6.1 Over Zeeën en Oceanen - Gouden eeuw
Moedernegotie > 2e belangrijkste handel
Te hoog water zorgde voor niet te verbouwen landbouwgrond. Dus men stapte over van
graanteelt naar rundveehouderij.
In noord-Duitse en en in Baltische landen juist een toenamen van graanprouctie plaats.
Kustgebieden kregen graan van het oostzeegebied, en dat gebied kreeg juist zuivel en
gezouten vis van de kustgebieden. > moedernegotie.
Amsterdam groeide uit tot het centrum van handelskapitalisme nadat de spanjaarden
in 1585 Antwerpen veroverde (het toemalige handelscentrum).
De Schelde die daar liep werd afgesloten en veel handelaren verhuisde naar het
Noorden.
Amsterdam groeide uit tot de belangrijkste stapelstad/stapelmarkt van Europa. (Stad
waar handelsgoederen worden opgeslagen in afwachting tot er een tekort komt)
Handelscompagnieën
Veel kooplieden investeerden in handelscompagnieën, die handelsreizen
organiseerden.
Portugal beheerste de specerijen markt en de markt in andere aziatische producten.
Amsterdam richtten een handelscompagnie op die met 4 schepen de weg naar Azië zou
zoeken en vastleggen onder leiding van Cornelis Houtman. > De Eerste Schipvaart.
Na 2 jaar keerde de Houtman terug, met 3 schepen en 1/3 van de scheepslieden.
In 1598 voeren er 22 schepen vanuit de Repulbliek naar Azië, 1599 zelf 68.
Steeds meer handel in Azië zorgde voor hogere inkoopprijzen, en minder waarde in
Holland door het groeiende aanbod.
De Staten Generaal greep in door in 1602 alle handelscompagnieën samen te voegen
tot de Verenigde Oostindische Compagnie >VOC.
VOC en WIC > belangrijkste handel nl
De VOC kreeg van de Staten Generaal handelsmonopolie op Azië > niemand mocht
daar handel drijven anders dan de VOC.
Ze mochten :
- handelsovereenkomsten sluiten met inheemse vorsten
- soldaten en bestuursambten in dienst nemen
- aan vreemde kusten forten bouwen en oorlog voeren
- kapen
Ook Britse kooplieden hadden zich verenigd in 1600 in de East India Company, en de
Fransen richtten in 1642 een vergelijkbaar compagnie op. Ze concurreerden fel.
Voor de handel met West-Afrika en Amerika richtte de Republiek in 1621 de WIC op. Ze:
, - Bouwden forten, handelsnederzittingen en koloniën
- Namen een deel van de Spaanse slavenhandel over
- Was actief in de kaapvaart. (Vb: zilvervloot door Piet Hein)
Door de Voc werden de verschillende werelddelen met elkaar verbonden in een
wereldeconomie.
6.2 Om de Macht
Staten-Generaal en Gewestelijke Staten
1619:
Prins Maurits - Oranjegezinden J. Van Oldenbarnevelt - staatsgezinden
- stadhouder - raadspensionaris
- tegen 12-jarigbestand - voor 12-jarigbestand
- steunt contraremonstranten - steunt remonstranten
- legerlijder - wil eigen legertje
- Maurits wint - wordt onthoofd
1672:
Prins Willem Johan de Witt
- vanaf 1672 stadhouder - tot 1672 raadspensionaris
De Republiek werd geregeerd door regenten: mensen uit rijke handelaarfamilies.
De macht was er verdeeld tussen de Staten-Generaal en de Gewestelijke staten. SG
bepaalden het buitenland en de verdediging van het last. Ook bestuurden ze Drenthe en
de Generaliteitslanden > gebieden veroverd door stadhouders Maurits en Frederik
Hendrik in 1588.
Zo overheerste het particularisme: elk gewest kon beleid maken dat het beste paste bij
de eigen situatie en wensen.
Stadhouder en raadspensionaris
Holland, Zeeland, Utrecht, Gelderland en Overijssel stelden samen de belangrijkste
Moedernegotie > 2e belangrijkste handel
Te hoog water zorgde voor niet te verbouwen landbouwgrond. Dus men stapte over van
graanteelt naar rundveehouderij.
In noord-Duitse en en in Baltische landen juist een toenamen van graanprouctie plaats.
Kustgebieden kregen graan van het oostzeegebied, en dat gebied kreeg juist zuivel en
gezouten vis van de kustgebieden. > moedernegotie.
Amsterdam groeide uit tot het centrum van handelskapitalisme nadat de spanjaarden
in 1585 Antwerpen veroverde (het toemalige handelscentrum).
De Schelde die daar liep werd afgesloten en veel handelaren verhuisde naar het
Noorden.
Amsterdam groeide uit tot de belangrijkste stapelstad/stapelmarkt van Europa. (Stad
waar handelsgoederen worden opgeslagen in afwachting tot er een tekort komt)
Handelscompagnieën
Veel kooplieden investeerden in handelscompagnieën, die handelsreizen
organiseerden.
Portugal beheerste de specerijen markt en de markt in andere aziatische producten.
Amsterdam richtten een handelscompagnie op die met 4 schepen de weg naar Azië zou
zoeken en vastleggen onder leiding van Cornelis Houtman. > De Eerste Schipvaart.
Na 2 jaar keerde de Houtman terug, met 3 schepen en 1/3 van de scheepslieden.
In 1598 voeren er 22 schepen vanuit de Repulbliek naar Azië, 1599 zelf 68.
Steeds meer handel in Azië zorgde voor hogere inkoopprijzen, en minder waarde in
Holland door het groeiende aanbod.
De Staten Generaal greep in door in 1602 alle handelscompagnieën samen te voegen
tot de Verenigde Oostindische Compagnie >VOC.
VOC en WIC > belangrijkste handel nl
De VOC kreeg van de Staten Generaal handelsmonopolie op Azië > niemand mocht
daar handel drijven anders dan de VOC.
Ze mochten :
- handelsovereenkomsten sluiten met inheemse vorsten
- soldaten en bestuursambten in dienst nemen
- aan vreemde kusten forten bouwen en oorlog voeren
- kapen
Ook Britse kooplieden hadden zich verenigd in 1600 in de East India Company, en de
Fransen richtten in 1642 een vergelijkbaar compagnie op. Ze concurreerden fel.
Voor de handel met West-Afrika en Amerika richtte de Republiek in 1621 de WIC op. Ze:
, - Bouwden forten, handelsnederzittingen en koloniën
- Namen een deel van de Spaanse slavenhandel over
- Was actief in de kaapvaart. (Vb: zilvervloot door Piet Hein)
Door de Voc werden de verschillende werelddelen met elkaar verbonden in een
wereldeconomie.
6.2 Om de Macht
Staten-Generaal en Gewestelijke Staten
1619:
Prins Maurits - Oranjegezinden J. Van Oldenbarnevelt - staatsgezinden
- stadhouder - raadspensionaris
- tegen 12-jarigbestand - voor 12-jarigbestand
- steunt contraremonstranten - steunt remonstranten
- legerlijder - wil eigen legertje
- Maurits wint - wordt onthoofd
1672:
Prins Willem Johan de Witt
- vanaf 1672 stadhouder - tot 1672 raadspensionaris
De Republiek werd geregeerd door regenten: mensen uit rijke handelaarfamilies.
De macht was er verdeeld tussen de Staten-Generaal en de Gewestelijke staten. SG
bepaalden het buitenland en de verdediging van het last. Ook bestuurden ze Drenthe en
de Generaliteitslanden > gebieden veroverd door stadhouders Maurits en Frederik
Hendrik in 1588.
Zo overheerste het particularisme: elk gewest kon beleid maken dat het beste paste bij
de eigen situatie en wensen.
Stadhouder en raadspensionaris
Holland, Zeeland, Utrecht, Gelderland en Overijssel stelden samen de belangrijkste