Niets uit deze handleiding mag zonder voorafgaande toestemming van de auteur worden
overgenomen, verspreid of vermenigvuldigd ().
HANDOUT Academisch schrijven: woorden en constructies om op te letten
In een universitair essay of paper schrijf je in een heldere, precieze en overtuigende academische stijl. Een academische tekst is vooral:
• precies: de lezer weet wat je bedoelt;
• onderbouwd: beweringen zijn gebaseerd op gegevens en/of literatuur,
• zorgvuldig: de formulering past bij de sterkte van het bewijs,
• helder: zinnen zijn begrijpelijk en logisch opgebouwd,
• formeel genoeg: spreektaal en onnodige persoonlijke formuleringen worden vermeden (!! een essay mag losser).
• compact: woorden en zinnen voegen daadwerkelijk iets toe.
Sommige woorden en constructies kunnen je tekst onnodig vaag, informeel, stellig of omslachtig maken. Dat betekent niet dat je deze altijd moet
vermijden; het gaat er vooral om dat je bewust kiest voor een formulering die past bij wat je wilt beweren. De vraag is:
“Maakt deze formulering mijn tekst preciezer, overtuigender en academischer?”
Het overzicht hieronder toont de categorieën woorden en constructies
waarmee beginnende schrijvers het vaakst de mist ingaan.
1. Vage en nietszeggende woorden
Deze woorden kunnen je tekst onprecies maken. Academisch schrijven vraagt om zo concreet mogelijk te formuleren.
• Dingen / zaken Vervang deze woorden wanneer je precies kunt benoemen wat je bedoelt.
Vaag: “Er zijn verschillende dingen die het gedrag van consumenten beïnvloeden.”
Preciezer: “Verschillende factoren, zoals prijs en inkomen, beïnvloeden het consumentengedrag.”
• Iets / iemand / men Wees specifiek over wie, wat of welke groep je bedoelt.
Vaag: “Iemand kan deze resultaten anders interpreteren.”
Preciezer: “Onderzoekers uit verschillende disciplines kunnen deze resultaten anders interpreteren.”
• Er Het woord er is op zichzelf niet onacademisch. Het probleem ontstaat wanneer een er-constructie
informatie weglaat of de verantwoordelijke actor onduidelijk maakt.
Vaag: “Er is onderzoek gedaan naar de effecten van sociale media.”
Preciezer: “Verschillende studies hebben de effecten van sociale media op jongeren onderzocht.”
• Veel / weinig / vaak / Gebruik waar mogelijk een concretere aanduiding.
regelmatig / soms Vaag: “Veel respondenten gebruikten sociale media regelmatig.”
1