- Casus wonde: beschrijving casus
o Welk soort wonde
o Welke categorie en wrm
o Observatie wonde volgens TIME
o Welk primair verband materiaal en wrm
o Welke soort debridement en wrm
o Welke kenmerken herken je op de foto en in de
casus
o Welke preventie maatregelen om erger of recedief
te voorkomen
- Altijd ander ex amen, maar deze vragen worden
telkens opnieuw gevraagd (1.2.3.4 jaar!!)
HOOFDSTUK 3 : T.I.M.E. CDST- model
= T.I.M.E. Clinical Decision Support Tool is een hulpmiddel om een wonde
systematisch te beoordelen, de oorzaak te achterhalen, een behandelplan op te
stellen en dit te evalueren.
De aanpak bestaat uit:
A → Anamnese & actieve beoordeling vd zorgvrager en wonde
B → Benadering op multidisciplinaire wijze
C → Correctie van oorzakelijke/instandhoudende factoren
D → Doelgericht denken en opstellen van een lokaal behandelplan
E → Evaluatie
A : Anamnese en actieve beoordeling van de zorgvrager en de
wonde
Eerste stap: welke soort wonde is het en wat is de oorzaak?
Exogene oorzaak
Acute wonden:
o Niet iatrogeen (tgv trauma)
Mechanisch → snijwonde, schaafwonde, skin tear
Thermisch → brandwonde, vriesletsel
Chemisch → chemische brandwonde, IAD
Elektrisch → elektrocutie
Straling → radiotherapie
Normaal helingsproces en helingstijd
o Iatrogeen = veroorzaakt door medisch ingrijpen, bv.:
chirurgische wonde
postoperatieve wonde
radiodermatitis
extravasatie
Endogene oorzaak
moeilijk helende wonde: geen normaal helingsproces en verlengde
helingstijd
, onderliggende stoornis is altijd afwijkende doorbloeding (ischemie)
o Arteriële vasculaire aandoeningen (bv. arteriosclerose) – arterieel
ulcus
o Veneuze vasculaire aandoeningen (bv. veneuze insufficiëntie) –
veneus ulcus
o Gemengde vasculaire aandoeningen – gemengd vasculair ulcus
o Diabetes – diabetesvoet
o Druk- en schuifkrachten – decubitus
o Kanker – oncologisch ulcus
o Infectie – erysipelas, abces, …
Atypische wonde
het klinisch beeld = ongewoon
de wonde zit op een abnormale plaats
de pijn niet in verhouding staat tot de wonde
de wonde is na 4–12 weken niet genezen ondanks een goed behandelplan
!! Doorverwijzen.
Zorgvragergebonden factoren
: Bij de wondbeoordeling kijk je niet alleen naar de wonde, maar ook naar de
patiënt.
Leeftijd en huidintegriteit
Kinderen: dunnere huid
Ouderen : vaker moeilijk helende wonden
Donkere huid: kleurveranderingen en tekenen van infectie/ischemie
kunnen moeilijker herkend worden + slechtere wondgenezing:
littekenvorming
Comorbiditeiten
Vasculaire insufficiëntie: arterieel, veneus, capillair
Stofwisselingsstoornissen: diabetes, nierinsufficiëntie
Longziekten: chronisch obstructief longlijden, cystische fibrose
Onderdrukking van immuunsysteem: oncologische ziekten, auto-
immuunaandoeningen
Ziekten van bindweefselvorming
Psychologische, mentale en sociale toestand
, Stress, slaap, roken, alcohol en drugsgebruik
Cognitieve stoornissen bijv. dementie
Gebrek aan therapietrouw
Lage sociale context, financiële problemen
Weerstand tegen infecties
Verminderde weerstand kan voorkomen bij:
diabetes
radiotherapie
chemotherapie
corticosteroïden
immunosuppressiva
RMicrobiële lading x virulentie = risico op infectie
weerstand gastheer
Voeding en hydratatie
Wonde: bijkomende nood aan energie en voedingsstoffen
Malnutritie: tekort, overmaat of onevenwicht
Energie (calorie-intake)
Eiwitten
Andere voedingsstoffen
Vocht: verminderde elasticiteit huid; grote wonden verlies van veel
wondvocht
Medicatie
Anticoagulantia
Anti-inflammatoire geneesmiddelen: NSAID’s en corticoïden
Immunosuppressiva
Cytostatica
Radiotherapie
Pijn
Soorten pijn
Achtergrond- of rustpijn
Doorbraakpijn
Procedurele pijn
Operatieve pijn
Inadequate pijnbestrijding = slechtere wondheling
Onvoldoende behandeling acute pijn kan leiden tot chronische pijn
Pijn meten
VAS
NRS
FACES
Factoren eigen aan de wonde
Datum ontstaan wonde
Type wonde
Uitgebreidheid en diepte