D1 Woordsemantiek
H2 Betekenisstructuur
relatie vorm-betekenis §2.1
categorieën / prototype §2.2
§2.3 niet
2.1 relatie vorm-betekenis
1 vorm - 1 betekenis
o monosemie = een woord met maar 1 betekenis
2 vormen - 1 betekenis
o verwant
synonymie1 = 2 woorden met verwante betekenis
bv. differentiëren → differentiatie & differentiëring
MAAR… situeren → situering & situatie
2 verwante vormen maar verschillende betekenis
o niet verwant
synonymie2 = 2 vormen met niet verwante betekenis
1 woord inheems & 1 woord uitheems
-> niet verwant qua vorm
MAAR… dezelfde betekenis
bv. realiteit & werkelijkheid
1 vorm - 2 betekenissen
o verwant
lexicale morfologie
samenstelling
afleiding
verschillende, niet verschillende schrijfwijze dezelfde schrijfwijze
, verwante
betekenissen
verschillende klank - antonymie homograaf =
dezelfde schrijfwijze,
- hyponymie
verschillende klank
-> afhankelijk van
klemtoon
bv. regent, bedelen,
overlopen
dezelfde klank homofoon = klinkt homonymie
hetzelfde, maar
verschillende schrijfwijze
bv. kater, bank, bal
bv. hart - hard, luit - luid
o niet verwant
homonymie
2 vormen - 2 betekenissen
o verwant
homofonie
homografie
o niet verwant
geen verwantschap
SEMASIOLOGIE ONOMASIOLOGIE
, 1 vorm bv. hoofd 1 betekenis bv. overste
betekenis 1 vorm 1
lichaamsdeel hoofd
betekenis 2 vorm 2
vd tafel chef
betekenis 3 vorm 3
van een team baas
kunnen overstappen van het ene naar het andere → hangen samen
2.2 Categorieën - prototype
categorie LOGICA COGNITIEVE
PSYCHOLOGIE
GRENZEN? scherp vaag
INTERNE geen - kern: prototype elem.
STRUCTUUR?
- rand: marginale elem.
LIDMAATSCHAP? ja (1) of nee (0) gradueel/procentueel
=> er zijn gradaties van
-> voldoende & lidmaatschap
noodzakelijk -> ene is sterker lid
e
als de andere
voorwaarden
H2 Betekenisstructuur
relatie vorm-betekenis §2.1
categorieën / prototype §2.2
§2.3 niet
2.1 relatie vorm-betekenis
1 vorm - 1 betekenis
o monosemie = een woord met maar 1 betekenis
2 vormen - 1 betekenis
o verwant
synonymie1 = 2 woorden met verwante betekenis
bv. differentiëren → differentiatie & differentiëring
MAAR… situeren → situering & situatie
2 verwante vormen maar verschillende betekenis
o niet verwant
synonymie2 = 2 vormen met niet verwante betekenis
1 woord inheems & 1 woord uitheems
-> niet verwant qua vorm
MAAR… dezelfde betekenis
bv. realiteit & werkelijkheid
1 vorm - 2 betekenissen
o verwant
lexicale morfologie
samenstelling
afleiding
verschillende, niet verschillende schrijfwijze dezelfde schrijfwijze
, verwante
betekenissen
verschillende klank - antonymie homograaf =
dezelfde schrijfwijze,
- hyponymie
verschillende klank
-> afhankelijk van
klemtoon
bv. regent, bedelen,
overlopen
dezelfde klank homofoon = klinkt homonymie
hetzelfde, maar
verschillende schrijfwijze
bv. kater, bank, bal
bv. hart - hard, luit - luid
o niet verwant
homonymie
2 vormen - 2 betekenissen
o verwant
homofonie
homografie
o niet verwant
geen verwantschap
SEMASIOLOGIE ONOMASIOLOGIE
, 1 vorm bv. hoofd 1 betekenis bv. overste
betekenis 1 vorm 1
lichaamsdeel hoofd
betekenis 2 vorm 2
vd tafel chef
betekenis 3 vorm 3
van een team baas
kunnen overstappen van het ene naar het andere → hangen samen
2.2 Categorieën - prototype
categorie LOGICA COGNITIEVE
PSYCHOLOGIE
GRENZEN? scherp vaag
INTERNE geen - kern: prototype elem.
STRUCTUUR?
- rand: marginale elem.
LIDMAATSCHAP? ja (1) of nee (0) gradueel/procentueel
=> er zijn gradaties van
-> voldoende & lidmaatschap
noodzakelijk -> ene is sterker lid
e
als de andere
voorwaarden