Les 24/09
Inleiding
Niets vragen uit de reader die niet wordt behandeld in de les
Enkel eeuwen/ tijdsperiode => enkel datum bij iets belangrijk (bv.
Franse Rev)
Dia 16:
Vragen die criminologen stellen zijn relevant voor
- begrijpen criminaliteit
- impact ervan op individuen en onze sl
- ontwikkelen van evidence-based aanpak(gebaseerd op wetenschap ->
acties ontwikkelen dat aangetoond is dat ze effectief kunnen zijn) om
criminaliteit te verminderen, kritische reflecties bieden op gekozen acties
etc.
Dia 17:
Je hebt vandaag minder kans slachtoffer te worden van een crimineel feit dan
100 jaar geleden
Dia 18:
De veiligheidsparadox (hoe veiliger het wordt des te gevoeliger lijken we te
worden voor onveiligheid)
- “crime drop” (daling vd criminaliteit) versus onveiligheidsgevoelens
- Daling sinds jaren 1990 van eigendomsdelicten, -geweldsdelicten en
levensdelicten
- Nieuwe delicten: crimineel feit
Dia 20:
De meeste mensen die criminaliteit plegen, stoppen:
leeftijds-criminaliteitscurve
- je kan het nooit met zekerheid zeggen, je weet
het pas zeker als iemand overleden is
- adolescenten
- Er is een piek tussen de 18 en 25 jaar om
criminaliteit te plegen (doorzetten)
- Vanaf 25 jaar neemt de criminlaiteit af (desistence)
1
,Redenen waarom ze kunnen stoppen:
- minder impulsief / brein beter ontwikkeld
- sociale redenen (relaties)
- zelf willen stoppen
dia 21:
verschillende vormen van criminaliteit:
- Diefstal
- Structurele factoren: past niet meer in de cultuur (bepaalde structuur
gekregen waarin criminaliteit niet meer past)
- Drugsfenomenen
- Defensie
- Recovery room fraude (slachtoffer van bepaalde inbreuk) -> iemand houd
zich bezig met de nazorg bv. Computerfraude
Dia 23:
Hoe dachten we over criminaliteit doorheen de tijd
Ancien Régime: Koning, vorst bepaalde wat criminaliteit was
De koning wou voorbeeldstraffen om iedereen te tonen dat als je het gezag
van de koning gaat aantasten, je gestraft zou worden
Verlichting/Klassieke Strafrecht – focus op de daad
- Sociaal contract
o je geeft een deel van je vrijheid af als burger aan de OH en in ruil
krijgen we bescherming
- Rationele mens (kunnen nadenken over goed en slecht)
o Mensen kunnen zelf de voordelen en nadelen afwegen: voordelen >
verlies (gaan criminaliteit plegen)
o een gevangenisstraf heeft als doel vergelding: voorkomen dat een
dader weer de fout in gaat, afschrikken en beschermen van de
samenleving (focus op de schuld)
- Magna Charta, eerste codificaties
o Codificaties= wetten – > dat waren dat de eerste wetten want het
waren rationele mensen -> Magna Charta: regels vastgelegd over
rechtspraak o.b.v wetgeving = legaliteit, subsidiariteit, proportionaliteit
o Legaliteit: regel en straf staan in de wet bepaald, iedereen moet dus de
wet kennen om te weten of hij of zij de wet zal overtreden
2
,Positivisme – focus op de dader
- Criminaliteit is een gevolg van sociale factoren
- Gedetermineerde mens (bvb Lombroso)
o op basis van aangeboren kenmerken kon je bepalen of iemand al dan
niet criminaliteit kon plegen -> konden op voorhand al ingrijpen
- Sociale gevaarlijkheid
o De focus ligt op de daad en sociale gevaarlijkheid
Er worden sancties opgelegd, geen straffen -> we gaan voor mensen
zorgen want ze kunnen er niets aan doen want is voorbestemd
Dia 24:
Enge definitie criminaliteit: strafrecht: overtredingen, wanbedrijven,
misdaden -> misdrijven (2026)
- Sutherland (1949, 31) ‘het essentiële kenmerk van criminaliteit is dat het
gaat om gedrag dat door de staat verboden is als een aantasting van de
staat en waartegen de staat, ten minste als laatste redmiddel, kan
reageren met straf.’
- iets doen of iets niet doen (verzuim)
o je kan ook criminaliteit plegen door niet in te grijpen
o Het is veel meer dan strafrechtsovertredingen
o Verschillende vormen criminaliteit:
geluidsoverlast
dreigingen (mensen die nog geen crimi gepleegd, maar kan)
Deviantie (afwijken van de normen)
Radicalisering
- Maar Sutherland: criminologen moeten zich niet hiertoe beperken
Criminaliteit, deviant gedrag, overlast, onveiligheid, dreiging
Criminaliteit als sociaal construct
- Criminaliteit als een product van cultuur-gebonden sociale interactie.
Resultaat en gevolg van een interactie en onderhandeling tussen
individuen die samenleven in een complexe sociale groep. Zie ook sociaal
contract.
- Ook radicale stroming in (zie lessen Prof. Leloup)
- Variatie in tijd en ruimte
Dia 25-26:
Voorbeeld: roken, roken mag niet meer in restaurants, werk, openbare plaatsen -
> willen een rookvrije generatie
Vroeger was er geen wetgeving rond want er werd gezegd dat het niet gevaarlijk
was voor bv. Zwangere vrouwen -> nu is dat veranderd
Dia 27:
3
, Er komen nieuwe vormen van criminaliteit bij zoals ecocide (het opzettelijk
schade veroorzaken aan het milieu), maar ook enkele verdwenen (verstoren van
openbare orde)
Dia 28:
In sommige landen worden dingen als crimineel feit beschouwd en in andere
landen niet bv. Omtrent recht op abortus
Dia 29:
Criminaliteit en politiek
- Criminaliteit en de studie van criminaliteit vindt plaats in een sociale en
politieke context (Criminaliteit en politiek kan je niet afzonderlijk zien)
- Reflectie van de tijd waarin we leven
- Bvb American Prohibition (Er word geen alcohol meer geproduceerd), US
war on Drugs (geen drugs meer)
Hoe criminaliteit meten? (Criminologie als overheidsproject cfr infra)
- Statistieken
- Surveys (gesloten vragenlijst)
- Interviews
- Geregistreerde data (data die terechtgekoemen zijn in ons rechtsysteem)
versus dark number: (delecten die niet worden geraporteerd uit angst,
heeft het zelf niet door dat je het kan aangeven
- schaamte,…
dia 30:
- Garofalo: Italiaanse academische jurist ° concept
- Topinard: gebruikte voor het eerst het concept criminologie
Zagen “Criminologie als het Lombrosiaans project”: onderzoeken van
karakteristieken van mensen die criminaliteit plegen versus mensen die geen
criminaliteit plegen
DUS: Geboorte van criminologie is te situeren in periode van het
positivisme
- Versus
“Criminologie als overheidsproject”: empirisch onderzoek naar de
werking van politie, gevangenissen en de meting van criminaliteit
Garland: moderne criminologie is het product van deze 2 afzonderlijke
stromen
Dia 31:
Sutherland: “the study of the making of laws, the breaking of laws and
of society’s reaction to breaking the laws”
4