat kijken naar de juridische kwalificatie van een dergelijke rekening, dan ga je
vaststellen dat het kredietsaldo (+) een vordering vertegenwoordigt van de cliënt op de
financiële instelling. Wanneer uw rekening een debetsaldo (-) zou gaan vertonen, dan
betekent dit dat de financiële instelling een vordering op u heeft. De relatie die ontstaat bij
het gebruik van een rekening gaan we zien als een obligatoire verhouding => betekent vb.
dat u geen eigenaar bent van de gelden op uw rekening, u hebt slechts een vordering. Bij een
faillissement van een financiële instelling zal u dus niet de mogelijkheid hebben om die
gelden te gaan revindiceren
• Wanneer u een gewone gyrografaire SE bent, dan dreigt u van uw vordering niet al te veel te
gelde te kunnen maken. Hoe heeft men dit opgelost? Men heeft de rekeninghouder
beschermd via de zogenaamde Deposito Beschermingsregeling
1
, • Elke rekeninghouder, ten belope van 100.000 euro, wordt in geval van faillissement
van de financiële instelling beschermd, wat uiteraard een regel is die het vertrouwen
van de rekeninghouder in financiële instelling moet gaan vergroten
• Is vb. fundamenteel verschillend als het gaat over effectenrekeningen => rekeningen waarop
financiële instrumenten (aandelen, obligaties, …) geboekt zijn. Men is als rekeninghouder
mede-eigenaar van die effecten, wat betekent dat er wel een zakenrechtelijke verhouding
ontstaat met als gevolg dat ingeval van faillissement van de entiteit bij wie de effecten
worden gehouden, men kan overgaan tot een revindicatie van die effecten
• Geldrekeningen:
• Zicht- of betaalrekening
• (Gereglementeerde) Spaarrekening
• Gereglementeerd vs. niet-gereglementeerd: onderscheid is van belang
omdat het enerzijds gaat bepalen welke de fiscale behandeling is van de
interesten die op die spaarrekening worden gegenereerd en anderzijds
omdat we vaststellen dat er voor de gereglementeerde spaarrekeningen
ook een aantal specifieke juridische voorschriften bestaan
• Termijnrekening: typisch contracten van bepaalde duur
• Belang van het onderscheid tussen de drie vormen : functie + toepasselijke
regelgeving + fiscale behandeling
• Rechtsverhouding tussen kredietinstelling en cliënt:
• Rekeningovereenkomst
SOORT GELDREKENINGEN
ZICHT- OF BETAALREKENING
• Zicht- of betaalrekening
• Contract van onbepaalde duur
• Tegoeden opvraagbaar op zicht
• Mogelijkheid tot verrichten van betalingstransacties (gevolg: toepassing van de
regelen inzake betalingsdiensten uit boek VII WER (art. VII.4 ev WER)) (infra)
• Die regelen inzake betalingsdiensten vormen de omzetting van een
Europese reglementering inzake betalingsdiensten (de zogenaamde
Payment Services Directive)
• Regelen inzake financiële rechten wijzigen regelmatig. We zien dat er hier
een belangrijke wijziging op komst is => een verordening betalingsdiensten
die de regelen die in de richtlijn vervat liggen gaat opheffen, moderniseren
(de basisprincipes blijven wel grotendeels dezelfde). Eens er een
2
, verordening zal zijn, dan gaan we de regels uit boek VII WER op dat punt
moeten schrappen want een verordening is rechtstreeks toepasselijk
• In boek VII zien we niet alleen een aantal regelen die de richtlijn
betalingsdiensten gaan omzetten, maar ook een aantal bepalingen die de
Europese richtlijn betaalrekeningen omzetten (de Payments Account
Directive)
• Heeft drie categorieën van regelen geïntroduceerd in Europa, in
België kenden we al een aantal van die bepalingen in ons intern
recht
• Vb. Informatiedocument betreffende de vergoedingen (art. VII.4/1 WER)
• => een document dat door de kredietinstelling op een duurzame
drager aan een consument moet w verstrekt vooraleer die een
betaalrekening gaat gaan openen. het gaat dus om een
precontractuele informatieverplichting
• Wat is de idee achter een precontractuele informatieverplichting?
Zorgen dat (hier) de consument een geïnformeerd besluit kan
nemen, dat hij met kennis van zaken kan beslissen om al dan niet
met een bepaalde financiële instelling te gaan handelen. Hier gaat
het over een document dat aan de consument moeten duidelijk
maken welke kosten hem zullen worden aangerekend voor het
beheer van de rekening en betalingstransacties
• Ook weer iets typisch voor het financieel recht is dat het
informatiedocument gestandaardiseerd is (een
gestandaardiseerde precontractuele informatieverplichting)
• Voordeel? Vergelijking mogelijk voor de consument
(tweede doel achter deze informatieverplichting). Dit
moet enerzijds de concurrentie gaan bevorderen en
anderzijds de consument dus beschermen via die
mogelijkheid om een geïnformeerd besluit te gaan nemen
• Al dan niet mogelijkheid tot het opnemen van krediet (indien krediet: impact
bepalingen Boek VII WER inzake consumentenkrediet)
• Jong betekent over het algemeen dat je geen vast inkomen hebt en dat je
dus niet in het rood mag gaan op uw zichtrekening. Wanneer je onder nul
gaat, betekent het dat de bank u een krediet verleent. Heel wat mensen
hebben wel die mogelijkheid. Juridisch gezien is dit een zeer belangrijke
vaststelling want dit kan tot gevolg hebben dat de regelen inzake
consumentenkrediet toepassing gaan vinden => de wetgever biedt daar
bijzondere bescherming aan de consumenten om vb. overmatige
schuldenlast te gaan vermijden
SPAARREKENING EN GEREGLEMENTEERDE SPAARREKENING
• Spaarrekening en gereglementeerde spaarrekening
3
, • Contract van onbepaalde duur
• Tegoeden opvraagbaar op zicht (desgevallend contractueel gemodaliseerd)
• Nooit debetpositie/kredietverlening (en dus ook geen toepassing van regelen
consumentenkrediet)
• Bij een spaarrekening spreken we alleen over een kredietrente want daar
kan je niet onder nul gaan. De kredietrente die men realiseert via
spaarrekeningen is ongeveer 3,2%. Netto of bruto? In principe ga je op uw
rente die u verwerft via uw rekening roerende voorheffing verschuldigd zijn.
Maar wanneer het gaat over een gereglementeerde spaarrekening, dan zijn
uw interesten ten belope van een bepaald bedrag vrijgesteld van roerende
voorheffing
• Maw, als het gaat over een gereglementeerde spaarrekeningen,
dan gaan uw interesten netto verworven zijn ten belope van 1020
euro. Als je meer dan 1020 euro interesten vergaard, dan ben je
wel roerende voorheffing verschuldigd
• Als het gaat over een niet-gereglementeerde spaarrekening, dan
ga je wel altijd roerende voorheffing verschuldigd zijn. Vb. als je
500 euro interesten ‘verdient’ via die spaarrekening, dan gaat 30%
van die 500 euro worden ingehouden door de financiële instelling
• Geen toepassing regelen inzake betalingsdiensten uit Boek VII WER (uitz. kosteloze
beëindiging voor gereglementeerde spaarrekening)
• Aangezien een spaarrekening niet toelaat om betalingstransacties te gaan
verrichten, gaan de regelen inzake betalingsdiensten niet van toepassing
zijn
• Er is één uitzondering, één bepaling in boek VII die toch van toepassing is op
gereglementeerde spaarrekeningen en dat is de mogelijkheid om zo’n
spaarrekening kosteloos te gaan beëindigen
• Doelstelling? Dat je makkelijk van bank kan wisselen. Dit moet de
concurrentie tussen de verschillende instellingen gaan stimuleren
• Bijzondere regelen voor gereglementeerde spaarrekeningen (vb.): opdat een
spaarrekening gereglementeerd zou zijn en van die gunstige fiscale behandeling zou
kunnen genieten, moeten er een hele reeks voorwaarden worden gerespecteerd
• Betreffende de rente (via KB/WIB): Verplicht (en uitsluitend) : Basisrente +
getrouwheidspremie (maxima en minima) => verplichte combinatie van de
twee
• Getrouwheidspremie voor bedragen die 12 maanden
onafgebroken op rekening staan: 4/jaar uitbetaald
• Beperking van de voorwaarden om hoger rendement te verkrijgen
Onverenigbaar met Europees recht ? Het is eigenlijk in strijd met het
vrij verkeer van diensten. Waarom? Financiële instellingen uit andere
4
DEEL 1: PRIVAAT BANKRECHT
GELDREKENINGEN
ALGEMEEN
Uitgangspunt: wanneer een persoon (kan zowel een NP zijn als een RP, een consument als een professioneel)
gaat handelen met een financiële instelling, dan gaat er in principe een rekeningovereenkomst w gesloten
• Relatie tussen kredietinstelling en cliënt: Geldverrichtingen vinden doorgaans plaats via een rekening
• Er gaat bijna altijd een rekeningovereenkomst w gesloten. Het aantal transacties dat juridisch
gezien nog mag plaatsvinden zonder dat er een rekeningsovereenkomst w gesloten, een
rekening w geopend, is uiterst beperkt.
• Dit heeft heel veel te maken met de controle die de overheid wil houden op het zogenaamde
witwassen van geld
• Uitgangspunt: verrichtingen moeten een spoor nalaten en dat spoor kan dan blijken
uit een boeking van die verrichting in de rekening die gehouden wordt tussen de
bank langs de ene kant en de cliënt langs de andere kant
• Er zijn beperkte uitzonderingen vb. Japanse toerist komt naar Gent en wil Japanse yen
omwisselen in euro. Een dergelijke wisselverrichting kan plaatsvinden in een financiële
instelling zonder dat er voor die toerist een rekening moet worden geopend. De voorwaarde
die de wet bepaalt is dat het bedrag niet meer dan 1250 euro is
• (beperkte mogelijkheid tot OTC-transacties)
• Geldrekeningen moeten worden onderscheiden van effecten-rekeningen
• Wanneer je gaat kijken naar de juridische kwalificatie van een dergelijke rekening, dan ga je
vaststellen dat het kredietsaldo (+) een vordering vertegenwoordigt van de cliënt op de
financiële instelling. Wanneer uw rekening een debetsaldo (-) zou gaan vertonen, dan
betekent dit dat de financiële instelling een vordering op u heeft. De relatie die ontstaat bij
het gebruik van een rekening gaan we zien als een obligatoire verhouding => betekent vb.
dat u geen eigenaar bent van de gelden op uw rekening, u hebt slechts een vordering. Bij een
faillissement van een financiële instelling zal u dus niet de mogelijkheid hebben om die
gelden te gaan revindiceren
• Wanneer u een gewone gyrografaire SE bent, dan dreigt u van uw vordering niet al te veel te
gelde te kunnen maken. Hoe heeft men dit opgelost? Men heeft de rekeninghouder
beschermd via de zogenaamde Deposito Beschermingsregeling
1
, • Elke rekeninghouder, ten belope van 100.000 euro, wordt in geval van faillissement
van de financiële instelling beschermd, wat uiteraard een regel is die het vertrouwen
van de rekeninghouder in financiële instelling moet gaan vergroten
• Is vb. fundamenteel verschillend als het gaat over effectenrekeningen => rekeningen waarop
financiële instrumenten (aandelen, obligaties, …) geboekt zijn. Men is als rekeninghouder
mede-eigenaar van die effecten, wat betekent dat er wel een zakenrechtelijke verhouding
ontstaat met als gevolg dat ingeval van faillissement van de entiteit bij wie de effecten
worden gehouden, men kan overgaan tot een revindicatie van die effecten
• Geldrekeningen:
• Zicht- of betaalrekening
• (Gereglementeerde) Spaarrekening
• Gereglementeerd vs. niet-gereglementeerd: onderscheid is van belang
omdat het enerzijds gaat bepalen welke de fiscale behandeling is van de
interesten die op die spaarrekening worden gegenereerd en anderzijds
omdat we vaststellen dat er voor de gereglementeerde spaarrekeningen
ook een aantal specifieke juridische voorschriften bestaan
• Termijnrekening: typisch contracten van bepaalde duur
• Belang van het onderscheid tussen de drie vormen : functie + toepasselijke
regelgeving + fiscale behandeling
• Rechtsverhouding tussen kredietinstelling en cliënt:
• Rekeningovereenkomst
SOORT GELDREKENINGEN
ZICHT- OF BETAALREKENING
• Zicht- of betaalrekening
• Contract van onbepaalde duur
• Tegoeden opvraagbaar op zicht
• Mogelijkheid tot verrichten van betalingstransacties (gevolg: toepassing van de
regelen inzake betalingsdiensten uit boek VII WER (art. VII.4 ev WER)) (infra)
• Die regelen inzake betalingsdiensten vormen de omzetting van een
Europese reglementering inzake betalingsdiensten (de zogenaamde
Payment Services Directive)
• Regelen inzake financiële rechten wijzigen regelmatig. We zien dat er hier
een belangrijke wijziging op komst is => een verordening betalingsdiensten
die de regelen die in de richtlijn vervat liggen gaat opheffen, moderniseren
(de basisprincipes blijven wel grotendeels dezelfde). Eens er een
2
, verordening zal zijn, dan gaan we de regels uit boek VII WER op dat punt
moeten schrappen want een verordening is rechtstreeks toepasselijk
• In boek VII zien we niet alleen een aantal regelen die de richtlijn
betalingsdiensten gaan omzetten, maar ook een aantal bepalingen die de
Europese richtlijn betaalrekeningen omzetten (de Payments Account
Directive)
• Heeft drie categorieën van regelen geïntroduceerd in Europa, in
België kenden we al een aantal van die bepalingen in ons intern
recht
• Vb. Informatiedocument betreffende de vergoedingen (art. VII.4/1 WER)
• => een document dat door de kredietinstelling op een duurzame
drager aan een consument moet w verstrekt vooraleer die een
betaalrekening gaat gaan openen. het gaat dus om een
precontractuele informatieverplichting
• Wat is de idee achter een precontractuele informatieverplichting?
Zorgen dat (hier) de consument een geïnformeerd besluit kan
nemen, dat hij met kennis van zaken kan beslissen om al dan niet
met een bepaalde financiële instelling te gaan handelen. Hier gaat
het over een document dat aan de consument moeten duidelijk
maken welke kosten hem zullen worden aangerekend voor het
beheer van de rekening en betalingstransacties
• Ook weer iets typisch voor het financieel recht is dat het
informatiedocument gestandaardiseerd is (een
gestandaardiseerde precontractuele informatieverplichting)
• Voordeel? Vergelijking mogelijk voor de consument
(tweede doel achter deze informatieverplichting). Dit
moet enerzijds de concurrentie gaan bevorderen en
anderzijds de consument dus beschermen via die
mogelijkheid om een geïnformeerd besluit te gaan nemen
• Al dan niet mogelijkheid tot het opnemen van krediet (indien krediet: impact
bepalingen Boek VII WER inzake consumentenkrediet)
• Jong betekent over het algemeen dat je geen vast inkomen hebt en dat je
dus niet in het rood mag gaan op uw zichtrekening. Wanneer je onder nul
gaat, betekent het dat de bank u een krediet verleent. Heel wat mensen
hebben wel die mogelijkheid. Juridisch gezien is dit een zeer belangrijke
vaststelling want dit kan tot gevolg hebben dat de regelen inzake
consumentenkrediet toepassing gaan vinden => de wetgever biedt daar
bijzondere bescherming aan de consumenten om vb. overmatige
schuldenlast te gaan vermijden
SPAARREKENING EN GEREGLEMENTEERDE SPAARREKENING
• Spaarrekening en gereglementeerde spaarrekening
3
, • Contract van onbepaalde duur
• Tegoeden opvraagbaar op zicht (desgevallend contractueel gemodaliseerd)
• Nooit debetpositie/kredietverlening (en dus ook geen toepassing van regelen
consumentenkrediet)
• Bij een spaarrekening spreken we alleen over een kredietrente want daar
kan je niet onder nul gaan. De kredietrente die men realiseert via
spaarrekeningen is ongeveer 3,2%. Netto of bruto? In principe ga je op uw
rente die u verwerft via uw rekening roerende voorheffing verschuldigd zijn.
Maar wanneer het gaat over een gereglementeerde spaarrekening, dan zijn
uw interesten ten belope van een bepaald bedrag vrijgesteld van roerende
voorheffing
• Maw, als het gaat over een gereglementeerde spaarrekeningen,
dan gaan uw interesten netto verworven zijn ten belope van 1020
euro. Als je meer dan 1020 euro interesten vergaard, dan ben je
wel roerende voorheffing verschuldigd
• Als het gaat over een niet-gereglementeerde spaarrekening, dan
ga je wel altijd roerende voorheffing verschuldigd zijn. Vb. als je
500 euro interesten ‘verdient’ via die spaarrekening, dan gaat 30%
van die 500 euro worden ingehouden door de financiële instelling
• Geen toepassing regelen inzake betalingsdiensten uit Boek VII WER (uitz. kosteloze
beëindiging voor gereglementeerde spaarrekening)
• Aangezien een spaarrekening niet toelaat om betalingstransacties te gaan
verrichten, gaan de regelen inzake betalingsdiensten niet van toepassing
zijn
• Er is één uitzondering, één bepaling in boek VII die toch van toepassing is op
gereglementeerde spaarrekeningen en dat is de mogelijkheid om zo’n
spaarrekening kosteloos te gaan beëindigen
• Doelstelling? Dat je makkelijk van bank kan wisselen. Dit moet de
concurrentie tussen de verschillende instellingen gaan stimuleren
• Bijzondere regelen voor gereglementeerde spaarrekeningen (vb.): opdat een
spaarrekening gereglementeerd zou zijn en van die gunstige fiscale behandeling zou
kunnen genieten, moeten er een hele reeks voorwaarden worden gerespecteerd
• Betreffende de rente (via KB/WIB): Verplicht (en uitsluitend) : Basisrente +
getrouwheidspremie (maxima en minima) => verplichte combinatie van de
twee
• Getrouwheidspremie voor bedragen die 12 maanden
onafgebroken op rekening staan: 4/jaar uitbetaald
• Beperking van de voorwaarden om hoger rendement te verkrijgen
Onverenigbaar met Europees recht ? Het is eigenlijk in strijd met het
vrij verkeer van diensten. Waarom? Financiële instellingen uit andere
4