1. Atoombouw en Isotopen
Structuur van een atoom:
● Atomen bestaan uit een kern met protonen (positief geladen) en neutronen
(ongeladen), samen nucleonen genoemd.
● Rond de kern bewegen negatief geladen elektronen.
● Elektronen hebben verwaarloosbare massa.
● Massa van atomen wordt uitgedrukt in atomaire massa-eenheid (u).
● 1 u = 1,66 × 10⁻²⁷ kg.
Isotopen:
● Isotopen zijn atomen van hetzelfde element met een verschillend aantal neutronen.
● Ze hebben hetzelfde atoomnummer (Z), maar een verschillend massagetal
(A = Z + N).
● De stabiliteit van isotopen hangt af van de verhouding tussen protonen en neutronen.
● De stabiliteit wordt weergegeven in een nuclidenkaart: stabiele isotopen bevinden
zich in de stabiliteitsband.
2. Massa en Energie
Massadefect en Bindingsenergie:
● De massa van een kern is kleiner dan de som van de losse protonen en neutronen.
● Dit massadefect (Δm) komt overeen met de bindingsenergie via de formule E = mc².
● Bindingsenergie is de energie die vrijkomt bij het vormen van de kern of nodig is om
de kern te splitsen.
● Hoe groter de bindingsenergie per nucleon, hoe stabieler de kern.
Rustenergie:
● De rustenergie van een deeltje wordt gegeven door E₀ = m₀c².
● Kernen streven naar een toestand met zo laag mogelijke rustenergie.