SOCIALE EN GEDRAGSWETENSCHAPPEN
H5: inspraak van de burger
1. Politieke socialisatie
socialisatie en socialisatieagenten
▪ Politieke socialisatie
= mechanisme waardoor burgers (vaak onbewust) politieke kennis opdoen en politieke
waarden verwerven (bv. tolerantie, rechtvaardigheid, inspraak)
▪ Socialisatieagenten
= actoren die zorgen voor deze informatieoverdracht
- concrete vb.:
primair: ouders, naasten, vrienden, partner
secundair: school, grote vriendenkring, jeugdbeweging, collega’s
tertiair: media
- ook belangengroepen, politieke partijen en de overheid
- politieke opinies worden voornamelijk gevormd in adolescentiejaren
tertiaire politieke socialisatie
= verspreiding politieke informatie via massamedia
▪ recent: belang van gebruik sociale media door politieke partijen
▪ onderzoek 2018 van UA
- volgers traditionele media volgen: weten meer over actualiteit dan wie alleen
sociale media gebruikt
- meer gebruik van sociale media (zoals X en Facebook) zorgt niet voor meer kennis
over actualiteit, maar is ook niet duidelijk dat het juist minder kennis oplevert
▪ verklaring sociale media minder bijdragen tot politieke kennis
- algoritmes: je krijgt enkel die specifieke stroom te zien
geen volledig beeld
- traditionele media: meer variatie
- op sociale media kijk je geen dingen volledig uit minder diepgaande info
BESLUIT: effect sociale media = positief als complementair wordt gebruikt bovenop
traditionele mediakanalen
politiek gebruik van de (sociale) media
1
,Vanaf 2019 niet langer verboden om sociale media te gebruiken om campagne te voeren
Mei 2019 verkiezingen (federaal, Vlaams en Europees)
▪ uitgaven Vlaams ⭤ Waals
- Vlaamse partijen geven meer uit
- meest radicale partijen (Vlaams belang, PVDA) hebben hogere budgetten
- meer uitgegeven bij verkiezingen
▪ uitgaven advertenties op sociale media:
- België: bijna 5 miljoen euro in 2022
- Duitsland: 1,5 miljoen euro in 2021
heeft 8 x meer inwoners!
Waarom zoveel uitgaven?
▪ partijdotaties
= forfaitair bedrag aangevuld met bedrag
op basis van aantal stemmen van de partij
- In belgie krijgen partijen geen geld meer
van bedrijven zoals kandidaten in Amerika
dotaties
- elke partij met min. 1 lid in Kamer van
volksvertegenwoordigers heeft recht op een dotatie
- op basis van wetgeving uit 1989
▪ concreet: cijfers uit 2021
- N-VA (grootste partij): bijna 11 miljoen euro
2. Politieke participatie
voorwaarden
▪ gaat over deelname aan de macht van het volk
- we komen er allemaal mee in aanraking, maar niet ied. participeert
- vb.: stemmen, folders lezen, aansluiten aan partij, meedoen aan verkiezingen,
staken (omdat je je stem wil laten horen dat je het niet eens bent, protest voeren/
betogen of petitie starten)
▪ definitie Carl Devos en Tony Valcke
2
, - politieke participatie moet voldoen aan volgende voorwaarden:
ze moet waarneembaar zijn, vrijwillig gebeuren, een politieke inslag hebben en
een zekere vorm van actie inhouden.
vrijwillig: omdat je enkel kan participeren als je de kans hebt om je stem
vrij te laten horen moet uit mensen zelf komen
stemmen is niet ingerekend: opkomstplicht! niet vrijwillig
- Onderzoek 2022: bijna 1 op 4 Vlamingen participeert op minstens 1 manier aan politiek
(naast het stemmen)
participatiepiramide
▪ Lester Milbrath (1925-2007), Amerikaans politiek wetenschapper
▪ model om politieke participatie te rangschikken op eendimensionele hiërarchie
naargelang intensiteit activiteit
- hoe moeilijker activiteit, hoe hoger in hiërarchie, hoe kleiner aantal participanten
- 3 categorieën
▪ gladiators
- heel sterke politieke betrokkenheid
- heel actieve deelname aan politieke proces
- ca. 5 % van de bevolking
- mogelijke vormen:
politieke functie bekleden
zelf kandidaat zijn bij verkiezingen
partijfunctie
deelnemen aan partijbijeenkomsten of campagnes
geld schenken of fondsen werven voor politici
contacten onderhouden met politici
▪ spectators
- doen weinig actief mee aan politiek
3
, - ca. 60 % van de bevolking
- mogelijke vormen:
iemand overtuigen om voor bepaalde partij of politicus te stemmen
zelf politiek gesprek beginnen
gaan stemmen
zich openstellen voor politieke stimuli (actualiteit volgen, lazing,…)
▪ apathetics
- volledige onthouding aan politieke participatie
- ca. 30 % van de bevolking
bedenkingen bij deze theorie
- niet ééndimensionaal maar multidimensionaal
- iem. kan veel over politiek weten, maar toch passief blijven en niet echt meedoen
beïnvloedende factoren
urbanisatiegraad
gezinssituatie
scholingsgraad: meer participatie bij hooggeschoolden
vaardigheden, informatie, tijd, geld
leeftijd: jongeren sterke participatie en vanaf 65+ sterke daling
gender: vrouwen minder participatie en minder geïnformeerd dan mannen
oude rollenpatroon + functioneren politieke instellingen
indelingen van vormen van politieke participatie
conventioneel niet-conventioneel
- regels over participatie - geen regels
- opgesteld door OH - burgers bepalen zelf hoe ze
vb..: verkiezingen participeren
- ontstaat vaak spontaan
- illegale vormen
vb.: lastercampagnes
- legale vormen
vb.: petities
Norbert Kersting (1961)
- Duitse politicoloog
- theoretisch model over nieuwe indeling politieke participatie
4
H5: inspraak van de burger
1. Politieke socialisatie
socialisatie en socialisatieagenten
▪ Politieke socialisatie
= mechanisme waardoor burgers (vaak onbewust) politieke kennis opdoen en politieke
waarden verwerven (bv. tolerantie, rechtvaardigheid, inspraak)
▪ Socialisatieagenten
= actoren die zorgen voor deze informatieoverdracht
- concrete vb.:
primair: ouders, naasten, vrienden, partner
secundair: school, grote vriendenkring, jeugdbeweging, collega’s
tertiair: media
- ook belangengroepen, politieke partijen en de overheid
- politieke opinies worden voornamelijk gevormd in adolescentiejaren
tertiaire politieke socialisatie
= verspreiding politieke informatie via massamedia
▪ recent: belang van gebruik sociale media door politieke partijen
▪ onderzoek 2018 van UA
- volgers traditionele media volgen: weten meer over actualiteit dan wie alleen
sociale media gebruikt
- meer gebruik van sociale media (zoals X en Facebook) zorgt niet voor meer kennis
over actualiteit, maar is ook niet duidelijk dat het juist minder kennis oplevert
▪ verklaring sociale media minder bijdragen tot politieke kennis
- algoritmes: je krijgt enkel die specifieke stroom te zien
geen volledig beeld
- traditionele media: meer variatie
- op sociale media kijk je geen dingen volledig uit minder diepgaande info
BESLUIT: effect sociale media = positief als complementair wordt gebruikt bovenop
traditionele mediakanalen
politiek gebruik van de (sociale) media
1
,Vanaf 2019 niet langer verboden om sociale media te gebruiken om campagne te voeren
Mei 2019 verkiezingen (federaal, Vlaams en Europees)
▪ uitgaven Vlaams ⭤ Waals
- Vlaamse partijen geven meer uit
- meest radicale partijen (Vlaams belang, PVDA) hebben hogere budgetten
- meer uitgegeven bij verkiezingen
▪ uitgaven advertenties op sociale media:
- België: bijna 5 miljoen euro in 2022
- Duitsland: 1,5 miljoen euro in 2021
heeft 8 x meer inwoners!
Waarom zoveel uitgaven?
▪ partijdotaties
= forfaitair bedrag aangevuld met bedrag
op basis van aantal stemmen van de partij
- In belgie krijgen partijen geen geld meer
van bedrijven zoals kandidaten in Amerika
dotaties
- elke partij met min. 1 lid in Kamer van
volksvertegenwoordigers heeft recht op een dotatie
- op basis van wetgeving uit 1989
▪ concreet: cijfers uit 2021
- N-VA (grootste partij): bijna 11 miljoen euro
2. Politieke participatie
voorwaarden
▪ gaat over deelname aan de macht van het volk
- we komen er allemaal mee in aanraking, maar niet ied. participeert
- vb.: stemmen, folders lezen, aansluiten aan partij, meedoen aan verkiezingen,
staken (omdat je je stem wil laten horen dat je het niet eens bent, protest voeren/
betogen of petitie starten)
▪ definitie Carl Devos en Tony Valcke
2
, - politieke participatie moet voldoen aan volgende voorwaarden:
ze moet waarneembaar zijn, vrijwillig gebeuren, een politieke inslag hebben en
een zekere vorm van actie inhouden.
vrijwillig: omdat je enkel kan participeren als je de kans hebt om je stem
vrij te laten horen moet uit mensen zelf komen
stemmen is niet ingerekend: opkomstplicht! niet vrijwillig
- Onderzoek 2022: bijna 1 op 4 Vlamingen participeert op minstens 1 manier aan politiek
(naast het stemmen)
participatiepiramide
▪ Lester Milbrath (1925-2007), Amerikaans politiek wetenschapper
▪ model om politieke participatie te rangschikken op eendimensionele hiërarchie
naargelang intensiteit activiteit
- hoe moeilijker activiteit, hoe hoger in hiërarchie, hoe kleiner aantal participanten
- 3 categorieën
▪ gladiators
- heel sterke politieke betrokkenheid
- heel actieve deelname aan politieke proces
- ca. 5 % van de bevolking
- mogelijke vormen:
politieke functie bekleden
zelf kandidaat zijn bij verkiezingen
partijfunctie
deelnemen aan partijbijeenkomsten of campagnes
geld schenken of fondsen werven voor politici
contacten onderhouden met politici
▪ spectators
- doen weinig actief mee aan politiek
3
, - ca. 60 % van de bevolking
- mogelijke vormen:
iemand overtuigen om voor bepaalde partij of politicus te stemmen
zelf politiek gesprek beginnen
gaan stemmen
zich openstellen voor politieke stimuli (actualiteit volgen, lazing,…)
▪ apathetics
- volledige onthouding aan politieke participatie
- ca. 30 % van de bevolking
bedenkingen bij deze theorie
- niet ééndimensionaal maar multidimensionaal
- iem. kan veel over politiek weten, maar toch passief blijven en niet echt meedoen
beïnvloedende factoren
urbanisatiegraad
gezinssituatie
scholingsgraad: meer participatie bij hooggeschoolden
vaardigheden, informatie, tijd, geld
leeftijd: jongeren sterke participatie en vanaf 65+ sterke daling
gender: vrouwen minder participatie en minder geïnformeerd dan mannen
oude rollenpatroon + functioneren politieke instellingen
indelingen van vormen van politieke participatie
conventioneel niet-conventioneel
- regels over participatie - geen regels
- opgesteld door OH - burgers bepalen zelf hoe ze
vb..: verkiezingen participeren
- ontstaat vaak spontaan
- illegale vormen
vb.: lastercampagnes
- legale vormen
vb.: petities
Norbert Kersting (1961)
- Duitse politicoloog
- theoretisch model over nieuwe indeling politieke participatie
4