• Verkeerd document? Gratis ruilen
  • Geschreven door studenten die geslaagd zijn
  • Direct beschikbaar na je betaling
  • Online lezen of als PDF
Verkopen
Kies je studieland
Kies je taal
Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 80 pagina's
Samenvatting

Samenvatting 178 Oude examenvragen Logica en argumentatieleer | KU Leuven |

Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 80 pagina's

Verzameling van 178 oude examenvragen met antwoorden voor Logica en argumentatieleer in de opleiding rechten aan de KU Leuven. Deze vragen komen uit de periode tussen 2020 en 2026.

Voorbeeld van de inhoud

Oude examenvragen Logica en
argumentatieleer
(Zie alle antwoorden onderaan)


Vraag 1: De O-operator uit de deontische logica is:
A. Intentioneel en waarheidsfunctioneel
B. Intentioneel en niet waarheidsfunctioneel
C. Intentioneel en waarheidsfunctioneel
D. Intentioneel en niet waarheidsfunctioneel



Vraag 2: Stel dat minister Slimmerik de voorwaarden op asiel voor vluchtelingen wil
verstrengen. Als hij logisch nadenkt en deze cursus goed bestudeerd heeft, dan zal
hij

A. Een noodzakelijke voorwaarde op asiel voor vluchtelingen wegnemen
B. Een voldoende voorwaarde op asiel voor vluchtelingen toevoegen
C. Een noodzakelijke voorwaarde op asiel voor vluchtelingen toevoegen
D. Geen van deze drie


Vraag 3: Pietje Puk verwijt je het volgende :’ Je gelooft dat je vrij en onafhankelijk
bent omdat je in het Rijke Westen bent opgegroeid.’ Zijn argument illustreert
A. Dat culturele contexten en patronen kunnen verklaren waarom je iets gelooft
B. Dat je geen goede Epistemische redenen hebt om Pietje Puk te geloven
C. Dat Pietje Puk relativistisch argumenten gebruikt
D. Dat Pietje Puk een ad hominem argument gebruikt



Vraag 4: Waarom zijn de meeste (publieke) bedreigingen impliciet? Geef het meest
nauwkeurige antwoord.

A. Ze zijn impliciet omdat je voor een expliciete bedreiging strafbaar bent
B. Ze zijn impliciet omdat alleen juridisch gelegitimeerde instanties terechte
bedreigingen kunnen uiten
C. Ze zijn impliciet omdat, indien de bedreiger in de problemen komt, ze de
bedreiging plausibel kan ontkennen
D. Ze zijn impliciet omdat een bedreiging altijd de andere partij wil benadelen.

,Vraag 5: De wet zegt dat alleen rechters vonnissen kunnen vellen. De subalterne
bewering van deze propositie luidt dat
A. geen rechter mag vonnissen vellen
B. er vonnissen bestaan die door rechters geveld zijn
C. sommige rechters geen vonnis kunnen vellen
D. sommigen die vonnissen kunnen vellen, zijn geen rechter



Vraag 6: Volgens de duale procestheorie is systeem 1 denken:

A. snel, maar kost het veel energie.
B. snel en kost het weinig energie.
C. traag en kost het veel energie.
D. traag, maar kost het weinig energie.



Vraag 7: Welke uitspraak past niet in het rijtje?

A. Emoties worden automatisch geactiveerd
B. De rechtvaardiging van een emotie is een post hoc aangelegenheid
C. Emoties leiden tot uitstelgedrag
D. Emoties hebben impact op het hier en nu.



Vraag 8: Gegeven de volgende uitspraak: Ǝx((A(x) & B(x)) ⊃ C(x))

A. ¬∀x (¬C(x)) & A(x) & B(x))
B. ∀x (¬C(x) ⊃ (A(x) & B(x)))
C. ¬∀x (¬C(x) ⊃ ¬ (A(x) & B(x)))
D. ∀x (C(x) ⊃ (A(x) & B(x)))



Vraag 9: Gegeven de volgende redenering: ‘Als Edward een waarachtig rechter is,
moet hij Julie berechten. Alleen als hij haar minder dan 5 jaar celstraf geeft, moet hij
haar berechten. Dus als Edward een waarachtig rechter is, moet hij het recht laten
gelden.’ Welke premisse moet je hieraan toevoegen om een geldige redenering te
krijgen?

A. Als Edward Julie minder dan 5 jaar geeft, moet hij recht laten gelden
B. Als Edward recht moet laten gelden, moet hij Julie minder dan 5 jaar geven
C. Als Edward Julie niet minder dan 5 jaar geeft, moet hij geen recht laten gelden
D. Als Edward Julie minder dan 5 jaar geeft, moet hij geen recht laten gelden

,Vraag 10: Gelegenheidsrelativisme houdt in dat je expliciet stelt dat waarheid relatief
is (en dus iedereen gelijk heeft) wanneer je dreigt het debat te verliezen. Tegen deze
argumentatiestrategie kun je volgende inbrengen:

A. ‘Ik respecteer u als persoon, maar niet uw standpunt’
B. ‘Ik respecteer niet uw standpunt, want waarheid is objectief’
C. ‘U erkent mijn recht van spreken niet’
D. Geen van deze replieken



Vraag 11: Uit het feit dat Bart de Wever een NV-A politicus is, volgt in elk geval

A. Dat je zijn argumenten tegen een socialistisch voorstel niet ernstig moet
nemen
B. Dat je zijn argumenten tegen een socialistisch voorstel ernstig moet nemen
C. Dat zijn partijlidmaatschap niet bruikbaar is als ad hominem argument tegen
hem
D. Dat hij tegen zijn partijgenoten geen ad hominem argument kan gebruiken



Vraag 12: Consensus binnen een groep is
A. nooit het resultaat van een collectieve afspraak
B. een feilbare waarheidsindicator
C. een product van Systeem 1
D. eigen aan de afloop van een redelijke discussie



Vraag 13: Welke van de volgende uitspraken hoort zeker niet tot regels voor het
goed verloop van een uitwisseling van argumenten in een discussie?

A. De protagonist en de antagonist horen op elkaars argumenten te antwoorden
B. De protagonist en de antagonist moeten elkaar vertrouwen
C. De antagonist moet antwoorden op de argumenten van de protagonist
D. De antagonist en de protagonist moeten verzwegen premissen expliciet
kunnen maken


Vraag 14: ‘Het is niet omdat het wettelijk toegelaten is, dat het ook moreel
gerechtvaardigd is’, stelde een tegenstander van een controversiële juridische
uitspraak. Wat bedoelt die persoon met deze uitspraak?

A. dat het onwettelijke en het onrechtvaardige kunnen samengaan
B. dat het moreel rechtvaardige en het onwettelijke inconsistent zijn
C. dat het wettelijke iets moreel rechtvaardigs kan impliceren

, D. dat het wettelijke geen samenhang met het moreel gerechtvaardigde hoeft te
hebben


Vraag 15: Egodepletie is een psychologisch fenomeen dat optreedt

A. Tijdens dit examen logica, als je diep nadenkt over deze vraag
B. Wanneer je heel moe aan dit examen zou begonnen zijn
C. Wanneer Conner Rousseau een verkiezingstoespraak houdt en hij op zijn
racistische uitspraken wordt aangesproken
D. Wanneer je na dit makkelijke examen opgelucht thuiskomt



Vraag 16: De zinnen “Alle koeien eten gras” en “Geen koeien eten gras” zijn:

A. Contradictorisch
B. Contrair
C. Subcontrair
D. In subalternatie



Vraag 17: Welke van de volgende uitspraken is het meest plausibel?

A. Aanhangers van complottheorieën zijn altijd arme en domme mensen
B. Complottheorieën zijn niet falsifieerbaar
C. Complottheorieën zijn vaak onderdeel van propaganda
D. Een complothypothese is het resultaat van een verkeerde inductieve
redenering
Vraag 18: Wanneer je de conclusie van een geldige deductieve redenering niet
accepteert,
A. dan kun je toch de premissen accepteren
B. moet je een premisse verwerpen (ook al weet je niet precies welke)
C. kan je de redenering nog steeds correct beoordelen
D. moet je alle premissen verwerpen

Vraag 19: In een opiniestuk (De Standaard, februari 2021), stelt de Nederlandse
schrijver I.L. Pfeijffer het volgende (en hij schrijft dit in een context waarin hij het
‘politiek correcte’ denken aanklaagt):
‘Maar. Er is een maar. Het overkomt mij steeds vaker dat ik een inhoudelijke
overtuiging heb die mij met de verkeerde mensen dreigt te associëren. De vrijheid
van meningsuiting is een voorbeeld. Die kan voor mij nauwelijks verg genoeg gaan
en ik zal haar altijd met hand en tand verdedigen. Maar voor je het weet, kom je
daarmee in het kamp terecht van extreemrechtse provocateurs, complotteurs, virus-
en holocaustontkenners’.

Gekoppeld boek
 image
Filip Buekens, Lorenz Demey Redeneren en argumenteren
Uitgever: Onbekend ISBN: 9789463442138 Druk: 1

Documentinformatie

Studie
Heel boek samengevat?
Ja
Geüpload op
8 oktober 2026
Aantal pagina's
80
Geschreven in
2026/2027
Type
Samenvatting
$7.83

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Verkocht
1
Volgers
0
Items
1
Laatst verkocht
5 dagen geleden



Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen